Bonn wil waarschuwen tegen beleid VS-economie

BONN, 24 JAN. De Duitse regering wil de VS waarschuwen niet opnieuw tot een ''stop and go''-politiek te vervallen en de stagnerende conjunctuur te stimuleren door belastingen te verlagen én uitgaven te vergroten. De gevolgen voor de wereldeconomie daarvan zouden veel groter zijn dan de veelgekritiseerde straffe rentepolitiek van de Duitse Bundesbank.

Dit wil minister Theo Waigel (CSU), die morgen in New York een vergadering voorzit van de ministers van financiën en bankpresidenten uit de zeven grote industriestaten (G-7), zijn Amerikaanse collega Nicolas Brady voorhouden. Hij verwacht niet dat Duitsland in New York in de beklaagdenbank zal zitten wegens de rentepolitiek van de Bundesbank. De Duitse renteverhoging van midden december '91 (tot 8 procent) is inmiddels uitvoerig aan buitenlandse collega's toegelicht, heet het rond Waigels ministerie. Door de honderden miljarden die naar Oost-Duitsland gaan en Waigels budgettaire krapte kunnen nu geen renteverlaging of uitgavenvergroting worden overwogen. Bundesbank-president Helmut Schlesinger zei gisteren dat hij onder meer zijn Franse en Amerikaanse collega's ervan heeft overtuigd “dat niet alle landen op een bepaald moment hetzelfde kunnen doen als hun situatie zo verschillend is”.

Op de G-7-conferentie staan de hulp aan het Gemenebest van Onafhankelijke staten (GOS) en de ontwikkeling van de wereldeconomie op de agenda. De regering in Bonn vreest dat president Bush in zijn aanstaande State of the Union in dit verkiezingsjaar zou kunnen bezwijken voor de verleiding om een verlaging van belastingen en een verhoging van de de overheidsuitgaven aan te kondigen. Stimulering van consumptie door vergroting van de al enorme Amerikaanse schulden zou verkeerd, ja contraproduktief, inwerken op de labiele wereldeconomie.

In plaats daarvan zou de Amerikaanse fiscale- en uitgavenpolitiek beter kunnen worden gericht op hogere produktiviteit en meer investeringen. Waigel zou Brady er ook voor willen waarschuwen om de Amerikaanse concurrentiepositie kunstmatig te verbeteren via de wisselkoersen, via een welbewust aanvaarde lagere dollarkoers dus. De wisselkoersen mogen echter geen “instrument van handelspolitiek” worden, de huidige valutakoersen weerspiegelen de werkelijke economische verhoudingen goed, al zou een beperkte opwaardering van de Japanse Yen tegenover de dollar denkbaar zijn. In het algemeen is, juist nu alom wordt geaarzeld over de economische ontwikkeling, consequent economisch, monetair en budgettair beleid het beste middel om vertrouwen te herstellen, meent Bonn.