Europese landbouwministers: hervorming ja, maar niet zo

BRUSSEL, 29 JAN. De eerste poging van Portugal als voorzitter van de EG-ministerraad om het Europese landbouwbeleid te hervormen, is gisteren op niets uitgelopen. Na twee dagen vergaderen waren de twaalf landbouwministers het over weinig meer eens, dan dat het compromisvoorstel van directeur-generaal Dunkel van de GATT (Algemene overenkomst over tarieven en handel) onaanvaardbaar is.

Tegelijkertijd vinden de lidstaten wel dat drastische hervorming van de landbouw onontkoombaar is. Maar over de voorstellen die EG-landbouwcommissaris McSharry daarover gedaan heeft, zijn de geesten sterk verdeeld. Ook over de strategie die McSharry bij de GATT-onderhandelingen moet volgen, is geen overeenstemming.

Het EG-landbouwbeleid heeft door een systeem van prijssteun geleid tot onbeheersbare uitgaven en enorme overschotten van onder meer rundvlees en zuivel. De landbouwministers besloten wel om de discussie over de interne hervorming voort te zetten en niet eerst te wachten op de uitkomst van de GATT-ronde, zoals onder meer Nederland, Denemarken en Groot-Brittannië wenselijk vonden. Deze lidstaten vrezen dat straks in het kader van de internationale conferentie voor vrijmaking van de wereldhandel (GATT) besloten zal worden om niet alleen de subsidies voor de export te beperken, maar ook het volume. Dat zou vooral de exporterende landen kunnen schaden.

De landbouwexporterende landen vrezen dat McSharry bij de GATT vooral zal vechten voor de mogelijkheid om directe inkomenssteun aan de boeren te geven. Dat is immers de basis van zijn voorstellen voor de interne hervorming van het landbouwbeleid - forse prijsverlagingen voor graan, vlees en zuivel, gecompenseerd door directe inkomenssteun. Vooral de zuidelijke landen, waar veel kleine boeren wonen, die weinig exporteren, kunnen zich hierin vinden.

Volgens Bukman willen behalve Nederland ook België, de Bondsrepubliek en Groot-Brittannië dat de Commissie bij de GATT meer de nadruk legt op bescherming van de exportpositie van de EG. Ook Frankrijk is volgens Bukman in deze richting “aan het schuiven”.

Volgens minister Bukman van landbouw en visserij kan een beslissing niet lang meer uitgesteld worden. Als de GATT-onderhandelingen, die half april afgesloten moeten zijn, geen succes worden, dan duurt de discussie over de landbouwhervorming “zeker nog twee jaar”. Volgens Bukman is “de fase van vrijblijvendheid voorbij”.

McSharry heeft de discussie in de landbouwraad van de EG onder druk gezet door te dreigen bij de volgende jaarlijkse onderhandelingsronde over de landbouwprijzen forse verlagingen voor te stellen, zonder inkomenscompensatie. Maar daarvan waren volgens Bukman in de Raad “maar weinigen onder de indruk”.

De Portugese minister van landbouw, Arlindo Cunha, presenteerde tijdens het overleg wel een "werkdocument', waarin een mogelijke richting van de interne landbouwhervorming wordt aangeduid. Volgens de Britse, Franse en Nederlandse ministers is het stuk echter buitengewoon vaag. Bukman stoorde zich vooral aan de formulering dat "rekening wordt gehouden' met de "beginselen en doelstellingen' van de voorstellen van McSharry (interne prijsdaling in ruil voor directe inkomenssteun). Juist daarover bestaan binnen de EG “fundamentele meningsverschillen”, zo meent hij.

Minister Cunha zei na afloop van het beraad dat het document aanvaard was als basis van verdere gesprekken in de Raad. Bukman merkte op dat er geen woord in stond over de GATT, noch over de financiële gevolgen van McSharry's plan om directe inkomenssteun te gaan geven. “De Commissie maakt wel erg optimistische sommetjes, zo op de manchet.” Ook aan de controle op die inkomenssteun besteedt Portugal geen aandacht. Van het principe van directe inkomenssteun aan boeren is Nederland volgens Bukman "bunzig'.