VN kunnen hun vredestaken niet betalen

GENÈVE, 30 JAN. Het begint een vertrouwd beeld te worden op het tv-journaal: militairen met opvallende blauwe baretten uit Fiji, Nigeria of Finland die hun plunjezak uitladen op de luchthavens van San Salvador, Phnom Penh of Nouakchott. Opgezadeld met onmogelijke acroniemen, zoals UNIIMOG, UNMOGIP of UNAMIC, voeren deze “naamloze, vaak vergeten mannen”, zoals de vroegere onder-secretaris-generaal van de VN Brian Urquhart ze noemt, de talloze vredestaken uit van de Verenigde Naties.

In de afgelopen 36 maanden heeft een ambitieuze Veiligheidsraad, ontdaan van Oost-West-tegenstellingen, opdracht gegeven tot meer vredesoperaties dan in de voorgaande 46 jaren samen. De 166 lidstaten in de Algemene Vergadering bewijzen gemakkelijk lippendienst aan de eervolle doelstellingen van het VN-Handvest. Totdat het op betalen aankomt.

Vorige week kondigde de nieuwe secretaris-generaal, de Egyptenaar Boutros Boutros Ghali, aan dat weer twaalf lidstaten hun contributie volledig hadden betaald sinds de laatste noodkreet over de financiële crisis, eind vorig jaar. Hij voegde er niet zonder sarcasme aan toe dat nog slechts 816 miljoen dollar uitstaat aan achterstallige contributie tot eind 1991, waarvan 377 miljoen aan onbetaalde bijdragen voor de vredestaken van de VN.

Treffend voor de onmacht van sommige lidstaten om aan de financiële verplichtingen van de VN te voldoen was een recente interventie van kersvers lid Litouwen. Mede namens de twee andere Baltische staten, Estland en Letland, protesteerde de geachte afgevaardigde tegen de hoogte van de hun toegewezen quota, respectievelijk 0,06, 0,11 en 0,13 procent van het totale budget. Als blijk van hun goede bedoelingen maakten ze elk vast 5.000 dollar aan de VN over, in afwachting van een definitieve beslissing over hun contributie. Ter vergelijking: de bemoeienis van de VN met een vredesregeling in Cambodja alleen al wordt op 1,5 miljard dollar geschat.

Vlak voor zijn vertrek als secretaris-generaal herinnerde Perez de Cuellar aan deze paradox, in voor zijn doen scherpe taal: “Het is bijna niet te vatten dat regeringen de organisatie vergaande, dure verplichtingen opleggen (..) maar dat zij de overeenkomstige financiële consequenties niet bereid zijn op zich te nemen.”

Op dit moment zijn dertien VN-vredesoperaties in uitvoering. Nieuw zijn de taken in de Westelijke Sahara, in El Salvador, Cambodja en, meest recentelijk, in Joegoslavië, waar vijftig verbindingsofficieren het fragiele staakt-het-vuren polsen voordat een beoogde troepenmacht van 10.000 man naar het front wordt gestuurd à raison van 400 miljoen per jaar.

Voor Cambodja staan 5.000 VN-militairen en -ambtenaren gepland. Voor de eerste 1.090 blauwhelmen, die worden toegevoegd aan de 200 ambtenaren die al ter plekke zijn, is een extra bedrag van 25 miljoen dollar nodig, bovenop een voorlopig budget van 200 miljoen voor de aanloopkosten. "New York' heeft de totale kosten voor de operatie in Cambodja voor dit eerste jaar begroot op 6 à 700 miljoen.

Wat betreft Irak, de komende zes maanden mogen ten minste 350 VN-gardisten blijven. Mits de geldschieters bevredigend reageren op een recente hulpoproep voor 145 miljoen dollar, waarvan eenderde aan het bewakingskorps toekomt, kan hun aantal weer op de oorspronkelijke sterkte van 500 man worden gebracht. Vorig jaar betaalden de voornaamste donors, met de VS voorop, 300 van de 400 miljoen dollar die voor noodhulp aan de Iraakse burgerbevolking nodig waren. “Die betaling is uitzonderlijk goed verlopen”, zo illustreert Michael Stopford de financiële krapte. Hij is woordvoerder van het coördinerende bureau voor hulp aan Irak. Om de Iraakse Koerden met steun van VN-gardisten de eerste maanden van dit jaar door te helpen komt het bureau in Genève nog 80 miljoen tekort.

De extra inspanningen voor toezicht op het bestand in El Salvador en op ontwapening van rebellen en regeringstroepen (een voorgenomen uitbreiding van de huidige 200 tot 3.000 man) worden ten dele bekostigd door ONUCA vóór juni op te heffen. Dit is de waarnemersgroep van 200 man in Midden-Amerika met standplaats Honduras. De zestig militaire waarnemers in Angola, UNAVEM, blijven tot oktober, zodat ook van die operatie straks geld vrijkomt voor El Salvador.

UNIFIL, met bijna 6.000 man gelegerd in Zuid-Libanon, komt de eerste zes maanden van dit jaar in geldnood omdat Zweden onverwachts zijn vrijwillige bijdrage heeft opgezegd. En dan zijn er nog geldproblemen voor de 2.160 blauwhelmen in Cyprus, de 1.300 waarnemers op de Hoogvlakte van Golan, de mannen in Zuid-Korea en aan de bestandslijn in Kashmir (35).

Behalve een financieel bestaat er ook een recruteringsprobleem. Voor het VN-bewakingskorps in Irak werd zelfs in politievaktijdschriften geadverteerd om belangstellenden te werven. De geringe respons dwong de VN uit bestaande bewakingsdiensten van VN-standplaatsen Wenen, Genève en New York personeel te recruteren.

Enkele officieren van UNAVEM en van UNIKOM, de toezichthouders langs de Koeweits-Iraakse grens, maken noodgedwongen deel uit van het eerste contingent in Joegoslavië. Ook enkele van de 300 bestandinspecteurs in Jeruzalem (UNTSO) zijn naar Joegoslavië gezonden.

Marrack Goulding, de Britse onder-secretaris-generaal verantwoordelijk voor VN-vredesoperaties, die deze week in Joegoslavië te horen kreeg dat de Serviërs het VN-vredesplan afwijzen, verschafte onlangs tekst en uitleg over de onmogelijke taak waarvoor de VN zich zien gesteld: “Het probleem wordt verergerd door de enorme schaal van nieuwe operaties en door de toegenomen deelname van VN-ambtenaren, die veel duurder zijn dan militairen. Terwijl voor de laatsten gemiddeld 15.000 dollar per man per jaar wordt uitgetrokken komen de kosten voor een civiele kracht op zeker 100.000 dollar per jaar. Aanloopkosten zijn gigantisch door het inzetten van moderne communicatie-apparatuur en helikopters. Een speciaal fonds dat voor calamiteiten achter de hand wordt gehouden zou een oplossing zijn. De vraag is alleen of de lidstaten bereid zijn vredesoperaties van tevoren te financieren.”

Goulding zette zijn argumenten kracht bij met de opmerking: “Weinigen realiseren zich de kosten van een alternatief voor onze vredesoperaties. Het hele budget voor Cambodja komt overeen met anderhalve dag oorlogvoeren in de Golf. En UNIIMOG, de waarnemersgroep van 400 man aan de Iraaks-Iraanse grens, kost minder dan de inhoud van twee olietankers.”

Foto: September vorig jaar: Duitse helikopters, uitgerust met VN-symbolen, staan klaar op een Duitse luchtmachtbasis om VN-gardisten over te vliegen naar Irak. (Foto AP)