Opstelling James Baker maakt Israeliërs ziedend; Israel ziet PLO al bij overleg

TEL AVIV, 29 JAN. De Palestijnen hebben in Moskou een winstpunt geboekt dat op betrekkelijk korte termijn al de Israelisch-Amerikaanse betrekkingen onder nog grotere spanning kan plaatsen dan reeds over de nederzettingenpolitiek het geval is. In Moskou heeft de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken James Baker de deur geopend voor deelneming van vertegenwoordigers van de Palestijnse diaspora aan de door Canada voor te zitten werkgroep die zich met het Palestijnse vluchtelingenprobleem zal bezig houden.

Deze prijs betaalde Baker gisteren voor zijn steun aan het Israelische standpunt dat uitsluitend Palestijnen uit de bezette gebieden aan de conferentie in Moskou konden deelnemen. Om die reden boycotten de Palestijnen deze op zichzelf historische bijeenkomst. De Israeliërs zijn ziedend dat Baker de Palestijnen heeft beloond voor schending van de regels die vóór het vredesoverleg in Madrid waren afgesproken. De Israelische minister van buitenlandse zaken David Levy heeft Baker vandaag hoogstwaarschijnlijk duidelijk gemaakt dat Israel geen zitting zal nemen in de in het leven te roepen werkgroep vluchtelingen indien daar Palestijnse ballingen verschijnen. Een dergelijk succes voor de PLO is voor de Likud-regering van Yitzhak Shamir met vervroegde algemene verkiezingen in het vooruitzicht volstrekt onaanvaardbaar.

In tegenstelling tot Palestijnen uit de bezette gebieden scheert Israel alle Palestijnse ballingen over één kam: die van de PLO. Het is een kunstmatige onderverdeling die Israels belangen dient en ertoe heeft geleid dat Israel uitsluitend wil praten met vertegenwoordigers van de Palestijnse gemeenschap uit de bezette gebieden. Dat deze Palestijnen op instructies van de PLO handelen wordt in Jeruzalem met pijn in het hart getolereerd.

Deze Israelische opstelling heeft mogelijk gemaakt dat Israeliërs en Palestijnen in Madrid voor de eerste maal als onderhandelaars tegenover elkaar zaten en in Washington bilaterale besprekingen voerden die na Moskou worden voortgezet. De Amerikaanse bereidheid Palestijnse ballingen - voor Israel PLO'ers - het vredesproces binnen te loodsen is wat Israel betreft een nieuwe zwarte wolk die in Moskou boven de besprekingen over de Palestijnse bestuursautonomie is komen te hangen.

Aan de Moskouse conferentie wordt door de Israelische media veel aandacht besteed, maar politici van links en rechts zien er niets in. Die houding komt het best tot uitdrukking in een hoofdartikel in Yediot Ahronot, waarin wordt gesteld dat in Moskou en elders geen vooruitgang kan worden geboekt indien het niet tot een doorbraak komt in het bilaterale vredesoverleg. Met Syrië, Libanon en de Palestijnen buiten de deuren van conferentiezaal maakt het vredesvertoon in Moskou op die krant in ieder geval weinig indruk.

In de krant Ha'arets verscheen vanmorgen een bericht dat wel wat dimensie aan het Moskouse overleg geeft. Volgens de doorgaans betrouwbare militaire redacteur van die krant, Ze'ev Schiff, heeft Saoedi-Arabië, een van de deelnemers in Moskou, Washington laten weten bereid te zijn in het kader van vertrouwenwekkende maatregelen af te zien van in de Volksrepubliek China gekochte lange- afstandsraketten met een bereik van 2500 kilometer. Israel heeft zijn ongerustheid over deze Saoediische aanschaf verscheidene keren openlijk kenbaar gemaakt. Indien dit bericht juist is versterkt het de indruk dat het Riad ernst is met Israel tot vreedzame coexistentie, naar het Egyptische voorbeeld, te komen.

Als de vijf in Moskou in het leven te roepen werkgroepen - water, milieu, veiligheid, economie, vluchtelingen - ondanks de stagnatie in het bilaterale overleg tot daadwerkelijke resultaten zouden kunnen komen zou dit het vredesproces kunnen stimuleren. Deze pragmatische Amerikaanse benadering van het vredesproces ontwijkt het Palestijnse vraagstuk in de verwachting dat zichtbare resultaten de Israelische publieke opinie rijp kunnen maken voor wezenlijke concessies aan de Palestijnen.

Dit uitgangspunt hangt niet zo maar in de lucht. Volgens een opiniepeiling is 55 procent van de Israeliërs bereid gebied aan de Palestijnen te laten na een autonomie-periode van vijf jaar. Als er in die tijd dan ook gezamenlijke Israelisch-Arabische projecten met internationale financiële steun op stapel staan kan dit percentage beslist hoger worden. Dat is de Moskouse gok.