Gewone Chinezen ergeren zich aan de reis van Li Peng naar Europa; Vragen van Westerse journalisten als te kritisch afgewezen; Deng Xiaoping heeft opnieuw de leiding en werkt aan val Li Peng

PEKING, 25 JAN. Of de overmorgen beginnende reis van de Chinese premier Li Peng naar Zwitserland, "Latijns Europa' en de Verenigde Naties de triomf van zijn leven is of dat hem nog meer hoera's te wachten staan is de vraag, die veel geërgerde Chinezen bezighoudt. Geërgerd omdat zij diep gekwetst zijn dat Westerse regeringen, zij het niet de meest respectabele, wellicht Li Pengs regime helpen verlengen.

De hoogste eer zou zijn dat de impopulaire premier in de nabije toekomst in Bonn, Londen, Parijs en Washington gefêteerd zou worden en een toenemend aantal waarnemers denkt dat China's vaardige diplomaten dat ook nog wel voor elkaar zullen krijgen. Maar de huidige triomf van Li Peng is niet zonder schaduwzijden.

Kennelijk verblind door hun recente diplomatieke successen meenden de voorlichtingsfunctionarissen van het Chinese ministerie van buitenlandse zaken dat zij nu de internationale media ook nog wel naar hun handen konden zetten. Journalisten uit de te bezoeken landen, Italië, Zwitserland, Portugal en Spanje, zouden dit weekeinde de eer van een interview met de premier krijgen en zouden elk een vraag mogen stellen, die een week geleden ter goedkeuring moest worden ingediend. Allen kregen vervolgens te horen dat de vragen - onder andere betrekking hebbend op een amnestie voor politieke gevangenen, Li Pengs evaluatie van zijn eigen staat van dienst, hoe hij zal reageren op demonstraties in de te bezoeken hoofdsteden, een terugblik op het bloedbad van twee en een half jaar geleden - niet gesteld konden worden of geherformuleerd moesten worden. Op een na hielden alle correspondenten voet bij stuk en na vier dagen onzekerheid kregen zij te horen dat het interview niet door zou gaan “omdat de premier het te druk had”.

Verbetering van zijn imago buiten China hoeft Li van de reis dan ook niet te verwachten. Maar dat de televisiebeelden van Li, samen met Bush, Mitterrand, Major en Jeltsin in New York zijn binnenlandse positie een nieuwe dimensie zullen geven zit er wel in. Dit komt echter op een moment dat Li Pengs rol in China steeds ambivalenter wordt, want de politieke strijd wordt gedomineerd door een nieuw programma van vergaande economische hervormingen, waaraan de conservatieve, neo-stalinistische premier hooguit lippendienst kan bewijzen, maar geen overtuigende leiding kan geven.

Het meest opmerkelijke verschijnsel in het nieuwe hervormingsgetij is de zoveelste herrijzenis uit de wachtkamer van zijn sterfbed van opperste leider-in-ruste Deng Xiaoping (87). In de binnenlandse publieke opinie is Deng al lang dood, maar de pro-communistische en andere media in Hongkong meldden deze week zijn spectaculaire herverschijning in Shenzhen en Zhuhai, de Speciale Economische Zones ten noorden en westen van de Britse kroonkolonie, waar hij een conclaaf voorzit over een nieuwe golf van economische hervormingen. De nationale media zijn een campagne begonnen die het succes van Dengs geesteskind om de zuidelijke provincies tot een "Goudkust' te transformeren prijst.

Deng zelf heeft dezer dagen de hoop uitgesproken dat Shenzhen de "vijfde kleine draak' van Oost-Azië wordt, na Hongkong, Singapore, Taiwan en Zuid-Korea. In schril contrast daarmee staan de periodieke campagnes van het orthodoxe hardline-kamp - waarmee Li Peng geassocieerd is geweest - gedurende de laatste twee jaar om de "kapitalistische bolwerken' in het zuiden opnieuw in het socialistische gareel van centrale controle te brengen.

Favoriete thema's van het orthodoxe kamp zijn om de dominantie door de staatssector te versterken, de rijke kust in te tomen ten gunste van het arme binnenland en de tegenstelling tussen Westerse complotten tot vreedzame evolutie en de strijd daartegen tot de hoofdtegenstelling in het land te maken en daartoe opnieuw klassestrijd te ontketenen.

Er is nu een veelheid aan indicaties dat Deng Xiaoping sinds midden vorig jaar persoonlijk de leiding heeft genomen over een aanval tegen een herleving van de "linkse stroming' en dat die aanval sinds november de linkse krachten opnieuw naar de achtergrond heeft gedreven.

Een van de hoofdpunten in de tegenaanval is een zuivering van de centrale propaganda-organen, die de laatste twee jaar onder de knoet van maoïstische fundamentalisten hebben gezucht. Het maandblad Jing Bao uit Hongkong, dat een semi-officiële spreekbuis van de hervormingsvleugel van de communistische partij is, brengt in zijn januari-nummer een reeks artikelen over de politiek-ideologische schommelingen en meldt dat propaganda-tsaar Wang Renzhi wordt vervangen of al is vervangen door de tweede partij-secretaris van Shanghai Chen Zhili. Door deze maatregel zou het hele orthodoxe kamp met zijn hoogbejaarde mentoren in verwarring en in feite al uitgerangeerd zijn.

De Jing Bao-artikelen hebben ook voor het eerst naar buiten gebracht wat zich tijdens het recente vastgelopen plenum van het centrale partijcomité, eind november heeft afgespeeld. Over de drie belangrijkste kwesties: voorbereidingen voor het 14de partijcongres, komend najaar, benoeming van drie nieuwe leden, waaronder ex-burgemeester Zhu Rongji van Shanghai in het politbureau en verwerping van recollectivisering van de landbouw was teveel verdeeldheid.

Wel werd men het eens over twee kernleuzen. Tot unanieme basislijn van de partij werd de leus “één centraal punt en twee basispunten” verklaard, spottend "de bikini' genoemd. Het centrale punt is economische opbouw (in plaats van klassestrijd) en de twee basispunten zijn handhaving van de vier principes (én-partijstelsel, hooghouden van het marxisme-leninisme en het denken van Mao Zedong, handhaving van de socialistische weg, dictatuur van het proletariaat) en tegelijkertijd verdere opening naar de buitenwereld en hervorming van de economie.

De andere kernleus was dat de hoofdtegenstelling in China nu de “tegenstelling tussen de groeiende materiële en culturele behoeften van het volk en de onderontwikkelde toestand van de produktiemiddelen is”, met andere woorden versnelling van de ontwikkeling naar een consumptie-maatschappij. Deze twee leuzen hebben de wanhopige aanvallen van de orthodoxe kliek om klassestrijd in het binnenland en strijd tegen vreedzame evolutie in de buitenlandse politiek tot kernthema's te maken nu definitief een halt toegeroepen.

Daarop heeft Deng Xiaoping volgens Jing Bao premier Li Peng een patriarchaal vermaan gegeven en hem verteld dat hij eendrachtig met partijleider Jiang Zemin, een middenfiguur met verholen hervormingssympathieën, moet samenwerken. Het blad constateert dat Li zijn conservatieve opvattingen heeft bijgesteld en dat hij nu vaak hervormingsgezinder klinkt dan andere topleiders. De algemene indruk is dat Deng Xiaoping als de laatste grote politieke doelstelling van zijn leven heeft om Li Peng te verwijderen en hem te vervangen door Zhu Rongji, maar dat hij daarin niet resoluut kan zijn omdat Li's voortijdige vervanging intern algemeen zal worden gezien als een teken van acute machtsstrijd en instabiliteit.

Tegenover de buitenwereld zal daarmee de schijn worden gewekt dat Li onder druk van de Westerse landen heeft moeten wijken, iets wat een irrationeel trots land als China nooit voor zichzelf zal toestaan. Vandaar dat een Westerse ambassadeur ondanks de theorie verkondigde dat het gemakkelijker zou zijn Li Peng weg te werken na zijn (gedeeltelijke) rehabilitatie in het Westen, omdat dan het element van Westerse druk wegvalt.

Li Peng heeft nog een andere politieke blessure opgelopen met de vermeende vrijspraak (Peking ontkent) van zijn gevallen voorganger Zhao Ziyang. Niemand heeft harder geijverd om Zhao berecht en wellicht geëxecuteerd te krijgen voor zijn “misdaden van het splijten van de partij en steunen van de contra-revolutionaire rebellie” in 1989 dan Li Peng. En niemand heeft harder gewerkt om Zhao Ziyang te beschermen dan Deng Xiaoping. Volgens Jing Bao heeft Deng Zhao al twee keer een nieuwe baan aangeboden, laatstelijk vice-voorzitter van de Raadgevende Volksconferentie, een overkoepelend advieslichaam, maar Zhao zou dat beneden zijn waardigheid hebben geacht.

Berichten over Zhao's vrijspraak dreven de Hang Seng Index in Hongkong 75 punten op, een indicatie hoe hoog zijn prestige nog steeds is. De index is een van de beste barometers voor het politieke klimaat in China. In het verleden is hij een aantal keren omhoog gegaan als geruchten over dood of ziekte van Deng Xiaoping niet waar bleken, terwijl de grimmige taal van Li Peng de index ettelijke keren naar beneden haalde.

“Het is een fictie dat Fransen zo rationeel, zo Cartesiaans zijn”, zegt commentator Alain Duhamel. “Ondanks alle prachtige programma's en uitgewisselde onvriendelijkheden, overheersen bij dit soort verkiezingen de emoties. De betekenis van het presidentschap wordt daarbij soms overschat. In de meeste binnen- en buitenlandse keuzes is hij minder autonoom dan veel mensen denken. De president kan niets doen aan de rente, de groei, en weinig aan de franc. Maar het presidentschap is nodig voor de politieke samenhang van het land. Hoe minder autonomie wij hebben, hoe sterker de behoefte aan iemand die er nog iets van maakt.”