Opsporingsacties in Westland zaaien paniek onder tuinders; Aantal aangemelde vacatures bij arbeidsbureau sinds acties aanzienlijk gestegen

DEN HAAG, 25 JAN. De schrik zit de tuinders in het Westland in de benen. Sinds de politie en dienst Arbeidsinspectie hebben aangekondigd in 1992 wekelijks opsporingsacties naar illegale werknemers te houden, is het aantal aangemelde vacatures bij het arbeidsbureau Westland aanzienlijk gestegen. Bedroeg de hoeveelheid vacatures in de glastuinbouw in de eerste twee weken van 1991 nog veertig, nu bedraagt deze al 476.

“Natuurlijk kan je de stijging van het aantal vacatures niet helemaal aan de opsporingsacties wijten, maar ik denk dat deze wel een paniekreactie hebben veroorzaakt”, zegt J. Venselaar, waarnemend directeur van het arbeidsbureau Westland.

Het aantal illegalen dat onder het warme glas tomaten en paprika's plukt, chrysanten van stek ontdoet of diep in de nacht radijsen trekt, is onbekend. W. Collignon van de rijkspolitie uit Wateringen coördineert de opsporingsacties die 1 januari van start gingen. “Wij schatten dat er tussen de vijf en tienduizend illegalen in het Westland werken. En dan zitten we nog aan de lage kant. De dienst Arbeidsinspectie schat hun aantal op vijftienduizend.”

In Wateringen, een dorp dat tegen Den Haag aanligt, staan vele duizenden meters glas. Bij een firma aan een stille polderweg heeft men 16.000 vierkante meter grond, waarin in totaal 700.000 kleine chrysanten kunnen groeien. De eigenaar heeft deze week een vacature aangemeld bij het Haagse arbeidsbureau. Voor het eerst sinds tien jaar. Op de vraag waar hij dan gedurende tien jaar lang zijn personeel vandaan haalde, haalt de man ontwijkend zijn schouders op. “Ach, je weet wel, via kennissen ...”, mompelt hij.

Maar anno 1992 lijken zijn contacten met kennissen minder intensief. “Vorig jaar had ik al moeite voldoende personeel te vinden”, zegt de man. “Dit jaar probeer ik die problemen voor te zijn.” Bij het noemen van de opsporingsacties lachen zijn ogen en hult hij zich in stilzwijgen.

De politie en opsporingsdienst zijn van plan dit jaar tweehonderd controles uit te voeren, waaronder een aantal her-controles. Collignon: “We verwachten vierhonderd illegalen aan te treffen. Het is de bedoeling dat we acht tot twaalf bedrijven per actie controleren, maar vorige week waren we al de hele dag zoet met twee controles.”

Met dit laatste doelt Collignon op de eerste opsporingsactie in 1992, die - toevallig of niet - meteen een schot in de roos was. Bij een bedrijf met 22 werknemers bleken 18 personen niet in het bezit van een verblijfsvergunning te zijn.

Naast het grote aantal illegalen in de tuinbouw is ook de hoogte van de boete de politie een doorn in het oog. Doorgaans legt de rechter een boete van 750 gulden per illegale werknemer aan de tuinder op. Een bedrag dat de werkgevers in een handomdraai zouden betalen. De wet staat een maximale boete van tienduizend gulden toe. De persofficier van het Paleis van Justitie in Den Haag zegt dat “verschillende instanties bestuderen hoe de boetes fors verhoogd kunnen worden”.

Ilham (23) en Kasjim (20) lopen beiden bij het arbeidsbureau Den Haag. Ze vallen onder de zogenaamde bemiddelaar voor de tuinbouw die het bureau heeft ingesteld. 's Ochtends ontvangt deze bemiddelaar jongens als Ilham en Kasjim en 's middags begeleidt hij ze naar de tuinder. “We laten werkzoekenden niet zomaar aan de slag gaan. Zo van hier heb je een vacature en ga maar. In veel gevallen komen die jongens niet eens aan, is het veel te ingewikkeld om het bedrijf te vinden”, zegt bemiddelaar A. Hoogendoorn.

Ilham heeft gedurende zijn drie-jarig verblijf in Nederland al een omvangrijk aantal sollicitaties achter de rug. Hij meldde zich aan als brandweerman, politie-agent, schoonmaker en kwam uiteindelijk in het Westland terecht. Hij zegt regelmatig met illegalen in de kassen te werken. “Laatst werd ik zelfs bedreigd door illegalen. “Jij pikt onze baan in”, zeiden ze tegen me. De baas heeft me toen ontslagen omdat k ruzie gemaakt zou hebben.” Hoe de illegale werknemers Ilham bedreigd zouden hebben, wordt niet duidelijk. Zijn vriend Kasjim vult het relaas aan. “Ik werkte bij een baas die zei: "Ach, als de politie hier een inval doet, dan bel ik even en dan heb ik zo weer 24 nieuwe illegalen'.”

De tuinder uit Wateringen heeft inmiddels Ilham aangenomen. Kasjim, die een dag eerder de werkgever benaderde, zag de baan aan zijn neus voorbij gaan. Dat vindt hij niet heel erg. “Hard werken voor weinig geld. Mijn vriend moet nu 2.000 stekken per uur plukken.”

In de loods van de tuinder komt een man binnenlopen, gekleed in spijkerbroek en bruin leren jas. Op de achtergrond wacht hij tot Hoogendoorn en Ilham afscheid nemen en naar de auto lopen. “Reken maar dat hij om werk komt vragen”, fluistert Hoogendoorn in het voorbijgaan.