Kinderrechten

In NRC Handelsblad van 23 januari schrijft Bas Blokker in "Volwassenen op bres voor kinderrechten': “Ze vragen aandacht voor de kinderen die een van hun ouders niet meer mogen zien. Of eigenlijk: voor de ouders die hun kinderen niet meer mogen zien.”

Het is niet of, maar en. Het verdriet treft de ouder en het kind. Het is niet het belang van de ouder tegenover dat van het kind, maar hetzelfde belang. Een goede ouder gunt zijn kind liefde voor de andere ouder. In de praktijk blijken ouders-voogden daar vaak moeite mee te hebben, en dat is begrijpelijk: na een echtscheiding is er rancune, en als het enige wapen het kind is, wordt dat wapen gebruikt. De maatschappij zou niet moeten accepteren, dat iemand in een zeer emotionele periode zijn kind dingen aandoet, waar hij zich later voor schaamt.

Hier ligt een taak voor rechters die omgangsregelingen opleggen en op het niet-nakomen ervan sancties kunnen zetten. Toegeven aan de tijdelijke gedesoriënteerdheid van een ouder-voogd is meewerken aan kindermishandeling. Zo'n ouder heeft hulp nodig, net als een ouder die zijn kind lichamelijk mishandelt. Het begin van die hulp is ervoor zorgen, dat de omgang daadwerkelijk plaatsvindt. Hoe langer uitgesteld, hoe moeilijker. “Eerst rust”, staat soms in Raadsrapporten: het paard achter de wagen. Er kan pas rust komen, als het kind zich weer vrij voelt om van twee ouders te houden. De Vereniging tegen Kindermishandeling deelt het standpunt, dat het kind de andere ouder onthouden emotionele kindermishandeling is, waar rechters en in de eerste plaats de hele maatschappij niet aan mee moeten werken. “Hij gaat nooit naar zijn vader, dan zal er wel iets zijn”, is een laffe houding. Er is inderdaad iets, maar zelden tussen niet-verzorgende ouders en kind, meestal tussen de ouders: wraakbehoefte.

Hoe terecht die gevoelens ook kunnen zijn, een kind gebruiken als oorlogswapen is slecht voor dat kind. En als we het met zijn allen toch blijven accepteren dat een kind door echtscheiding een ouder verliest, moeten we het ook maar niet meer de moeite waard vinden, als een kind door de dood een ouder verliest. Niet zeuren, even flink, rust. Maar dat is toch niet echt wat we tegen dat kind willen zeggen?