Rembrandt

In de discussie in deze krant tussen Gary Schwartz en Ernst van de Wetering over het Rembrandt Research Project is het woord "consensus' meerdere malen gevallen.

Volgens Schwartz heeft het project zijn oorspronkelijke doel nl. een consensus te vinden onder de Rembrandt-specialisten, tot nog toe niet bereikt. (“Een wetenschappelijke onderneming die er op uit is consensus te bevorderen...”)

Dit verbaast mij een beetje aangezien indertijd (in 1968) het doel van het project in de oorspronkelijke aanvraag bij ZWO (thans NWO) als volgt luidde: “Welke uitspraken kunnen worden gedaan aangaande de authenticiteit en eigenhandigheid van de aan Rembrandt toegeschreven schilderijen op grond van onderzoek van materiële structuur en stilistische kenmerken, van iconologische interpretatie en documentaire gegevens. Een bijkomende doelstelling was het reproduceren van alle documentaire gegevens.”

Met andere woorden: wie, op goede gronden, een andere mening over de schilderijen van Rembrandt is toegedaan, zegt het maar. De "consensus' die heeft bestaan over de noodzaak (soit) tot een kritische doorlichting van Rembrandts oeuvre of de "consensus' over de toeschrijvingen aan Rembrandt van de werken die voor de tentoonstelling zijn uitgekozen, is van een geheel andere orde.

Niemand, ook het RRP niet, kan een museum of een collectionneur het recht ontzeggen te blijven geloven dat zijn voluit gesigneerde, gedateerde, gedocumenteerde en door alle Rembrandt-specialisten als volledig eigenhandig erkende Rembrandt, geen authentiek werk van de meester is. Gelukkig maar.

Naschrift Gary Schwartz

De consensus waar ik het over heb is niet, zoals van de Wetering en Colenbrander denken, de mening van Rembrandtbezitters, maar de gezamenlijke opnievorming onder vakspecialisten. In kwesties van betwiste authenticiteit, waar harde bewijzen ontbreken, is deze consensus vrijwel de enige toets voor de bruikbaarheid van een wetenschappelijke opinie.

Wanneer het RRP zich aan de door Colenbrander geciteerde doelstelling gehouden had, was er trouwens geen reden voor mijn kritiek. Mijn stelling is juist dat de “uitspraken (-) aangaande (-) authenticiteit en eigenhandigheid” in het Corpus of Rembrandt paintings juist niet op de genoemde technische, stilistische, iconologische en documentaire kenmerken gebaseerd zijn.