Den Haag geeft reis nog niet op

DEN HAAG, 22 JAN. Rekenen premier Lubbers en minister Van den Broek nog op een compromis met het ANC over hun voorgenomen bezoek aan Zuid-Afrika? Het feit dat Van den Broek na zijn eerste telefoongesprek zaterdag met Nelson Mandela ook maandag en dinsdag nog geruime tijd telefonisch met de ANC-leider heeft gesproken, maakt die conclusie onvermijdelijk. Lubbers en Van den Broek hebben de moed niet opgegeven, ze werken aan een regeling om later te komen dan de voorgenomen periode van 18 tot 20 februari, maar eerder dan de door het ANC geëiste overgangsregering is geïnstalleerd.

De Nederlandse regering heeft nog wat kaarten in de hand. In de eerste plaats heeft het ANC ook groot belang bij een goede toekomstige relatie met EG-lid Nederland. Dat men dat binnen het ANC zelf ook zo ervaart, blijkt wel uit het feit dat de organisatie heeft meegewerkt aan de komst van een grote Nederlandse handelsdelegatie begin maart onder leiding van staatssecretaris Van Rooy. Een andere potentiële troef is de jaarlijkse grote rede vrijdag van president De Klerk in het parlement; in voorgaande jaren deed hij daar zijn aankondigingen en toezeggingen voor radicale veranderingen van het systeem. Na vrijdag zou de lucht wel eens opgeklaard kunnen zijn tussen het ANC en De Klerk.

De premier legde zijn diepere gedachten hierover gisteren in de Kamer niet bloot. Maar Van den Broek moet na zijn telefoongesprekken met Mandela nog een zekere ruimte hebben gezien. Mandela heeft echter tijd voor overleg nodig; pas vrijdag keert hij uit Noord-Afrika naar Johannesburg terug en het National Working Committee van het ANC komt pas begin volgende week weer bijeen. Dan is het inmiddels zeker dinsdag geworden en vóór die datum zag Lubbers dan ook geen besluit vallen in het kabinet.

Toegegeven, zo kon men tijdens de twee uren durende interpellatie in de Kamer uit Lubbers' mond vernemen: dat Van den Broek z'n mond voorbij gepraat heeft tegenover een Telegraaf-journalist, heeft de zaak gecompliceerd, maar zelfs de beste breister laat wel eens een steekje vallen en verder is alles volgens in het diplomatieke verkeer gebruikelijke mores tot stand gekomen. “De suggestie dat wij pas met het ANC zouden zijn gaan praten omdat er berichten in de krant verschenen, leg ik als onzin terzijde”, aldus Lubbers.

Met de Zuidafrikaanse regering was weliswaar een datum afgesproken voor het bezoek, maar een invulling was nog niet aan het programma gegeven; dat kon pas nadat met het ANC was overlegd en uiteindelijk geldt de regel, zei de premier, dat een officieel bezoek pas vaststaat als men het eens is over het programma. Deze verdedigingstactiek van de premier legde bloot dat hij en Van den Broek er niet op hadden gerekend dat het ANC "nee' zou zeggen.

Tussen de regels door hoorde men bij de premier de opvatting dat die negatieve reactie vooral was gestimuleerd door de anti-apartheidsbewegingen in Nederland. De suggestie werd door vertegenwoordigers van de Anti-Apartheidsbeweging Nederland en het Komité Zuidelijk Afrika op de tribune en in de wandelgangen in zoverre ondersteund, dat zij vertelden in de dagen na het uitlekken (3 januari) van het voorgenomen bezoek het ANC-hoofdkwartier in Johannesburg te hebben gebombardeerd met telefoontjes en met faxen van uitspraken van bewindslieden en andere politici.

Dat feit logenstrafte tegelijkertijd de stellingname van regeringszijde dat men vóór 8 januari onmogelijk contact had kunnen krijgen met het ANC. Voorzitter Braam en woordvoerder Van Aurich van de Anti-Apartheidsbeweging Nederland zeiden vóór 8 januari soms wel vijf keer per dag contact met het ANC-hoofdkwartier te hebben gehad, onder anderen met secretaris-generaal Ramaphosa.

Het is een van de ongerijmdheden in het kleine drama rondom het bezoek, waartoe de uitnodiging in oktober 1990 door president De Klerk was gedaan tijdens diens bezoek aan Den Haag. Opvallend is ook dat Lubbers en Van den Broek vice-premier Kok, die toch de beste conacten met Mandela heeft, geheel buiten de besluitvorming lieten. Ook Kok kreeg het nieuws uit de krant te horen, evenals de rest van het kabinet. Van links tot rechts klonk daarover gisteren verbazing in de Kamer.

Tot “diep in het vorig najaar” was de opvatting geweest dat de tijd nog niet rijp was voor een gang naar Zuid-Afrika, aldus de premier. Op 10 december - tijdens de EG-top in Maastricht - hadden hij en Van den Broek eindelijk de agenda's getrokken om een datum in het vroege voorjaar te kiezen. Sinds De Klerks bezoek aan Nederland, aldus Lubbers, had de Zuidafrikaanse regering immers “een belangrijke bijdrage geleverd” aan de voortgang van het hervormingsproces, zoals afschaffing van de belangrijkste apartheidswetten, vrijlating van de meeste politieke gevangenen en een regeling voor terugkeer van politieke ballingen.

De ambassade in Pretoria ging voortvarend aan het werk. Er werd contact opgenomen met de Zuidafrikaanse regering, die op 20 december liet weten geen bezwaar te hebben, waarbij de termijn van 18 tot 20 februari als de meest geschikte werd gekozen. Daarna bleef het stil, volgens Lubbers als gevolg van de kerstvakantie hier en de grote vakantie in Zuid-Afrika. Het eerste contact van de ambassade met Mandela was pas op 8 januari, in de vorm van een persoonlijk overhandigde brief. Toen Van den Broek, zojuist teruggekeerd van een reis door het Midden-Oosten, op 18 januari telefoneerde met Mandela, had de zaak al een zodanige politieke lading gekregen dat simpele oplossingen er niet meer inzaten.

Heeft het ANC zo weinig zelfvertrouwen, zo vroeg Lubbers zich gisteren af, dat het een bezoek van de Nederlandse premier als een ondersteuning van de blanke minderheidsregering beschouwt? Tegen Groen Links en de PvdA zei Lubbers: “Het is geen kwestie van hoe meer Mandela, hoe minder de Klerk, hoe beter het gaat. Zij staan samen voor een geweldige uitdaging.” En ook: “President De Klerk heeft behoefte aan een sterke Mandela en Mandela heeft behoefte aan een sterke De Klerk.”

De premier zei het niet zo luid, maar de boodschap was duidelijk: voor hem telt niet alleen de mening van het ANC over deze reis. En dus is de beslissing nog niet gevallen.

Foto: Premier Lubbers gisteren in de Tweede Kamer tijdens het spoeddebat over de voorgenomen reis naar Zuid-Afrika (Foto Roel Rozenburg)