Regering past hulp aan de Derde wereld drastisch aan; Zweden gooien het roer om

STOCKHOLM, 30 JAN. Na tientallen jaren ontwikkelingshulp aan socialistische landen in de Derde wereld heeft Zweden bepaald dat voortaan ondernemingsvrijheid een voorwaarde is om nog te profiteren van de gulle Zweedse buitenlandse hulpprogramma's.

In de begroting voor 1992-'93 die deze maand werd ingediend, heeft de nieuwe centrum-rechtse regering de bilaterale hulp aan linkse regimes in Vietnam, Mozambique en Tanzania drastisch beperkt en ze stelt verdere verminderingen in het vooruitzicht als niet aan de nieuwe voorwaarden wordt voldaan.

“We zeggen hun dat we willen dat ze in het belang van hun eigen mensen de mensenrechten respecteren en streven naar democratie en markteconomie”, verklaarde minister van ontwikkelingssamenwerking Alf Svensson desgevraagd.

Svensson (53) kreeg het verzoek om tot de coalitie toe te treden, nadat zijn christen-democraten in september voor het eerst tot het parlement waren doorgedrongen. Hij lijkt erop gebrand Zweden weer de enigszins weggezakte rol te verlenen van geweten van de wereld.

Hij koestert echter weinig sympathie voor het beleid van de vroegere sociaal-democratische leider Olof Palme, die Zweden maakte tot een kampioen van linkse stokpaarden en van bevriende regeringen in de Derde wereld. Palme werd in 1986 vermoord.

“De sociaal-democraten hadden de neiging om te vertrouwen op de deugden van de centrale planning in ontwikkelingslanden”, zei Svensson. Hij wil dat Zweden een kruistocht voor medelijden begint in de Europese Gemeenschap, waarvan het in het midden van de jaren negentig lid hoopt te worden.

“Als klein land is het onze missie om rijke landen bewust te maken van het belang van hulp aan arme landen. Dit zal in de toekomst de grootste uitdaging voor de EG zijn en Zweden moet de vaandeldrager in die zaak worden”, zei Svensson. “Als de armoede niet met succes wordt bestreden, ziet de toekomst van de hele wereld er somber uit.”

In de nieuwe begroting is de post voor buitenlandse hulp gestegen tot 1,0 procent van het Bruto Nationaal Produkt (BNP). Dit betekende een verhoging met 600 miljoen kronen (zo'n 200 miljoen gulden) tot een totaal van 14,5 miljard kronen (bijna vijf miljard gulden). Verder stelt de regering voor de komende drie jaar in totaal drie miljard kronen (een miljard gulden) te besteden aan hulp voor de naburige Baltische staten en aan de rest van Oost-Europa.

Met deze begroting bevestigde Zweden zijn positie als een van de gulste hulpverleners, maar het beleid van strak toezicht betekende een verandering ten opzichte van de lange regeerperiode van de sociaal-democraten. “Het is onze plicht om eisen te stellen. Als we dat niet zouden doen, zou onze hulp gebruikt kunnen worden om de onderdrukking te versterken”, meende Svensson.

De minister is ervan overtuigd dat het verminderen van hulp in plaats van het geheel beëindigen daarvan een doelmatige manier is om de druk op landen als Vietnam, Mozambique en Tanzania te verhogen om economische hervormingen door te voeren en de corruptie en het schenden van de mensenrechten aan te pakken. “Zij hebben er veel werk van gemaakt om ons te vertellen hoe ze de problemen denken aan te pakken. En wij hebben hun verteld dat als we stappen in de goede richting zien, we bereid zijn de vermindering in de hulp te compenseren door de besteding van fondsen die waren bedoeld voor rampen”, verklaarde hij.

Hij wees erop dat de 475 miljoen kronen (160 miljoen gulden) die Zweden vorig jaar aan Mozambique gaf, gelijkstond aan een zevende deel van de Mozambikaanse begroting. De hulp aan Mozambique is in de nieuwe begroting verminderd met tachtig miljoen kronen (27 miljoen gulden). Vietnam werd geconfronteerd met een vermindering van 100 miljoen kronen (34 miljoen gulden) tot een totaal van 225 miljoen kronen (75 miljoen gulden). De hulp aan Tanzania daalde met 55 miljoen kronen (ruim 18 miljoen gulden).

Andere belangrijke ontvangende landen - India, Bangladesh, Laos, Nicaragua en de zogeheten Frontlijnstaten in zuidelijk Afrika - kunnen rekenen op vrijwel dezelfde bedragen als voorheen. Svensson onderstreepte dat een groot deel van de Derde wereld bezig is het socialisme de rug toe te keren.

De steun voor Ethiopië en Latijns Amerika, de fondsen voor hulp bij rampen en de programma's die onder auspiciën staan van kerken en non-gouvernementele organisaties worden verhoogd.

De hernieuwde inspanning voor hulp aan de Derde wereld kwam als een verrassing voor veel waarnemers aangezien Zweden economisch een periode van recessie doormaakt die tot gevoelens van ongenoegen heeft geleid over immigratie en buitenlandse hulp.

“In Ethiopië wandelde ik door een enorme krottenwijk en zag het lot van kinderen die hun leiders en hun plan-economie niet zelf hadden gekozen”, aldus Svensson, een wedergeboren lid van een Pinkstergemeente. “En ik kon toen niet begrijpen hoe de Zweden, die vergeleken daarmee in luxe leven, kunnen klagen over buitenlandse hulp.” (Reuter)