Nederland bouwt helft Eemscentrale

HEINO, 1 APRIL. Nederlandse bedrijven dragen voor 1,2 miljard gulden bij aan het werk voor de nieuwe Eemscentrale die de komende jaren in Noord-Groningen wordt gebouwd.

Inclusief de bouw en de aanleg van infrastructuur krijgt het Nederlandse bedrijfsleven ongeveer 60 procent van de orders. Van de technische installaties, die in totaal 1,75 miljard gulden kosten, nemen Nederlandse bedrijven 40 procent van de opdrachten voor hun rekening.

Dit zei ir. L.M.J. van Halderen, directievoorzitter van de Elektriciteits Produktiemaatschappij Oost en Noord Nederland (EPON) gisteren bij de ondertekening van het contract voor de nieuwe centrale, met de directie van het Frans-Britse bedrijf GEC Alsthom. De totale kosten van dit project belopen ruim 2,5 miljard gulden.

GEC Alsthom levert de stoom- en gas-generatoren, belangrijkste onderdelen voor de nieuwe elektriciteitscentrale, die uit vijf eenheden van elk 350 megawatt bestaat. De eerste drie eenheden moeten in 1995 stroom leveren en de laatste twee worden in 1996 op het hoogspanningsnet aangesloten. Stork maakt de ketels, goed voor 800 manjaren werk. Dat betekent een heel jaar werk voor de Stork-fabriek in Hengelo. Smit Transformatoren in Nijmegen zorgt voor de machinetransformatoren en Hartmann en Braun in Delft de regel- en signaleringsinstallaties. Onderhandelingen zijn nog gaan met diverse Nederlandse bedrijven over de andere opdrachten.

De Eemscentrale (totaal vermogen 1700 megawatt) wordt een van de grootste en modernste installaties in zijn soort ter wereld, met een “zeer hoog” rendement, van 55 procent. Zowel met verbrandingsgassen als met de stoom die bij het proces wordt opgewekt, wordt elektriciteit gemaakt door in elke eenheid twee generatoren te gebruiken. Als brandstof wordt goedkoop, uit Noorwegen geïmporteerd aardgas gebruikt. Statoil, de Noorse staatsoliemaatschapopij, levert dit gas tegen de prijs van kolen, terwijl de Nederlandse aardgasprijs is gekoppeld aan de waarde van stookolie.

De milieu-effecten van de Eemscentrale zijn volgens Van Halderen relatief gering. Voor de reiniging van het koelwater worden geen chemicaliën gebruikt en per eenheid geproduceerde stroom is minder koelwater nodig dan bij een conventionele centrale. Door het hanteren van één as voor elke eenheid van de centrale, waarop alle draaiende delen zijn aangesloten, worden de energieverliezen zo laag mogelijk gehouden. Door de combinatie van deze technieken is het rendement ook hoger dan bij kleine warmte/krachtcentrales. Maar ook de restwarmte die bij het proces aan de Eems ontstaat, zal worden gebruikt. Onderhandelingen zijn gaande om stoom te leveren aan tuinders die daarmee hun broeikassen kunnen verwarmen, en mogelijk voor wijkverwarming in diverse Groningse plaatsen in de buurt.

Ir. Van Halderen sluit niet uit dat zijn produktiemaatschappij in de toekomst een contract voor de levering van elektriciteit afsluit met de aluminiumsmelterij Aldel in Delfzijl, een dochteronderneming van Hoogovens. Het voortbestaan van deze onderneming staat op het spel omdat het contract tussen Aldel en de Gasunie in 1998 afloopt. In de eerste plaats is dit nu een zaak van het ministerie van economische zaken en de Gasunie, zegt Van Halderen, “maar wij als energiesector hebben altijd belang bij een rechtstreekse, goede relatie met een grote afnemer”.

De Elektriciteitswet maakt tariefafspraken tussen industriële afnemers en elektriciteitsproducenten mogelijk. De nieuwe Eemscentrale zal bijdragen aan de produktie van relatief goedkope stroom omdat het contract met Statoil zorgt voor goedkoop aardgas gedurende twintig jaar.

Tekening: Een van de vijf eenheden die de nieuwe Eemscentrale vormen. De in de eenheid gecombineerde stoom- en gasturbines, alle op een aandrijfas, kunnen straks 350 megawatt elektriciteit leveren.