Ritzen: beurzenstelsel niet te snel ingevoerd

ROTTERDAM, 30 JAN. Een latere invoering van het nieuwe stelsel voor studiefinanciering zou waarschijnlijk evenveel problemen hebben opgeleverd als zich nu hebben voorgedaan. Het besluit van oud-minister Deetman (onderwijs) om het stelsel op 1 oktober 1986 in te voeren was gebaseerd op adviezen van deskundigen. Pas achteraf bleken deze te weinig rekening hebben gehouden met mogelijke tegenslagen.

Minister Ritzen (onderwijs) antwoordt dit de Tweede Kamer op vragen over zijn evaluatierapport "Vijf jaar Wet op de studiefinanciering'. De minister relativeert het tumult dat direct na de invoering ontstond over de problemen die het nieuwe beurzenstelsel veroorzaakten en de fouten die daarbij zijn gemaakt. “De invoering is voor het merendeel van de studerenden niettemin bevredigend verlopen”, aldus Ritzen.

De Tweede Kamer verweet oud-minister Deetman in 1987 het nieuwe stelsel van studiefinanciering overhaast te hebben ingevoerd. Ook zou hij ambtelijke adviezen om de invoering uit te stellen naast zich hebben neergelegd. Het leidde in december 1987 tot een motie van afkeuring tegen Deetman van de PvdA, die door de Kamer werd verworpen.

“Hoewel financiële overwegingen mede een rol hebben gespeeld bij de beslissing over de invoeringsdatum, waren deze ondergeschikt aan de vraag of de organisatie en de techniek op de beoogde datum klaar zouden zijn”, schrijft Ritzen. “Aangezien de betrokkenen deze vraag bevestigend beantwoordden, viel het besluit de wet per 1 oktober 1986 in te voeren.”

Ritzen erkent dat de huidige wet nog steeds uiterst complex is en zeer moeilijk om goed uit te voeren. Toch geeft het huidige functioneren van het stelsel volgens hem nauwelijks aanleiding tot klachten. Vergaande vereenvoudiging van de wet wijst de minister voorlopig van de hand. Een eenvoudiger stelsel zal weliswaar veel gemakkelijker zijn uit te voeren, maar het kan “door de belanghebbende burgers als minder rechtvaardig worden ervaren”, aldus de minister. Hij wil eerst ervaring opdoen met een nieuw, vereenvoudigd stelsel voor de tegemoetkoming in de studiekosten. Dat is bestemd voor studerenden die niet in aanmerking komen voor een studiebeurs.