EDITH CRESSON; De kleine soldaat die faalde

PARIJS, 2 APRIL. Enkele maanden na haar benoeming tot premier suggereerde een lid van de oppositie in de Nationale Vergadering dat Edith Cresson de eerste vrouwelijke premier van Frankrijk was geworden wegens haar vriendschap met president François Mitterrand. Deputé d'Aubert vergeleek haar met Madame de Pompadour, de matresse van Lodewijk XIV, die niet alleen achter de kamerschermen veel invloed had. Cresson reageerde gevat: “Tweehonderd jaar na de Franse revolutie leeft de heer d'Aubert nog in het boudoir. Misschien ben ik een gunstelinge, maar dan van mijn kiezers.”

De Franse kiezers hebben gesproken. Eerst in de talloze opiniepeilingen waarmee de Franse media hun eigen nieuws maken: Cresson bleek de laatste maanden onveranderlijk de minst populaire Franse regeringsleider sinds de Tweede Wereldoorlog.

Vervolgens bleek in de lokale verkiezingen van de afgelopen twee weekeinden dat Edith Cresson haar politieke legitimiteit als "chef de gouvernement' volledig had verloren. In Chatellerault, de stad waar ze burgemeester is, kwam ze bij de meest recente departementale verkiezingen maar net met de hakken over de sloot.

Tonton (oompje) in het Elysée heeft Cresson nu aan de kant gezet. De “kleine soldaat” (Mitterrand over Cresson) is niet langer bruikbaar op de post van bevelhebber in het Matignon, de ambtswoning van de Franse premier. De president had altijd bewondering voor haar moed en strijdbaarheid en haar energie, die hij herhaaldelijk prees. Maar de “ijzeren dame van het mitterandisme” kon het electorale verval van de Franse socialistische partij niet keren in de ruim tien elf maanden dat ze leiding gaf aan de regering. Dat is natuurlijk niet uitsluitend aan Cresson te wijten omdat ze niet van ijzer was, maar meer aan het mitterandisme zelf.

De "donderende dialoog' waarmee Cresson in haar eerste maanden als regeringschef begon - Mitterrand had haar dit als devies meegegegen - had vooral negatieve effecten. Haar uitlatingen over homoseksualiteit als “vaker voorkomend verschijnsel” in Angelsaksische landen en haar kritiek op de Japanners “die als mieren werken” deden afbreuk aan haar gezag, niet alleen in die landen “waar men op straat niet naar vrouwen kijkt” maar ook in Frankrijk zelf en bij het Franse bedrijfsleven in Japan. Cressons confrontatiepolitiek tegen de industriële opmars van Japan leed vorig jaar al na enkele weken schipbreuk.

Cresson kon in de elf maanden van haar premierschap uiteraard geen oplossingen vinden voor de grote vraagstukken die ze erfde van haar voorganger Michel Rocard, zoals de immigratie en de werkloosheid, die het afgelopen jaar alleen maar gestadig toenam. En nog minder voor de politiek-financiële schandalen die de Parti Socialiste blijven achtervolgen, hoewel ze zelf nimmer bij enig schandaal was betrokken. Cresson concentreerde zich met grote energie op het industriebeleid dat ze beschouwde als de sleutel voor de bevordering van de Franse economie en de bestrijding van de werkloosheid.

Onder haar leiding werd het financieel zwakke onderdeel consumentenelectronica van het nationale Thomsonconcern gekoppeld aan het Commissariaat voor de Atoomenergie, de winstgevende "koepel' over de Franse nucleaire industrie. De noodlijdende computerfabrikant Bull, ook een staatsonderneming, werd aan de Amerikaanse gigant IBM gekoppeld. Ze nam ook een aantal maatregelen ter bestrijding van de werkloosheid, zoals financiële verlichting voor kleine- en middelgrote bedrijven en nieuwe vormen van omscholing. De effecten daarvan kunnen pas op langere termijn worden beoordeeld.

Politiek noch moreel slaagde Cresson erin gezag te verwerven. Niet alleen niet bij de Franse kiezers, maar nog minder bij de "olifanten' in de Parti Socialiste, die elkaar binnen en buiten de regering bestrijden. Cresson die een afkeer heeft van de partijbonzen - ze hield zich altijd ver van alle verschillende stromingen - en van technocraten, drong de afgelopen maanden enkele keren tevergeefs bij Mitterrand aan op wijziging van de regeringsploeg. In de weken voor de electorale afstraffing van de socialisten was Cresson, de impopulaire regeringsleider, onzichtbaar. Zoals een "kleine soldaat' onder bevel van een bejaarde generaal betaamt.