Wenen wil nazi-activiteiten aanpakken

WENEN, 24 JAN. Ook in Oostenrijk roeren de neonazi's zich. Om hen beter aan te kunnen pakken wil de coalitieregering van Sociaal-democraten en Volkspartei het parlement voorstellen de strafmaten te verruimen en verbreiding strafbaar maken van beweringen waarin de misdaden van de nazi's worden ontkend, gebagatelliseerd of goedgepraat. Voor dit laatste delict zal men straks gevangenisstraf van één tot tien jaar kunnen krijgen.

Tot nu toe waren nazi-activiteiten, gericht op het heroprichten van een nationaal-socialistische beweging, ook al strafbaar. Maar dergelijke delicten moesten met minstens vijf jaar gevangenisstraf (en maximaal levenslang) bestraft worden. Gevolg hiervan was dat auteurs van nazistische boeken, jongeren die hakenkruizen op muren kalkten of nazi-liederen zongen nooit werden veroordeeld, omdat elke jury ook de minimale straf van vijf jaar cel buiten proportie achtte voor het vergrijp.

Met de nieuwe wet, die naar verwachting eind februari door het parlement zal worden aanvaard, kan de rechterlijke macht aan de slag en misschien de verwijten van vele kanten pareren dat zij buitengewoon lamlendig is opgetreden tot nu toe bij het vervolgen van neonazi's.

Als schokkend voorbeeld daarvan wordt genoemd dat Gerd Honsik, voorzitter van de "Ausländer Halt-Bewegung' en auteur van het al in 1988 verboden boek "Freispruch für Hitler?' nog altijd niet berecht is, hoewel er al vier jaar een aanklacht tegen hem loopt. Omdat Honsik in zijn boek, dat ook een interview bevat met de gezochte oorlogsmisdadiger Alois Bruner, de holocaust een leugen noemt (en daarvoor beruchte internationale auteurs als David Irving tot Ernst Zündel citeert) heeft de Weense rechter namelijk opdracht gegeven een historische expertise te maken over het bestaan van concentratiekampen en de misdaden die daar zouden zijn begaan. Volgens het Oostenrijkse dagblad Der Standard is de historicus Jagschitz al eindeloos bezig (reeds gemaakte kosten ruim 30.000 gulden) om meer materialen voor deze expertise te vergaren. Honsik, in Duitsland al eens veroordeeld, maalt intussen rustig verder met zijn neonazi-molen.

Een aantal van zijn pennevruchten werden dan ook gevonden in het nest van de "verdedigingssportgroep Trenck', dat een paar weken geleden door de politie werd uitgeruimd, waarbij 23 wapens, munitie, twee bommen, enzovoorts werden gevonden. Twintig leden van deze sportieve groep, die al een jaar lang manoeuvres, dagmarsen en andere vormen van militaire training uitvoerden, werden hierbij gearresteerd. Een van de twee leiders van het frisse gezelschap, dat grotendeels uit scholieren en soldaten bestond, is de 49-jarige Hermann Ussner, een oude bekende in neonazi-land.

De ideologisch bevlogen actieve neonazi's zijn in Oostenrijk trouwens allemaal oude bekenden. Zoals de 33-jarige Gottfried Küssel, die in Wenen tussen hakenkruis-vlaggen en portretten van Hitler een werkloos bestaan leidde, maar nu in de gevangenis tegen kale muren moet aankijken. Küssel richtte met zijn rechterhand "Gauleiter' Günther Reinthaler de "Volkstreue Ausserparlamentarische Organisation' (VAPO) op en ziet zich als opvolger van Michael Kühnen, de Duitse neonazi die zich "Der Chef' liet noemen, maar vorig jaar aan aids gestorven is.

Of Hans Jörg Schimanek, tegen wie ook aanklachten zijn ingediend, en Franz Radl, uitgever van het neonazistische tijdschrift Gäck, dat in het nieuws kwam omdat het in het voorjaar van 1991 aan scholieren in Karinthië werd uitgedeeld, en de net tot drie jaar veroordeelde Walter Ochsenberger, die ook over de "Auschwitz-leugen' spreekt en schrijft.

Maar het opsommen van deze figuren dreigt voorbij te gaan aan het probleem, dat met het oprollen van de neonazi-groepen, die zich niet alleen in Wenen maar ook in andere delen van Oostenrijk hebben gemanifesteerd, wordt gesteld: namelijk hoe te voorkomen dat steeds meer "rowdies', "hooligans' en "skinheads op Vespa's' de gelederen komen versterken van de neonazi-prominenten, die als politieke leiders of ideologen bepaald "van gisteren' zijn. Wolfgang Neugebauer, de leider van het Archief van het Oostenrijkse Verzet, beschouwt deze laatsten, net zoals trouwens de af en toe weer bij elkaar komende oud-SS'ers, dan ook als "volkomen onschadelijk'.

Maar de staatspolitie, die zich met de opsporing van staatsgevaarlijke organisaties bezighoudt, maakt zich toch zorgen. De nu onder nazi-vlag opererende jeugdbendes, die van nature gewelddadig zijn, niet van buitenlanders houden en de autoriteiten wel eens even willen laten zien waartoe zij in staat zijn, zijn gevaarlijk, zegt zij. Ook al is er bij deze jongeren vaak niet veel ideologie bij.

Inderdaad blijkt uit interviews met nazi-jongeren, die de afgelopen tijd in de Oostenrijkse pers zijn verschenen, dat ze graag marcheren, wapens hanteren, buitenlanders intimideren en vooral de partijbonzen en "parasieten in de samenleving' eens mores willen leren, maar dat er van veel bewondering voor Hitler of de nazi's, of Duits-nationalistische gevoelens of antisemitisme meestal weinig sprake is.

Natuurlijk heeft de neonazi-affaire ook meteen tot politiek steekspel tussen de partijen geleid. Van verschillende kanten is de liberale partij FPÖ al verantwoordelijk gesteld voor de opleving van rechts-radicalisme in Oostenrijk. Vooral de dubieuze contacten tussen FPÖ-politici in Karinthië met de neonazi's zijn van meer dan één kant gekritiseerd.

Partijleider Jörg Haider heeft daarop elke mogelijke verwantschap tussen FPÖ en neonazi's categorisch verworpen: “De FPÖ wil met dit menselijke grondsop niets te maken hebben. Ze zijn lui, werkloos en dom.” Volgens hem gaat het trouwens maar om twee- tot driehonderd mensen, die zoveel aandacht helemaal niet verdienen. De schuld voor het opkomen van rechts-radicale bewegingen legt hij overigens bij de socialisten. In plaats van nieuwe verbodsbepalingen zou de Oostenrijkse democratie “minder bonzen, minder parasieten, minder schandalen en minder misstanden” moeten hebben, zo zei hij.

Het is overigens opvallend dat Haider de laatste dagen een opmerkelijk verzoenende toon aanslaat. Op een persconferentie in Wenen bood hij de andere politieke partijen een principeovereenkomst aan, waarbij wederzijds gescheld zou worden afgeschaft. Ook trok hij een aanklacht in tegen de leider van het joodse documentatiecentrum in Wenen, Simon Wiesenthal. Het is duidelijk dat hij, noch in Oostenrijk noch daarbuiten, gediend is van enige identificatie van zijn FPÖ met de neonazi's.

Foto: Auto's die geparkeerd staan bij de moskee van een islamitisch centrum in Wenen zijn de afgelopen tijd beklad met hakenkruisen en onder meer de oproep dat alle buitenlanders het land uit moeten. (Foto EPA)