Halfweg is de suikerfabriek

HALFWEG, 22 JAN. Afgelopen zaterdag was het drukker dan normaal voor het vacaturebord van de lokale supermarkt in Halfweg. Veelal jonge mannen kwamen druppelsgewijs binnen om vervolgens lang naar de kaartjes op het bord te turen. De directie van de Centrale Suiker Maatschappij (CSM) had hun donderdag gezegd de suikerfabriek in het plaatsje Halfweg te willen sluiten. Vrijdag hadden ze een dag vrij gekregen om de schok te verwerken. En, mede op aandringen van hun vrouw, stonden ze nu voor het vacaturebord.

Anno 1992 is het doek voor de oudste nog werkende suikerfabriek (1863) definitief gevallen. CSM kondigde vorige week aan de verwerking van suikerbieten in Halfweg te willen stoppen. Alleen de distributie en opslag van suiker zal blijven. Tijdens een bijeenkomst van de Industriebond FNV, die afgelopen maandagavond in de kantine werd gehouden, stemden de werknemers met het besluit in. Mits de directie voor een goed en fatsoenlijk sociaal plan zorgt.

In Halfweg werken families al generaties lang "in de suiker'. Vaders leerden hun zonen de pulppersen te bedienen, moeders leerden hun dochters de bietenwagens met de hand te lossen. “Op sommige verjaardagen praat men maar over één ding: de fabriek”, lacht een werknemer. In de omgeving van Halfweg stond en staat CSM bekend als een goede werkgever. Je kan er een goed loon verdienen en de arbeidsomstandigheden zijn redelijk.

Diep in hun hart kunnen de meeste werknemers het wel begrijpen. In de CSM-vestigingen in Breda en Groningen wordt een hoeveelheid suiker geproduceerd die overeenkomt met het door de EG vastgestelde quotum. De suiker die in Halfweg uit de silo's komt rollen is louter overproduktie. Deze wordt afgezet op de wereldmarkt, waar de prijzen ongeveer een kwart van de gegarandeerde EG-prijs bedragen. Tja, waar doe je het dan nog voor?

Ook stijgende milieuheffingen om geluids- en stankoverlast tegen te gaan zouden op de krappe brutomarges drukken. Al noemen zowel directeur als werknemers de lucht in de fabriek een "speciale geur' in plaats van stank.

Het doet pijn dat de fabriek dicht moet. De werknemers hadden het niet verwacht, nog niet. Binnen CSM was immers altijd sprake van een zevenjarige cyclus? In 1973 werd de fabriek in Oud-Beijerland gesloten en in 1980 volgde de vestiging in Steenbergen. Zeven jaar later was het de beurt aan de vestiging in Sas van Gent. Dus dacht men in Halfweg: àls de fabriek sluit, is dat pas in 1994.

“Ondanks het feit dat de werknemers het gevaar hebben zien aankomen zijn ze erg terneergeslagen”, zegt H. Koning van de Industriebond FNV. “In Halfweg heerste al tijden een stemming van "wij zijn de volgende'. Maar als het dan eenmaal zover is, komt de slag hard aan.”

Pag.19:

Suikerpotten en bietenmis, Halfweg is historie kwijt

“Als een donderslag bij heldere hemel”, zegt een oud-werknemer die anoniem wil blijven. Meer dan dertig jaar werkte hij voor CSM. De sluiting van de drie andere fabrieken heeft hij, zowel van dichtbij als veraf, meegemaakt. “Dat gaat je natuurlijk niet in je koude kleren zitten.”

Met de sluiting van een groot gedeelte van de fabriek, komt ook een einde aan de band tussen CSM en het plaatselijke verenigingsleven. Die was overigens de laatste jaren toch al minder hecht. Burgemeester F. IJsselmuiden van de gemeente Haarlemmerliede merkt ietwat misprijzend op dat de huidige directeur niet eens beschermheer van de muziekkapel "Eensgezindheid' is. Hetgeen directeur J. Blok later krachtig ontkent: “Ik speel geen instrument, maar ben wel degelijk beschermheer.”

Nee, dan was het vroeger wel anders. Een van Halfweg's bekendste fabrieksdirecteuren, A.J. van Rossum, blies op de piston in de kapel mee. Wie een vaste betrekking op de fabriek wilde, probeerde een plaats in het muziekkorps te veroveren. Zag Van Rossum dat je goed je best deed en sprak de dirigent een goed woordje voor je, dan was een baan geregeld.

Sommige werknemers kunnen zich nog de tijd van de "bietenmis' herinneren. Tijdens de campagne - de tijd dat de bieten geoogst en verwerkt moeten worden - vond de ochtendmis van de katholieke kerk om vier uur plaats. Op die manier konden de mensen van de vroege dienst voor het werk nog naar de kerk. Voor de mensen die uit de nachtdienst kwamen werd een mis om zeven uur 's ochtends gehouden.

Halfweg raakt een stuk geschiedenis kwijt. Daar is iedereen het over eens. “Halfweg is de suikerfabriek, wij zjn de suikerfabriek”, zeggen de werknemers. Buiten de fabriekspoort stappen ze snel op de fiets, de broodtrommel achterop gebonden. Het is te koud om te blijven praten en bovendien heeft de directie liever niet dat ze de pers te woord staan. Directeur Blok zegt dat CSM van de vorige sluitingen heeft geleerd: “Deze keer is het geen aapjes kijken.”

Wie de fabriek in wil, is na vijf uur welkom. Dan is de enorme fabriekshal verlaten en baadt de beroemde gevel die in 1648 door architect Pieter Post werd voltooid, in het licht. Twee enorme silo's, herkenningspunt voor vliegtuigen die op Schiphol willen landen, kijken over de polder uit. De mensen in Halfweg noemen de gevaartes van 43 meter hoog en met ieder een inhoud van 20.000 ton bijna liefkozend "suikerpotten'.

Binnen legt Blok de nadruk op het sociaal plan. Hij voorspelt dat CSM ongeveer twee maanden nodig zal hebben om dit op te stellen. CSM probeert een groot deel van de mensen te herplaatsen binnen het concern. Daarbij zal de levensmiddelen- en zoetwarentak binnen het bedrijf - onder meer Venco, Brinta en Honig - een belanrijke rol spelen. Daarnaast wijst M. Kroon, hoofd administratie, richting Schiphol. “De luchthaven staat voor een grote uitbreiding. Technisch personeel kunnen ze daar wel gebruiken.”

Directeur Blok hoopt zelf binnen de suikerdivisie van CSM te kunnen blijven. Hij is de vierde generatie van zijn familie die in de suiker werkt. “Hij is niet geboren, hij is uitgekristalliseerd in een kookpan”, grapt een stafmedewerker.