Dollars voor Rusland

DE WESTERSE STEUN aan de economische omwentelingen in Rusland is uit de startblokken.

Het grootste hulppakket dat ooit voor een afzonderlijk land is samengesteld werd gisteren gelijktijdig in Bonn en Washington aangekondigd: achttien miljard importsteun voor Rusland en zes miljard ter stabilisering van de Russische roebel. Het is meer dan de Russische hervormers een maand geleden vroegen en gezien de chaotische omstandigheden in de voormalige Sovjet-Unie in het afgelopen jaar is het hulppakket toch nog met behoorlijke snelheid in elkaar gezet.

Maar is het voldoende en komt het op tijd? De Russische economie is bezig in elkaar te storten nu de stalen banden van de communistische heerschappij die de boel bij elkaar hielden zijn doorgeknipt. De ontrafeling van de commando-economie gaat met ongekende krampen gepaard. Nu de centrale planning niet langer regelt hoe de grondstoffen uit een fabriek in de ene uithoek van het Sovjet-imperium naar de verwerkende industrie in de andere uithoek moeten worden gedirigeerd, valt de produktie in rivaliserende republieken stil. De export naar de voormalige satellietlanden stort in, de import keldert door gebrek aan harde valuta. De levensstandaard daalt en een kader om de markteconomie gestalte te geven ontbreekt.

Jegor Gaidar, de jonge dertiger die leiding geeft aan het economische hervormingsprogramma in Rusland, hoopt met de Westerse steun de hervormingen te kunnen voortzetten en een geldsanering te kunnen doorvoeren zodat de waardeloze roebel vervangen wordt door een sterkere munt. Dat is onder meer nodig om de uitgeholde koopkracht van de Russen te kunnen herstellen. Gaidar wil het gemiddelde inkomen van omgerekend twintig dollar per maand opkrikken tot honderd dollar per maand. Het stabilisatiefonds voor de roebel moet daaraan de financiële dekking geven, terwijl de importsteun Rusland in staat stelt hoognodige buitenlandse goederen te kopen om de binnenlandse schaarste te verminderen. De Westerse kredietverlening is dus vooral ondersteuning van de consumptie en nog nauwelijks financiering van de economische herstructurering.

HET HULPPAKKET is voor de Westerse landen een waterscheiding. Duitsland hoeft niet langer nagenoeg alleen de last van steun aan Rusland te dragen. Het IMF, de Wereldbank en de Ontwikkelingsbank voor Oost-Europa zetten nu hun schouders onder de financiering van het hervormingsproces. Bovendien is Duitsland er in geslaagd om de Verenigde Staten over de streep te trekken. De Amerikaanse regering blokkeert al ruim twee jaar een verhoging van het kapitaal van het IMF, dat onder meer nodig is om steun aan Oost-Europa te financieren. President Bush heeft eindelijk laten weten te gaan lobbyen in het Congres voor het Amerikaanse aandeel in de noodzakelijke kapitaalsverhoging.

Bush heeft Rusland in zijn verkiezingscampagne gepast. Zijn vermoedelijke Democratische tegenstander in de komende presidentsverkiezingen, Bill Clinton, drukte hij uit de media door de Amerikaanse bijdrage aan het Rusland-pakket bekend te maken juist toen Clinton kritiek leverde op de inertie van het Witte Huis waar het steun aan het GOS betreft. De uitdaging van oud-president Nixon, die van mening is dat de Amerikaanse regering krachtige steun moet geven aan de hervormingen in Rusland, is door Bush opgepakt.

DIT IS HET BEGIN, meer zal volgen en het ergste is nog niet geweest. Na Rusland zullen de overige republieken een hervormingsprogramma opstellen en voor financiering bij het Westen aankloppen. Het gaat om republieken die in 1917 uit de feodaliteit overstapten naar het communisme. Met uitzondering van Rusland zijn ze nooit onafhankelijk geweest en ze staan nu voor de veelvoudige taak om onderontwikkeling, wederopbouw en moderne staatsvorming met elkaar te combineren. Het is een situatie die doet denken aan die in Afrika en Azië na de dekolonisatie in de jaren zestig, en dat dempt de hoop op snelle resultaten.