Ten strijde tegen tent en soepjurk

Karin Schacknat: Hoezo dik? Grote maten en mode. Uitg. Cantecleer, 104 blz. Prijs ƒ 44,50. Ledo Fashion Beekstraat 27, Arnhem. Inl 085-516900 Annalisa Steenstraat 65, Arnhem. Inl 085-428435 Nederlandse Obesitasvereniging Inl 033-638266.

Tienduizenden vrouwen in ons land zoeken tevergeefs naar iets van hun gading in de gewone kledingwinkels. Ze vinden zichzelf te dik. Volgens de Nederlandse Obesitas Vereniging heeft bijna 25% van de volwassen vrouwen een confectiemaat die groter is dan 44. Deze consumenten staan dus voor een probleem als zij de mode op de voet willen volgen en niet kapitaalkrachtig genoeg zijn om de diensten van een kleermaker in te schakelen.

Er bestaat een handjevol gespecialiseerde kledingwinkels voor grote maten in Nederland, zoals Annalisa, Ledo Fashion, of Mode Tineke - de C&A voor de grote maten - in Arnhem. Annalisa heeft ook goedkopere dameskleding, maar wie er chique uit wil zien moet het in de duurdere merken zoeken: in Givenchy en Plus, Persona (de grote versie van Max Mara), of Patrizia (Mondi). Vooral Persona heeft een mooie collectie, met eersteklas materialen en een slankmakende snit. Een zwart wollen mantelpak bij voorbeeld, met een elegante witte streep langs de revers, of een reversloos lavendelblauw pak met een bijpassende stippelblouse.

De collectie van Ledo Fashion is vooral jeugdig en bestaat uit kleurige katoenen truien van het Nederlandse merk Head over Heels of vrijetijdskleding van effen denim. Een ander opvallend merk is het Duitse Sisignora: wijde, genopte leggings met bijpassende doorknoop-t-shirts, geborduurd spijkergoed en gebloemde broeken.

Buiten deze speciaalzaken is het aanbod voor 42-plussers bedroevend klein. Bovendien is de collectie nogal conservatief: echt originele kleding is er zelden bij. Modejournaliste Karin Schacknat trok zich het lot van dikke vrouwen aan en schreef voor uitgeverij Cantecleer het zojuist verschenen Hoezo dik? Grote maten en mode. Een boek dat de strijd aanbindt met "tenten en soepjurken' en dat welgeschapenen een hart onder de riem wil steken, zonder al te veel concessies te doen aan het gezonde verstand. Ze relativeert de huidige schoonheidsnorm - slank en gespierd, als uiterlijke weerspiegeling van een geëmancipeerd, aktief bestaan - als tijdgebonden en aan mode onderhevig.

"Niet de kilo's en de ponden moeten verdwijnen, maar de negatieve bijbetekenis daarvan' schrijft Schacknat monter. Wie een "super size' lichaam heeft, valt in het straatbeeld toch al op. Geen enkele reden dus om zich niet uitbundig en met smaak te kleden, temeer omdat het de ongewenste associaties van dikte - gebrek aan discipline, slonzigheid - kan weerspreken. Een fors lichaam ziet er in een doordacht gesneden pak van mooie stof beter uit dan in een flodderjurk.

Wel vereist de aankleding voor dikkerds wat meer denkwerk dan voor de doorsnee consument. Schacknat geeft zinnige tips voor het samenstellen van een garderobe. Koop geen te krap zittende kleding, daarmee straal je alleen nog maar meer uit dat je té dik bent. Zoek naar "contrapunten' bij de compositie van je uiterlijk: breng wat scherpe vormen aan als tegenwicht tegen al het ronde: een V-hals bijvoorbeeld, of een rechthoekige mouwinzet. Ze vertelt hoe je optische versmallingen kunt aanbrengen in de vorm van een diagonale belijning of door bovenkleding die naar onderen smal toeloopt.

Het aardigste deel van het boek is het laatste: een mininaaicursus. Schacknat raadt iedereen die in de winkel niets kan vinden aan om vooral niet bij de pakken neer te gaan zitten, maar het heft in eigen hand te nemen. Ze geeft vier uitgewerkte basispatronen (voor een rok, een broek, een jasje en een tuniek) met alle nodige aanwijzingen voor het nemen van de eigen maat, het vergroten of verkleinen van de patronen (die gegeven zijn in maat 50), en het knippen en in elkaar zetten.

Voor onervaren naaisters is ook de paragraaf over de visuele werking van verschillende materialen - zoals kant of kunstbont - en dessins heel nuttig. Avondkleding met pailletten werkt beslist niet als slankmaker, een fors lichaam bedekt met meisjesachtig-onschuldige witte kant heeft gauw een taartachtig effect. Maar trucs om smaakvol en toch origineel uit de hoek te komen zijn er genoeg: een goede is bijvoorbeeld om materialen te "vervreemden'. Dat doe je als je een spijkerjasje uitvoert in fluweel, of een colbertje in lakplastic. Als extra hulp geeft Schacknat nog een introductie in de kleurenleer. Natuurlijk ziet iedereen dat er iets mis is met een fluorescerend roze mantelpak in mega-maat met een grijs pochet in de borstzak, terwijl andersom heel acceptabel is.

Al zal de lezer niet elk idee overnemen, Schacknats enthousiasme is aanstekelijk. Haar oplossing om kleding zelf te vervaardigen maakt bovendien een einde aan tal van winkelproblemen voor mensen met grote maten: je krijgt precies wat je wilt, het is goedkoop, en niemand lacht je uit als je niet in het pashokje past.