Galina Chavrajeva en de gevolgen van een gevaarlijke reportage; "Na Tsjernobyl was ik niet meer bestand tegen onrecht'

Galina Chavrajeva is tenger, heeft kort geknipt haar en een kwetsbare blik in haar ogen. Ze is ziek, doodziek en zit bewegingloos op een divan in haar Moskouse tweekamerwoning. Op 25 mei 1986 reed ze met een cameraploeg, die verder bestond uit vier mannen, van Moskou naar Kiev. Als regisseur bij de Sovjet-televisie, op de redactie van "In dienst van de Sovjet-Unie', een programma over het Rode Leger, had ze als eerste journalist toestemming gekregen om in Tsjernobyl te filmen.

Er woedde een brand in een kernreactor en militairen waren ingezet om die brand te blussen. Meer wist ze niet, zoals vrijwel niemand in die dagen wist wat er gaande was. De betrokkenheid van militairen maakte het een interessant item voor haar programma. Ze was trots op haar "jongens' en had een blind vertrouwen in de militaire autoriteiten. En de autoriteiten vertrouwden haar. Het aan haar uitgereikte, speciale pasje had nummer 186; de eerste 185 nummers waren uitgereikt aan specialisten en militairen. Het lage nummer wekte geenszins haar achterdocht. Vol goede moed ging ze op weg.

In Kiev was het prachtig weer, helder, felle zon, maar “het was dodelijk stil”, zegt ze met enigszins omfloerste stem. “Ik vermoedde niets bijzonders. We waren vrolijk, uitgelaten.”

De militaire begeleider waarschuwde de chauffeur van het minibusje niet teveel in de berm te rijden en zo stofwolken te vermijden. Galina en haar collega's schonken er geen aandacht aan. Maar toch, het was de stilte, de dreigende stilte die hen onrustig maakte. En het weer was net iets te stralend. Heel langzaam, onvoorstelbaar langzaam, beseft ze vijf jaar later, maakte een beklemmend gevoel zich van hen meester.

De ontvangst door de militairen was correct, zakelijk, serieus. Te serieus. Door haar tv-programma kende ze de militairen, ze zag de onrust, de vrees, de vermoeidheid in hun ogen. Bij de laatste controlepost moesten ze van kleren verwisselen, hun eigen kleren gingen in een plastic zak, de uniformen, die nog dienst gedaan hadden in Afghanistan, trokken ze aan. Het was geen speciale stralingsbestendige kleding, de mannen kregen laarzen, Galina schoenen uitgereikt, een gasmasker, een respirator, en radiatiemeters. “We wisten niet of deze kleding voldoende bescherming bood, we wisten tenslotte ook niet dat we bestraald werden. We voelden niets.”

Die dag was het te laat om te filmen. De ploeg werd ondergebracht in een voormalig toeristenverblijf, er was niemand behalve militairen. Daar kreeg Galina haar "eerste shock', zoals ze het zelf omschrijft. Ze zag een half boven de aarde uitstekend uniform, een politie-uniform. De eerste troepen die hielpen bij de evacuatie droegen politie- in plaats van militaire uniformen. Om de bevolking niet al te zeer te verontrusten, werd haar door een militair verteld. “Ik kon het niet begrijpen, ik had altijd respect voor een uniform gehad en nu lag het daar, ontluisterend.” Het beeld van het half zichtbare uniform in een verstild landschap en de volkomen uitgestorven dorpen staat op haar netvlies gegrift. De volgende ochtend gingen ze onder begeleiding van een generaal naar de centrale. De spanning werd voelbaar. “Ik had het gevoel dat iemand met een stok in een berehol porde, een buitengewone ervaring. Ik voelde dat het gevaarlijk was.”

Tien minuten lang liepen ze verbijsterd rond, zonder te filmen. “We waren onder de indruk. Het contrast tussen mooie natuur, de stilte, de heldere hemel en de geopende mond van de reactor, die met zandzakken gevuld was. De mensen die heen en weer renden. We stonden vol bewondering te kijken. Ik voelde de dissonantie tussen de stilte en de snelle bewegingen van de mensen. Opeens zagen wij een rookpluim. Er kwamen meteen helikopters aanvliegen, die de rook met een leemachtige stof bestrooiden.” De cameraman was in trance, niet in staat om te filmen. Galina, als regisseuse, vroeg de "video-engineer' zijn taak over te nemen. Hij weigerde. Ze praatte op de cameraman in en zei hem haar te volgen. Ze liep achter de auto's met zand, tussen de soldaten door en de cameraman liep "als bevroren' filmend in haar spoor. “Ik had hem gezegd niet bang te zijn. Ik als vrouw ben dat ook niet”, zei ik hem.

Na ongeveer een uur kreeg Galina een zoete smaak in haar mond, ze voelde zich zwak worden en wilde gaan liggen. De begeleider keek op de stralingsmeter. Hij vond het genoeg. “Ik wilde doorwerken want ik wist niet of we de volgende dag terug zouden mogen komen. Ik was zo opgewonden dat ik wilde doorgaan. Maar de begeleider wilde per se weg. Jullie hebben je dosis voor vandaag al binnen, zei hij. Maar we draaiden toch verder, we waren bezeten.”

In de bunker, een vertrek onder de reactor, waar de soldaten na hun macabere werkzaamheden konden rusten, kreeg Galina een "tweede shock'. “Ik heb nooit oorlog meegemaakt, maar toen had ik het gevoel dat ik aan het front was. Het was een militaire situatie met een generaal die telefonisch bevelen gaf en soldaten die op bedden lagen, met geopende ogen, zonder leven, doodmoe; ze wekten de indruk dat ze bijna dood waren. Tragische ogen, vreselijk. Ik kon niet geloven dat ze in staat waren verder te gaan met dit werk. Dat heb ik gefilmd.”

Aan een militair die halfdood was, vroeg ze, terwijl hij bezig was de brand te blussen, je hebt toch twee kinderen? Als ik het niet doe, wie dan, antwoordde hij. “Ik had vele jaren voor dat tv-programma gewerkt, veel contact met militairen gehad. Maar in deze situatie heb ik de warmte, de liefde van de man meegemaakt. Een verbondenheid die ik nooit eerder gevoeld heb. Het was een soort christelijke liefde, zuiver, hemels.”

Een verblijf van enkele dagen was voor Galina voldoende om te beseffen dat de straling ernstige consequenties zou kunnen hebben.

“Het was voor mij een vreselijk dramatisch gebeuren. Als vrouw realiseerde ik me dat die jonge jongens, getrouwd of met vriendinnen, geen kinderen meer zouden kunnen krijgen. Dat waren zij zich niet bewust. Ik wel. Ik begreep wat voor tragedie hen te wachten stond. De mannen van de crew begrepen de gevolgen waarschijnlijk ook niet. Voor het eerst in mijn leven voelde ik dat ik vrouw was. Nee, ik heb ze niet gewaarschuwd. Misschien was het egoïstisch van mij, maar mannen zijn voorzichtiger en houden meer van zichzelf dan vrouwen. En ik wist niet of ze mee gekomen waren als ze de gevolgen overzien hadden.”

Zes dagen lang werd er gefilmd. Met vijf uur materiaal kwam Galina terug in Moskou. Vanaf dat moment begon een tergend bureaucratisch steekspel. De toen nog eendrachtige samenwerking tussen vertegenwoordigers van de KGB, het Rode Leger en de staatstelevisie hadden als resultaat dat Galina "kaltgestellt' werd. Ze mocht het materiaal zelf niet monteren en na maandenlange haarkloverijen werd er een sterk ingekorte documentaire uitgezonden en werd Galina op non-actief gesteld. Ze had niet geaccepteerd dat het filmmateriaal haar ontnomen was. “Dat was menselijk gezien zwaarder dan alles wat ik in Tsjernobyl meemaakte. Ik heb alles ervaren met mijn eigen huid, en moest wegblijven. Alsof ik er niets mee te maken had.” Ze streed verbeten tegen het onrecht dat haar aangedaan was. “Door Tsjernobyl was mijn leven veranderd. Ik was niet meer bestand tegen onrecht. Het was een kwestie van eer, niet van geld. Het was het materiaal van mijn leven.”

De "glasnost' stond nog in de kinderschoenen en Galina werd gedwongen ontslag te nemen. Geestelijk en lichamelijk gebroken werd ze opgenomen in een psychiatrische kliniek. Haar collega's werd door de tv-directie verboden haar te bezoeken in het ziekenhuis. “Ik werd er onverschillig van, het maakte me niet meer uit of ik leefde.”

Door de steun van haar man, zegt ze, is ze die periode doorgekomen. Praten, praten en nog eens praten, was zijn devies. Ze huilt, steekt een sigaret op, de eerste sinds maanden.

Haar man, eveneens filmregisseur, die tot nu toe ijverig wat Galina vertelde noteerde, neemt het gesprek over. “We moesten haar tweede leven, haar leven na Tsjernobyl, vastleggen.” En wederom oefende de staatstelevisie zware druk uit via de filmersbond, waar Victor lid van is, om de documentaire onmogelijk te maken. Het lukte gedeeltelijk. Slechts de bioscopen in Rostov aan de Don waren bereid de twintig minuten durende documentaire uit te zenden.

Galina is nog steeds ziek. Ook haar collega's van de cameraploeg zijn ernstig ziek.

“Ik heb geen spijt van mijn reis naar Tsjernobyl. Daar werd ik als mens gevormd, mijn ervaringen hebben me vrijgemaakt. Ik ben er sterker door geworden. Ik kan me beter verdedigen. En ik geloof in de kracht van rechtvaardigheid.”