Samenwerking tussen banken Reaal Groep op losse schroeven

ROTTERDAM, 31 JAN. De samenwerking tussen de drie banken binnen de in 1990 gefuseerde Reaal Groep in Den Haag is op problemen gestuit. De raad van commissarissen bekijkt nu of de eventuele integratie nog kan doorgaan.

Reaal is in 1990 ontstaan uit een fusie tussen een vijftal verzekeringsmaatschappijen en banken die sterke bindingen hadden met de vakbeweging. Zo opereren de verzekeringsmaatschappijen De Centrale Verzekeringen en Concordia na de fusie onder de naam Reaal Verzekeringen. De samenvoeging van de twee maatschapijen met de reclamekreet “Een nieuw gezicht in verzekeren” ging relatief snel en het ligt in de bedoeling dat de verzekeringstak in oktober dit jaar een nieuw hoofdkantoor in Utrecht betrekt.

Maar de samenwerking tussen de banken, verenigd in de Reaal Groep, verloopt minder voorspoedig. De Reaal Groep is een houdstermaatschappij van De Centrale Volksbank uit Utrecht, De Algemene Spaarbank voor Nederland (de bank voor "rente zonder bijsmaak') met vestiging in Den Haag en de Hollandse Koopmansbank met kantoor in Amsterdam.

“Het was oorspronkelijk de bedoeling hen samen te laten gaan, maar dat is niet eenvouding omdat ze onderling sterk verschillen”, aldus een woordvoerder. Afgezien van de verschillende vestigingsplaatsen speelt ook een rol dat de financiële instellingen zich ieder op een ander publiek richten, zo verklaart hij, “We hadden verwacht dat de samenwerking vlotter zou verlopen”.

Bij de raad van commissarissen en het bestuur van de groep ligt nu een rapport op tafel met een advies. Over de inhoud en de strekking van het stuk wil de woordvoerder geen uitspraak doen, zo lang de raad van commissarissen nog geen beslissing heeft genomen, maar “op korte termijn zullen we iets bekendmaken”.

De integratie van de verzekeraars heeft Reaal Verzekeringen een lieve duit gekost. Daardoor zal de verzekeringstak volgens de zegsman “eenzelfde resultaat” behalen als in 1990. In dat fusiejaar behaalden De Centrale en Concordia een nettowinst van 23 miljoen gulden. “De fusie van de verzekeringbedrijven veroorzaakte hoge kosten door het koppelen van de computers en software”, aldus de woorvoerder, “Systeemintegratie is een dure zaak”. Mochten de banken gaan samenwerken, dan zullen volgens zijn verwachting opnieuw extra kosten tevoorschijn komen. Hoe hoog die gaan worden, wilde hij niet voorspellen.