Socialisten hebben weinig tijd meer

PARIJS, 2 APRIL. De benoeming van Pierre Bérégovoy tot opvolger van Edith Cresson wordt in Parijs gezien als een wijze oplossing en tegelijkertijd als een anticlimax. Wijs omdat de bescheiden self-made minister van economie en financiën in Frankrijk en internationaal aanzien geniet als een pragmatische politicus die een gedegen beleid heeft gevoerd. Een anticlimax omdat Bérégovoy waarschijnlijk niet de man is die de socialistische partij uit het politieke isolement kan helpen, waarin ze verkeert na de zware nederlagen bij de recente verkiezingen.

President Mitterrand heeft ruim de tijd genomen voor zijn besluit om Edith Cresson te vervangen. Drie dagen lang was het een komen en gaan van socialistische kopstukken op het Elysée. Zelfs oud-premier Michel Rocard, die vorig jaar de laan werd uitgestuurd, mocht de president van advies dienen - voor het eerst sinds hij werd ontslagen. Mitterrand aarzelde zo lang met zijn besluit omdat de beste oplossing - Jacques Delors als premier - niet mogelijk was.

Naar eerst nu bekend is geworden, vroeg Mitterrand vorige week donderdag al aan Delors of hij zijn post van voorzitter van de Europese Commissie in Brussel wilde opgeven om Cresson op te volgen. Delors hield het verzoek in beraad, constateerde zondagavond dat de verkiezingen voor de departementale raden voor de socialistische partij een nog zwaardere nederlaag opleverden dan de regionale verkiezingen van een week tevoren en belde af. Maandag verklaarde een woordvoerder van Delors formeel dat zijn chef, die volgens opiniepeilingen de populairste politicus in Frankrijk is, in Brussel zou blijven.

Na de laatste electorale afstraffing - de socialisten kregen slechts 18,3 procent van de stemmen - was een wijziging van de regering politiek onvermijdelijk geworden. Cresson, als premier al maandenlang zeer impopulair, verklaarde zich bereid om op te stappen. Maar in een gesprek van 35 minuten met de president “ledigde Cresson haar tas”, zoals men in Frankrijk zegt - openhartig overstelpte ze Mitterrand met klachten over de "sabotage' van ministers en andere zwaargewichten in de Parti Socialiste, die haar voortdurend hadden dwars gezeten. Ze had ook ernstige verwijten aan het adres van Bérégovoy, die als super-minister van economie en financiën zijn eigen weg ging en zich niets aantrok van de "coördinatie' van de premier.

Cresson bracht Mitterrand kennelijk aan het twijfelen. Tenslotte kon “deze moedige vrouw” (de president over Cresson) niet verantwoordelijk gesteld worden voor alle problemen die ze aantrof toen ze het Matignon, de ambtswoning van de Franse premier, betrok: werkloosheid, immigratie, gevoelens van onzekerheid bij de bevolking en nog minder de politiek-financiële schandalen van de socialistische partij.

Mitterrand raakte ook geïrriteerd door Bérégovoy, die tijdens zijn gesprek met de president een papier te voorschijn haalde met daarop de namen van een aantal potentiële ministers. De Franse president is zuinig op zijn prerogatieven.

Naar verluidt heeft Mitterrand daarna alsnog geprobeerd Delors over te halen Brussel te verlaten. Welke voorwaarden Mitterrand en Delors hebben gesteld voor een eventuele overgang naar het Matignon is vooralsnog geheim. Maar verondersteld mag worden dat Delors een hoge prijs eiste - tenslotte zou hij kapitein worden van wrak schip, de socialistische partij, die na de electorale afstraffing is verlaten door alle potentiële bondgenoten, zoals de communisten en de groene partijen. Zelfs de eigenzinnige minister Brice Lalonde van milieubeheer, die met zijn Génération Écologie een van de grote winnaars van de verkiezingen was, keerde de socialisten de rug toe. Lalonde (“de politiek maakt me ziek”) zei dat hij niet in een nieuwe regering wilde terugkeren.

De meeste socialistische voormannen realiseren zich dat een nieuw gezicht in het Matignon nog geen nieuw beleid betekent waarmee het vertrouwen van de "mensen van links' kan worden teruggewonnen. Er is bovendien weinig tijd om het socialisme nieuwe inhoud te geven en morele waarden te herstellen, zoals partijsecretaris Laurent Fabius zei. Volgend jaar maart zijn er parlementsverkiezingen die de rechtse oppositie een ruime meerderheid in de Nationale Vergadering zullen geven - tenzij een wonder gebeurt. Dat wonder wordt nu dus verwacht van Pierre Bérégovoy, een oude en loyale vriend van Mitterrand.

Bérégovoy treft dezelfde problemen aan die Edith Creson erfde van haar voorganger Michel Rocard, en beschikt evenmin als zij over tovermiddelen om de grote structurele problemen op korte termijn op te lossen. Maar de voormalige minister van financiën beschikt over aanzien in de financiële wereld en bij vele kiezers en is niet belast met het morele verval dat zoveel andere socialistische kopstukken aankleeft. Maar de oppositie die bloed heeft geroken, zal voor Bérégovoy even hard zijn als ze nu vriendelijk is voor Cresson, de vrouw die, zoals een gaullistisch Kamerlid zei, “er ook niets aan kon doen”.