Arabieren kritiseren sancties; Gaddafi zinspeelt op olieboycot

KAIRO/ NEW YORK, 2 APRIL. Syrië, Tunesië, Libanon, Jordanië, de PLO en de Arabische Liga hebben gisteren scherpe kritiek geleverd op de aanvaarding door de Veiligheidsraad van sancties tegen Libië wegens zijn weigering twee staatsburgers voor berechting in de zaak-Lockerbie aan het Westen uit te leveren.

De Libische leider Gaddafi dreigde met een olie-embargo tegen met name Frankrijk en Groot-Brittannië, die samen met de VS de aanzet tot de sancties hebben gegeven.

In Arabische hoofdsteden werd er veelal op gewezen dat er kennelijk een dubbele standaard geldt: een voor de Arabische landen en een van Israel. De Libanese minister van buitenlandse zaken bij voorbeeld onderstreepte dat de VN herhaalde Israelische agressie negeren. Een pro-regeringskrant in de Golfstaat Bahrein schreef dat “de groten de wereld wat zij willen kunnen opleggen”. Het was gisteren nog niet duidelijk of de Arabische landen zich zullen houden aan de bindende VN-sancties, die op 15 april ingaan en met name een luchtvaart- en wapenembargo omvatten.

In Libië vroeg het ministerie van buitenlandse zaken zich af welke wet de Veiligheidsraad van toepassing had geacht. “Het is vast de wet van achtervolgingswaanzin, niet het internationaal recht, dat is gebaseerd op internationale overeenkomsten.” Libië, dat zegt zijn eigen staatsburgers niet te kunnen uitleveren, heeft de zaak voorgelegd aan het Internationaal Gerechtshof.

In de Libische steden gingen gisteren volgens het officiële persbureau JANA “woedende massa's de straat op met groene vlaggen, portretten van de leider van de revolutie en borden die hun afwijzing van deze schandelijke resolutie uitdrukten”. Maar de Libische televisie toonde alleen maar een paar honderd studenten in de hoofdstad Tripoli, die in de richting van de camera schreeuwden en zwaaiden.

Gaddafi zelf dreigde gisteren in een vraaggesprek met een Italiaans weekblad met een olieboycot tegen “degene die de zaak van mijn volk niet steunt”: “hij zal niets meer hebben, olie noch handel”. Hij noemde echter alleen Frankrijk en Groot-Brittannië, “eenvoudige marionetten van de Verenigde Staten”. Zijn grootste afnemers zijn Italië en Duitsland, die respectievelijk 32 en 16 procent van hun olie uit Libië halen. Frankrijk importeert slechts een fractie van zijn olie uit Libië. Olie-experts twijfelen er overigens aan dat Libië zijn olie als wapen zal gebruiken, aangezien die ongeveer 95 procent van zijn inkomsten vormt. (Reuter, AP, AFP)