CHARLES HAUGHEY; De grote overlever

DUBLIN, 31 JAN. De Ierse premier Charles Haughey (66), die gisteren bekendmaakte dat hij volgende week aftreedt, heeft zijn bijnaam "de grote overlever' ruimschoots verdiend door de manier waarop hij schandalen steeds van zich wist af te schudden. Een telefoon-afluisterschandaal van tien jaar geleden is hem uiteindelijk fataal geworden.

Meer dan een decennium lang heeft hij de Ierse politiek gedomineerd. Tegenstanders zagen de flamboyante self made-miljonair, een voormalige accountant die een privé-eiland bezit aan de kust van West-Ierland, als een naar macht hongerende, meedogenloze autocraat. Aanhangers, die op partijbijeenkomsten het "Rise Up and Follow Charlie' plachten te zingen, beschouwden hem als een elegante en zwierige leider met het schelmachtige imago van een door de wol geverfde volksvertegenwoordiger.

Haughey is een doorgewinterde republikein, die de Britse provincie Noord-Ierland als niet levensvatbaar beschouwde. Op die mening liep zijn carrière bijna stuk, nog voordat hij de top had bereikt. In 1970 werd hij beschuldigd van betrokkenheid bij wapensmokkel voor Noordierse terroristen. Ondanks vrijspraak werd hij gedwongen af te treden als minister van financiën en verdween hij in de politieke wildernis.

Haughey vocht zich terug naar het centrum van de macht. In 1979 volgde hij Jack Lynch op als partijleider. Maar binnen zeventien maanden lag hij er weer uit. Hij kwam terug in 1982 als leider van een minderheidsregering, maar binnen zijn partij Fianna Fail smeulden opstandige elementen en "dissidenten' probeerden hem tot driemaal toe af te zetten. Er waren schandalen in overvloed: een wegens moord gezochte man werd aangetroffen in de flat van de procureur-generaal, Haugheys campagneleider werd beschuldigd van twee keer stemmen en het aftappen van de telefoon van twee journalisten ontketende een schandaal dat hem tien jaar later de das omdeed.

Dissident Desmond O'Mally brak met de partij en richtte de Progressief-Democratische Partij op die in de verkiezingen van 1987 veertien zetels veroverde en Haughey zijn meerderheidspositie ontnam.

Onverschrokken begon Haughey aan zijn derde bezuinigingsronde, vastbesloten om Ierlands grote staatsschulden te verkleinen door draconische vermindering van de staatsuitgaven, hetgeen door de werkgevers met gejuich werd begroet.

In 1989, toen zijn polulariteit in opiniepeilingen tot ongekende hoogte was gestegen, gokte hij erop de meerderheid van de stemmen te kunnen krijgen die tot dan toe aan hem was voorbijgegaan. Dit was een van zijn grootste blunders. Hij verloor uiteindelijk vier zetels en zag zich gedwongen zijn diepe afkeer voor O'Malley opzij te zetten en een coalitieregering te vormen met de Progressieve Democraten.

In het eerste halfjaar van 1990 speelde Haughey een vooraanstaande rol tijdens het Ierse voorzitterschap van de Europese Gemeenschap - een periode met ingrijpende veranderingen in Oost-Europa en Duitsland.

Haughey en de Progressieve Democraten raakten in 1990 verstrikt in een zware strijd toen O'Malley aandrong op het ontslag van de minister van defensie (en presidentskandidaat) Brian Lenihan, die was verwikkeld in een politiek schandaal tijdens de Ierse presidentsverkiezingen. Lenihan verloor de verkiezingsstrijd aan Labourkandidate Mary Robinson, die het eerste vrouwelijke staatshoofd van Ierland werd.

Vorig jaar werd Haughey scherp bekritiseerd om zijn behandeling van financiële schandalen in staatsbedrijven. Maar met gemak overleefde hij in november weer een crisis; hij vroeg een vertrouwensvotum en kreeg 55 tegen 22 stemmen.

De Progressieve Democraten hebben hem uiteindelijk de das omgedaan. Zij eisten zijn aftreden nadat voormalig minister van justitie Sean Doherty onlangs verklaarde dat Haughey op de hoogte was van het afluisteren van de twee journalisten uit Dublin in 1982 - een beschuldiging die Haughey tot op het eind krachtig heeft ontkend. (Reuter)