IMF verleent Braziliëna zeven jaar weer een krediet: 2,1 mld dollar

BRASILIA, 30 JAN. Het Internationale Monetaire Fonds (IMF) zal Brazilië, dat een buitenlandse schuld heeft van 118 miljard dollar, weer geld lenen.

Het IMF stemde gisteren in met een kredietprogramma van 2,1 miljard dollar. Voor het eerst sinds jaren kan Brazilië land weer leningen opnemen bij het IMF, hetgeen voor de grootste schuldenaar van de Derde wereld een doorbraak betekent.

De Braziliaanse minister van financiën, Marcilio Marques Moreira, sprak van een nieuw tijdperk in de samenwerking met de internationale financiële wereld. Het IMF stelt aan zijn nieuwe kredietprogramma wel de voorwaarden dat Brazilië een strak begrotingsbeleid blijft voeren en de doelstellingen voor de inflatie haalt.

Het IMF sprak vol lof over de plannen voor de hervorming en liberalisering van de Braziliaanse economie. Ook is het fonds goed te spreken over de bestrijding van de inflatie, die 25 procent per maand bedraagt, via hoge rente en een stringent begrotingsbeleid. De plannen zijn heel wat beter dan de pogingen tot inflatiebestrijding in voorgaande jaren, aldus het IMF.

De overeenkomst baant de weg voor overleg met de commerciële banken en de overheden over vermindering en herschikking van de buitenlands schulden, die in totaal 118 miljard dollar bedragen. Minister Moreira is deze week begonnen aan een reis naar vijf Europese landen. Hij zal spreken met de Club van Parijs, het overlegorgaan van de westerse regeringen met vorderingen op de Derde wereld. Het nieuwe kredietprogramma van het IMF zal zijn positie in dat overleg zeker versterken.

In de jaren tachtig zorgde de schuldencrisis van Brazilië ervoor dat de betrekkingen met de banken en buitenlandse overheden ernstig werden geschaad. De recessie en de hoge rentelasten brachten Brazilië ertoe de terugbetaling van zijn leningen te beperken. De buitenlandse banken waren laaiend over deze eenzijdige maatregel en zetten de kredietverlening vrijwel stop.

De relatie met het IMF werd in 1985 bijna verbroken. De toenmalige regering liet weten er niets voor te voelen dat haar economische beleid door een buitenlandse organisatie tegen het licht werd gehouden. De voorgangster van Moreira, Zelia Cardoso de Mello, streek de banken en de buitenlandse regeringen tegen de haren in door te verklaren dat Brazilië alleen zou terugbetalen wat het kon missen.

Later veranderde de regering van gedachten. De overeenkomst met het IMF is een persoonlijk succes voor Moreira, een zestigjarige diplomaat die vorig jaar mei in de regering kwam. De afgelopen maanden is hij druk in de weer geweest om de industrielanden ervan te overtuigen dat ze zijn programma moeten steunen. Moreira zei gisteren dat de nieuwe kredieten het verschil aangeven tussen het oude Brazilië, dat zichzelf afsloot, een aantal keren de betaling van rente en aflossing opschortte en diverse monetaire crises doormaakte, en het moderne Brazilië met normale financiële betrekkingen.

In diplomatieke kringen is vernomen dat de regeringen van de G-7, de zeven belangrijkste industrielanden, zich zorgen maken over de kans dat Brazilië zijn beloften misschien weer niet zal nakomen. Uiteindelijk lieten ze zich toch door Moreira overtuigen, alleen al omdat verwerping van diens plannen het land in een grote politieke en financiële crisis zou storten.

De voorgangers van Moreira hebben steeds geprobeerd de inflatie te lijf te gaan met drastische maatregelen als het bevriezen van lonen en prijzen. Ze hebben in het algemeen steeds de confrontatie met de banken gezocht. Geen van hen heeft echt succes geboekt. Minister Moreira is ervan overtuigd dat zijn conventionele beleid van hoge rente, krap geld en goede betrekkingen met de banken succes zal hebben, ook al zal dat succes geleidelijk tot stand komen. (Reuter)