Jo en Theo

Ze hebben dezelfde lengte en een ongeveer even grote snor. Maar verder: verschillend postuur en stem, de één met, de ander zonder bril, de één met sprieten op zijn hoofd, de ander met een vacht dat zich als bij een dier om zijn schedel draait.

Ik zag beiden bezig met de uitoefening van hun beroep: sprekend tot een groep personen. Jo zondagsmiddags in Amsterdam, Theo op maandagochtend bij mij in de klas. O ja, ze lijken allebei best aardig, zo van ""nog een pilsje, Jo en Theo?'', ""Ja, gezellig'': de minister en de boswachter.

Het is koud in "De IJsbreker'. Wat wil je met zo'n naam. Daar was de minister aan een Van Dis-achtig tafeltje, met naast zich in plaats van de nationale beroemdheid een gebronsde medewerker van deze krant. Het publiek bestond vooral uit mopperende leraren, maar er zaten ook drie kamerleden en zoals iemand mompelde, ambtelijke top. M'n buurvrouw klaagde over de lucht onder de tribune. De moeder aller moeders Netelenbos (PvdA) deelde preventief hoestbonbons uit aan haar collega's. Franssen (VVD) zal als de deugd in het midden: in Nederland is oppositie een deugd. Van der Camp (CDA) toonde vakantiekiekjes.

Dit was het Nederlands Onderwijs Debat aflevering 2. Ritzen wilde een klein gezelschap overtuigen van zijn nut. Aardig van de man. Na een solo van de minister las een mevrouw langdurig van papier, waarbij zij meerdere onderwijskundige onderwerpen door elkaar haalde. De gebronsde medewerker van deze krant broedde op een hatelijke opmerking. De minister antwoordde. Hij was het er in grote trekken mee eens. Dat heb ik heel goed onthouden. Hij was het met alles in grote trekken eens. En met zo'n opgewekt gezicht. ""Nog een pilsje, Jo?'' ""Ja, gezellig''. Hoewel, hij heeft een wel erg macrobiotisch lijf.

De man let heel goed op. Hij bleef schijnbaar zinnige antwoorden geven, terwijl ik allang niet meer wist waarover het ging. ""Lumsum'' hoorde ik Jo zeggen en zoals hij het zegt, denk je onmiddellijk aan een gehucht ten zuidwesten van Drachten. Propageert hij daarom het gebruik van de Engelse taal, zodat hij z'n uitspraak kan verbeteren? Hij let echt goed op. Anders kom je in de koel (= mijn), zei z'n onderwijzer vroeger, zo vertelde hij. Jo kijkt wel uit. De middag verliep.

Eén goede opmerking had de minister: Opinion leaders (Ritzeniaans) houden zich te veel bezig met hoogbegaafden en hebben te weinig aandacht voor de verliezers in het onderwijs. Waar.

De volgende dag toonde boswachter Theo dia's van een natuurgebied in de buurt en praatte met zachte stem over uitstervende korhoenders, het belang van de natuur en de bedreiging door de mens. Mijn leerlingen waren doodstil. Het was een les ergens op een school, een gebeurtenis van weinig belang, maar toch: meer waard dan het debat.