Tanzania democratiseert na ontnuchtering

NAIROBI, 22 JAN. In Tanzania liep de politieke temperatuur niet hoog op toen de afgelopen twee jaar het democratiseringsproces als een frisse en harde wind over het grootste deel van zwart Afrika blies. De paar (nog illegale) oppositiepartijen in Tanzania missen aanhang onder de bevolking en het ontbreekt ze aan kracht om de autoriteiten onder druk te zetten. Bovendien toonde het regime van president Ali Hassan Mwinyi zich in een redelijk vroeg stadium bereid de mening van de bevolking te peilen over de eventuele invoering van het meerpartijenstelsel.

Het aftreden in 1985 van president Julius Nyerere luidde grote veranderingen in Tanzania in. De liberale Mwinyi, minder ideologisch georiënteerd dan zijn voorganger, matigde voorzichtig de invloed van diens vorm van Afrikaans socialisme en knoopte banden aan met het door Nyerere verafschuwde Internationale Monetaire Fonds. Zeker op macro-economisch niveau ging het de Tanzanianen vrijwel onmiddellijk beter. Er liggen weer goederen in de winkels en het vastgeroeste staatsapparaat werd blootgesteld aan de competitie van de privésector. Met elan begonnen de Tanzanianen aan een nieuw tijdperk en daarin was eventjes minder aandacht voor politieke hervormingen.

Met 95 procent van de stemmen werd Mwinyi in oktober 1990 herkozen voor een tweede, en volgens de grondwet laatste, ambtstermijn van vijf jaar. Inmiddels had Nyerere ook zijn voorzittersschap van de heersende Chama cha Mapinduzi (Partij van de Revolutie, CCM) neergelegd, waarna Mwinyi niet meer in de schaduw van zijn voorganger hoefde te regeren. Kennelijk om een zekere ideologische conti- nuïteit te bewaren nam de president enkele van Nyerere's aanhangers in zijn kabinet en de partijleiding op. Deze conservatieve socialisten, onder leiding van vice-voorzitter van de CCM Rashid Kawawa, stelden zich weigerachtig op als het ging om het meerpartijenstelsel. Dat, zo redeneren de conservatieven, zou de socialistische grondslag van Tanzania, zoals vastgelegd in de verklaring van Arusha, in gevaar brengen. Mwinyi's aanhangers, van wie velen de nieuwe economische vrijheden aangrepen om naast hun politieke werk in zaken te gaan, pleitten vóór de invoering.

Nyerere zelf had inmiddels zelf zijn mening veranderd. In de begin van de jaren zestig was hij een groot voorstander van de eenpartijdemocratie. Na zijn vrijwillige atreden begon Nyerere te twijfelen. Diep geschokt nam hij gedurende een lange tocht door het land waar hoe impopulair zijn CCM inmiddels was geworden. De partijvertegenwoordigers zijn bureaucraten geworden die zich niet meer bekommeren om en luisteren naar het volk. In 1990 erkende hij: “De CCM is alleen nog maar aan de macht, omdat de grondwet het zo bepaalt.” Vorige maand bestempelde hij Tanzania als rijp voor een stelsel met meer partijen, “met twee of drie partijen”.

Ruim tien maanden geleden stelde Mwinyi de vorming voor van een “presidentieel comité voor politieke hervormingen” om de mening van de Tanzanianen te peilen. In nieuwe, onafhankelijke kranten klaagden burgers over machtsmisbruik door plaatselijke paramilitaire eenheden en studenten hekelden het optreden van de politie tijdens rellen op de universiteit. In haar eindrapport pleitte de presidentiële commissie voor meer openheid, meer pluralisme - en meer partijen.

De oppositie staat nog in de kinderschoenen. De leiders komen vooral uit de intellectuele hoek en slaagden er nog niet in de massa te bereiken. De eerste oppositiepartij, het vorig jaar februari opgerichte Comité voor Grondwetshervormingen (NCCR), viel in vier facties uiteen. De interim-voorzitter, de advocaat Mabere Maranda, zei gisteren dat zijn partij de enige is die in alle regio's van Tanzania afdelingen heeft opgericht. De komende weken zullen ongetwijfeld meer partijen het licht zien.

De introductie van het meerpartijensysteem hoeft in Tanzania niet te leiden tot nieuwe stammentegenstellingen, zoals bijvoorbeeld dreigt in buurland Kenia. De Tanzaniaanse natie kent, mede dank zij het beleid van Nyerere, een sterke cohesie. De Tanzanianen tonen zich politiek veel zelfbewuster dan andere Oostafrikanen.

Er dreigt wel een ander groot gevaar. De Unie van de eilanden Zanzibar en Pemba met het vasteland van Tanzania staat al enkele jaren onder druk. Een koppig gevoel van zelfstandigheid onder de eilandbewoners valt niet te onderdrukken. Opposanten vechten nog steeds het besluitvormingsproces in 1964 aan van de regeringen van Zanzibar en Tanzania (toen Tanganyika) dat leidde tot de fusie van beide gebiedsdelen. Meer vrijheid door de invoering van het meerpartijensysteem kan gemakkelijk een proces van afscheiding op gang brengen. De Nationale Uitvoerende Raad (NEC) van de CCM bepaalde gisteren dat partijen zich niet mogen vormen op “etnische, religieuze of regionale” grondslag.

Iedere op te richten partij op de eilanden zal zich echter gedwongen zien een duidelijk standpunt in te nemen voor méér zelfbestuur, of mogelijk zelfs voor afscheiding. Wanneer een partij dat niet doet, kan ze vermoedelijk nauwelijks op de sympathie van de eilandbewoners rekenen.