EG: controle "strategische' handel moet eenvoudiger

BRUSSEL, 22 JAN. De Europese Commissie, het dagelijkse bestuur van de Europese Gemeenschap, wil de controle vereenvoudigen op de politieke uiterst gevoelige handel in zogenoemde strategische goederen binnen de EG.

Strategische goederen zijn produkten en onderdelen die zowel civiel als militair kunnen worden gebruikt, zoals radar, computers, computerprogramma's en allerlei andere elektronica.

Tot dusver hanteert elk lidstaat van de EG zijn eigen criteria om te bepalen welk produkt al dan niet moet worden beschouwd als "strategisch', naar welke landen wel of niet mag worden geëxporteerd en hoe streng de controle is. Met het oog op de komende eenwording van de Europese markt, waarbij per 1 januari volgend jaar de interne controle bij de grenzen vervalt, is dat een onhoudbare situatie, meent de Commissie.

Ze wil daarom dat de lidstaten hun beleid harmoniseren door overeenstemming te bereiken over het gebruik van één gemeenschappelijke lijst van strategische goederen, één gemeenschappelijke lijst van landen waarnaar niet of slechts onder strikte voorwaarden mag worden geëxporteerd, en over gemeenschappelijke criteria voor het afgeven van exportvergunningen aan bedrijven. Bovendien stelt de Commisie voor om de uitwisseling van informatie tussen de verschillende douanes te verbeteren.

Over de export van strategische goederen wordt internationaal in verschillende verbanden overlegd. Het belangrijkste overleg gebeurt in het kader van Cocom (Coordinating committee for multilateral export controls), waarbij alle Navo-landen, minus IJsland plus Japan en Australië zijn aangesloten, en dat is opgericht tijdens de Koude Oorlog. Er bestaat een zogenoemde Cocom-lijst van strategische goederen. Volgens de woordvoerder van de Commissie is het absoluut niet de bedoeling dat er nu ook een aparte EG-lijst komt. “We willen niet méér bureaucratie, de Cocom-lijst is al een heel boekwerk. Het gaat er alleen om dat we overeenstemming bereiken over het hanteren van een systeem. Een Grieke dounier bijvoorbeeld wordt nu nog geconfronteerd met twaalf verschillende lijsten”.