Rusland bedreigd door "nationale milieucatastrofe'

MOSKOU, 23 JAN. In grote delen van Rusland voltrekt zich een ecologische ramp door chemische en nucleaire vervuiling. Dat blijkt uit een onderzoek dat gisteren is gepubliceerd in de krant Izvestia.

Volgens de leider van het onderzoek, Aleksei Jablokov, een oude Greenpeace-activist en thans persoonlijk milieu-adviseur van president Boris Jeltsin, staat Rusland “dichtbij een nationale catastrofe”.

De dreigende ontwikkeling manifesteert zich volgens Jablokov op nagenoeg alle terreinen. De levensverwachting van de burgers is er de afgelopen twee decennia op achteruitgegaan. Was de gemiddelde leeftijd in Rusland in de eerste jaren van Leonid Brezjnev (1964-'65) nog 70,4 jaar, thans is de doorsnee-leeftijd 69,3 jaar. In het noorden van Rusland, waar de olie- en goudbronnen zich bevinden, ligt de gemiddelde leeftijd tussen de 46 en 50 jaar. In één stad, Nikelj, in Karelië nabij de Finse grens, zouden de mensen zelfs niet ouder worden dan gemiddeld 44 jaar.

De dalende levensverwachting zou voor een deel het gevolg zijn van het gebruik van kernenergie. Met name ondergrondse kernproeven - alleen al zestien in het Volgagebied en twaalf in Vorkoetië - hebben het milieu danig beïnvloed, zo zei Jaboklov. In de ondergrondse bunkers die hiervoor waren gebouwd, werden giftige afvalstoffen opgeslagen en tevens experimenten gedaan. De laatste heeft zich vijf jaar geleden voltrokken. Maar desondanks weet tot nu toe eigenlijk niemand hoe het reilt en zeilt in "gesloten steden' als Tsjeljabinsk-6, Arzamas-16, Krasnojarsk-45 en Tomsk-7.

Daar staan enorme kernenergiecentrales die voor de buitenwereld zijn afgeschermd. In Tsjeljabinsk is bijvoorbeeld 35 jaar geleden een centrale ontploft zonder dat daarover iets in het land zelf bekend werd gemaakt. Pas twee jaar geleden is over die ramp, waarbij ook Tsjernobyl 1986 heet te verbleken, een eerste wetenschappelijk artikel gepubliceerd.

Een ander gevaar van de eerste orde is volgens Jablokov de kernreactor van de Sovjet-ijsbreker Lenin, die in de winter van '66-'67 na een ongeluk is gezonken in de Kara-zee, ten oosten van Nova Zembla.

Het rapport noemt als potentiële ecologische rampgebieden: de benedenloop van de Volga; het Koezbass-steenkoolbekken en Krasnojarsk (West-Siberië); centraal-Jakoetië (Oost-Siberië), het gehele stroomgebied van de rivier de Amoer (Verre-Oosten) en het schiereiland Kola (in het noord-westen van Rusland).

In de hulpbehoevende olie-industrie van Rusland springen jaarlijks 700 pijpleidingen, waardoor volgens het onderzoek twintig procent van de totale produktie van gas en aardolie verloren gaat met grote vervuiling als gevolg.

Volgens Aleksei Jablokov zal van geval tot geval bekeken moeten worden of hele bevolkingsgroepen uit de verschillende rampgebieden moeten worden geëvacueerd. Voor het gehele milieubeleid is in 1992 slechts vijf miljard roebel beschikbaar, naar Nederlandse maatstaven omgerekend nog geen vijf miljoen gulden.