Ghanese ambassadeur eist toestemming om landgenoten in cel te bezoeken; Conflict over aangehouden Ghanezen

DEN HAAG, 1 ARPIL. Tussen Ghana en Nederland is een conflict ontstaan over de behandeling van de vorige maand in Nederland aangehouden Ghanezen die volgens Justitie een drugsbende vormen.

De ambassadeur van Ghana voor de Benelux A. Abankwa eist van het ministerie van justitie in Den Haag toestemming om de in Nederland gedetineerde landgenoten te bezoeken om dezen bijstand te verlenen. Nederland weigert het verzoek van de ambassadeur in te willigen.

De Ghanese consul R.K. Badu zegt dat Nederland hiermee de Weense conventie inzake het diplomatieke verkeer schendt. In artikel 36 van die Conventie staat dat diplomaten toegang moeten krijgen tot gedetineerde landgenoten tenzij de gevangenen dit “expliciet weigeren”.

“Het is belachelijk dat wij Ghanezen die met langdurige vrijheidsstraffen worden bedreigd, niet zouden mogen opzoeken. Als in Ghana een Nederlander wordt gearresteerd, mag hij onmiddellijk door de Nederlandse ambassadeur worden bezocht”, aldus Badu.

Justitie zegt dat een bezoek van de Ghanese ambassade aan de ongeveer twintig Ghanese gedetineerden alleen zal worden toegestaan indien de verdachten daar expliciet om vragen. Justitie heeft wel toegezegd de Ghanese gedetineerden te informeren over de wensen van de Ghanese ambassade maar de afgelopen weken is dat volgens verscheidene advocaten niet gebeurd. Het openbaar ministerie in Amsterdam zegt geen instructie te hebben ontvangen om de verdachten te informeren over een mogelijk bezoek van Ghanese diplomaten.

Consul Badu zegt dat de Ghanese diplomatieke vertegenwoordigers door Nederland “van het kastje naar de muur worden gestuurd”. Na het weigeren van ontvangst door de Amsterdamse politie, zijn de Ghanese ambassadeur en de consul op 19 maart in Den Haag op het ministerie van justitie ontvangen door het hoofd van de afdeling Vreemdelingenzaken van het departement en de chef van de vreemdelingenpolitie in Amsterdam.

In dat onderhoud is ook toegezegd dat de Ghanese autoriteiten bij het strafrechtelijke onderzoek worden betrokken. Badu zegt dat Ghana assistentie wil verlenen bij het opsporingsonderzoek. Hij wijst erop dat de Amsterdamse politie heeft verklaard dat de opbrengsten van jarenlange drugssmokkel door de verdachten in Ghana zijn geïnvesteerd. Ghana zegt dergelijke ernstige beschuldigingen te willen onderzoeken.

“Ghana is net als Nederland aangesloten bij de internationale politie-organisatie Interpol. Bij de bestrijding van drugshandel werken wij onder andere intensief samen met de Verenigde Staten en Engeland. Wij begrijpen daarom niet waarom Nederland ons zo wantrouwig behandeld”, aldus Badu. Hij wijst erop dat in zijn land strenge straffen staan op handel in drugs.

Een woordvoerder van het ministerie van justitie zegt dat Ghana nog niet is ingeschakeld bij het justitiële onderzoek omdat dit nog niet nodig is gebleken. Informeel valt bij het departement te beluisteren dat Justitie bang is dat bij samenwerking informatie in handen komt van handlangers van de nu aangehouden verdachten. Ghana en met name Nigeria staan bij het departement te boek als landen waar de drugsmafia op grote schaal is geïnfiltreerd in het overheidsapparaat.

Het verzoek van de ambassade om een bezoek aan verdachten te kunnen afleggen, wordt volgens welingelichte justitiële bron ook om vergelijkbare redenen afgehouden. Justitie is bang dat nu aangehouden verdachten in hun cel worden geïntimideerd.

De Ghanese ambassade in Brussel heeft gisteren een verklaring ontvangen van het ministerie van buitenlandse zaken in Den Haag. Daarin worden de beschuldigingen over de vermeende betrokkenheid bij drugshandel van duizenden illegale Ghanezen in ons land geweten aan “perspublikaties”. Badu zegt die verklaring niet geloofwaardig te vinden. Hij wijst erop dat de politie de voorlichting in deze zaak actief ter hand heeft genomen. “De beschuldigingen aan het adres van de Ghanese gemeenschap zijn gedaan op een door Justitie georganiseerde persconferentie”.

Consul Badu zegt er nog op te vertrouwen dat het nu gerezen geschil met Nederland door overleg kan worden opgelost. Een concept-protestnota is door de ambassade evenwel al opgesteld. “Maar we willen voorkomen dat de zaak escaleert”, aldus Badu.