En toch is er toekomst voor het democratisch socialisme

Het artikel van Paul Scheffer over het identiteitsverlies van de PvdA in deze krant van 13 januari 1992 vraagt om een tegenwicht. Ik zie geen andere toekomst dan een democratisch socialistische. Daarvoor heb ik een reeks argumenten: algemene en meer specifieke. Eerst enige algemene: de beste oplossing van veel vraagstukken ligt tussen de twee uitersten. Het prettigste leefklimaat ligt niet bij de polen of bij de evenaar. De mooiste mensen zijn niet de reuzen of de dwergen. De prettigste mensen zijn niet de extreme belijders van de bestaande godsdiensten: joden, christenen, mohammedanen, atheïsten, maar de verdraagzamen. Ik denk aan remonstranten als Van Oldenbarnevelt. De beste verbruikers zijn de matigen - om met De Lange en Goudzwaard te pleiten voor "de economie van het genoeg'. Ook de extremisten in het verkeer zijn niet de besten: de zeer snelle rijders in elk geval niet, maar de langzamen brengen het verkeer ook in gevaar.

Nu enige maatschappelijke voorbeelden. Het grote voorbeeld kennen we nu: noch het communisme, noch het kapitalisme (het echte, van 1850 - in 1992 is er vrijwel nergens zuiver kapitalisme). Een ander groot voorbeeld is de samenwerking tussen soevereine republieken. Het ene uiterste is volledige soevereiniteit van allen. Het andere is de opgelegde samenwerking, zoals die bestond in de Sovjet-Unie en Joegoslavië. De optimale tussenvorm laat de afzonderlijke republieken soeverein beslissen bij de oplossing van vraagstukken die andere republieken geen schade berokkent, maar zij staat dat niet toe als zo'n oplossing wel schade berokkent. Dit noem ik de theorie van het optimale beslissingsvlak, die ook voor ondernemingen en ministeries geldt.

Een derde voorbeeld heeft betrekking op het gebruiken van vrije markten. Niet alle markten moeten vrijgelaten worden. De stabiele wel, de labiele niet. Tot de labiele behoren een aantal agrarische markten waarvoor terecht goederenovereenkomsten worden afgesloten. Er horen ook markten toe waarvan de produkten grenskosten hebben die lager zijn dan de gemiddelde kosten. Dit is het geval als er hoge vaste kosten zijn. Deze markten neigen naar monopolievorming en worden dan ook niet vrijgelaten; en terecht. Deze voorbeelden illustreren dat een aantal politici die raad gegeven hebben aan Rusland en andere Oosteuropese landen, zich aan overreactie hebben schuldig gemaakt: van het ene uiterste tot het andere zijn doorgeschoten, in plaats van het optimum na te streven.

Voor alle zekerheid noem ik ook nog enkele voorbeelden waar naar mijn mening terecht de beste oplossing van een vraagstuk wel een uiterste is. Zo is een zo groot mogelijke wijsheid, of vakbekwaamheid of een zo klein mogelijke bevolking wel optimaal. Wat nu de optimale maatschappijstructuur betreft, is een vorm van gemengde volkshuishouding de oplossing. Een combinatie van vrije markten (de stabiele) en gemeenschapsingrijpen. Dat laatste in de vorm van herverdeling - door sociale verzekeringen en belastingen - en het voorkomen van monopolies. Daaraan kan nog toegevoegd worden de besluitvorming over de omvang van de produktie van publieke goederen (bijvoorbeeld infrastructuur en informatie).

Maar dat is democratisch socialisme! En de meeste politieke partijen streven daarnaar. Verschil van mening bestaat over de mengverhouding: minder of meer herverdeling; minder of meer publieke goederen. Ook zijn er geen alternatieven. De politieke discussies zullen wel veel meer over internationale vraagstukken moeten gaan. De grootste problemen zijn internationaal: veiligheid, milieu, ontwikkeling van de arme landen en de duurzaamheid van de ontwikkeling. Nu het veiligheidsvraagstuk en het milieuvraagstuk al de nodige aandacht krijgen en de kans op een oplossing groter geworden is, is de belangrijkheid van de twee andere gestegen. Voor het vraagstuk van de ontwikkelingssamenwerking moet meer aandacht gevraagd worden. Het is veel erger dan men denkt. Ons eigen belang vereist dat wij de immigratie van burgers uit arme landen verminderen door de ontwikkeling daar te versterken - niet door hen bij de grens tegen te houden.

De duurzaamheid van onze ontwikkeling vereist dat wij van de beschikbare natuurlijke hulpmiddelen genoeg overlaten voor ons nageslacht; ook een internationaal vraagstuk. Ook onze eigen toekomst hangt meer af van deze internationale problemen en politiek. Omdat voor de wereld als geheel het verdelingsvraagstuk de ernst heeft die het bij ons omstreeks 1900 had, moeten sociaaldemocraten de drijvende kracht opbrengen om onze kiezers te mobiliseren voor wat in eerste instantie een vraagstuk van de Derde Wereld is, maar bij nader toezien ook onze toekomst bepaalt.