Strenge milieusvoorschriften bij nieuwe fabriek AD Chemicals; Dankzij "Sandoz' chemie veiliger

HEIJNINGEN, 21 JAN. Milieurampen à la Sandoz moeten worden voorkomen. Met dit doel heeft minister De Vries (sociale zaken) nieuwe richtlijnen uitgevaardigd, waarvan de laatste sinds vorige maand van kracht is. Donderdag heeft AD Chemicals in het Noordbrabantse Heijningen (bij Roosendaal) de eerste chemische fabriek geopend die volledig voldoet aan de "Post-Sandoz richtlijnen'.

De nieuwe richtlijnen zijn vooral bedoeld om calamiteiten bij brand te voorkomen, zoals bij het Zwitserse chemieconcern Sandoz in 1986 gebeurde. Bij het uitbreken van een brand functioneerde daar het waarschuwingssysteem niet naar behoren. Vervolgens kwam het door giftige verdelgingsmiddelen zwaar verontreinigde bluswater in de Rijn terecht. Voor de Rijnoeverstaten was het een afschrikwekkende milieuramp.

AD Chemicals is maar een klein bedrijf vergeleken bij een gigant als Sandoz, die voor ruim tien miljard per jaar omzet. De omzet van AD Chemicals bedroeg in 1991 ongeveer 12 miljoen gulden, en de winst van 1990 lag rond de 8 ton. Drs. H. Verberg richtte AD Chemicals in 1973 op. “Het begon met twee of drie man in de badkamer, de keuken en de garage”, vertelt adjunct-directeur A. Braad. De eerste jaren waren moeizaam, maar de afgelopen acht jaar groeide de omzet jaarlijks met circa 25 procent.

De chemicaliënfabrikant is gespecialiseerd in reinigingsmiddelen en produkten voor de oppervlaktebehandeling van metalen, vooral aluminium. Voordat lak of verf op metaal kan worden aangebracht, bij luxaflex of deurknoppen bij voorbeeld, moet de oppervlakte grondig worden gereinigd. Het metaal moet door verschillende baden, waarvoor AD Chemicals de vloeistof samenstelt. Bij de produktie probeert het bedrijf, dat over een eigen laboratorium beschikt, zo veel mogelijk het milieu te sparen. Het bedrijf slaagde erin de hoeveelheid vloeistof voor de behandeling van aluminium voor een aantal klanten met ongeveer 95 procent terug te brengen, aldus Braad.

AD Chemicals vond het te duur om zijn oude fabrieken in Barendrecht en Rotterdam aan de nieuwe milieuregels aan te passen. Na een aantal jaren zou het bedrijf wegens de sterke groei toch moeten uitbreiden. Daarom besloot de directie meteen een nieuwe fabriek te bouwen.

“Samen met een ambtenaar van de gemeente Roosendaal zijn we de "Post-Sandoz richtlijnen' gaan ontcijferen”, vertelt Braad, zelf chemicus. Hoewel richtlijnen het bindende karakter van wetten ontberen, spelen zij wel een centrale rol bij de aanvraag van bouw- en hinderwetvergunningen. “Niemand wist precies wat de richtlijnen inhielden, iedere ambtenaar had een andere interpretatie.” Waar twijfel bestond koos het bedrijf voor de strengste aanpak, om elke kritiek voor te zijn, aldus Braad.

“Brand voorkomen is lang niet altijd mogelijk”, legt de adjunt-directeur uit. Wel kun je voorkomen dat de brand zich verspreidt en dat verontreinigd water van het terrein afvloeit en zo in de grond, in het gemeentelijk riool en in de rivier (de Dintel) terechtkomt. De nieuwe fabriek, die zich inclusief het kantoor over 11.000 vierkante meter uitstrekt, is geheel op een vloeistofdichte betonnen bak gebouwd. Elke produktie- en opslaghal loopt af naar de achtermuur, zodat verspilde chemicaliën de hal niet uitstromen. Onder de hallen bevindt zich een aantal opvangkelders voor mogelijk verontreinigd bluswater.

Als er brand uitbreekt bij AD Chemicals wordt via het automatische alarmsysteem de brandweer van het nabij gelegen Fijnaart gewaarschuwd. Die behoort dan binnen een half uur ter plekke te zijn.

Een half uur brand in een chemische fabriek kan ernstige gevolgen hebben. Daarom zijn de opslag- en produktiehallen voor "niet-brandbare' stoffen, tien in totaal, alle gescheiden door brandwerende muren, die de vlammen ongeveer twee uur weerstand kunnen bieden. Aan weerszijden van elke tussenmuur en tegen de muur aangeleund staan grote stalen pilaren, door de muur heen met elkaar verbonden door "smelt-ankers'. Deze kunststoffen verbindingsstukjes smeltenals de hitte te groot wordt. Hiermee wordt voorkomen dat de staalconstructies, die bij hoge temperatuur krom trekken, de tussenmuren met zich meetrekken, zoals bij Sandoz gebeurde. Daardoor kan de brand in principe ook niet van de ene hal naar de andere overslaan.

In drie hallen waar licht ontvlambare stoffen zijn opgeslagen, zijn overeenkomstig de Post-Sandoz-richtlijnen "sprinklers' genstalleerd, een sproeisysteem dat bij brand automatisch gaat werken. Dat was niet genoeg omdat onvoldoende vers water van buitenaf in het systeem kon worden gepompt. Daarom moest het bedrijf nog een ondergrondse waterkelder bouwen. Deze kelder heeft een inhoud van 600.000 liter, goed voor een half uur sproeien. In die tijd moet de brandweer er zijn.

De gehele fabriek heeft 12 miljoen gulden gekost. Van dit bedrag is 20 à 25 procent uitgegeven aan milieu- en brandveiligheid. AD Chemicals hoopt uiteraard dat de concurrenten op korte termijn soortgelijke maatregelen zullen treffen, anders wordt het een dure grap. Uitgaand van gelijke produktprijzen verwacht Braad dat de investering zich over tien jaar terugbetaalt. De "ultra-veiligheidspolitiek' van AD Chemicals lijkt in ieder geval een succesvolle managementformule te zijn. “Juist de groten, zoals Dow Chemicals, Air Products en General Electric Plastics komen op ons af voor leveranties”. "Milieuverantwoordelijke' produktie blijkt goed te verkopen.

Rondom de fabriek is nog plaats om uit te breiden. Braad denkt dat terrein over een aantal jaren te gebruiken voor recyclingsinstallaties. Hij denkt hierbij aan bepaalde ontvettingsmiddelen. Nu gebruiken sommige chemische fabrieken voor het ontvetten nog steeds de beruchte chloorfluorkoolwaterstoffen (CFK's), maar AD Chemicals past deze stoffen niet toe. Tegen het jaar 2000 worden de CFK's verboden, omdat zij de ozonlaag aantasten. In Duitsland mogen CFK's op sommige plaatsen al niet meer worden gebruikt. Braad: “Als je stoffen moet gebruiken die tien keer duurder zijn dan CFK's, wordt het de moeite waard om ze voor andere bedrijven te recyclen.”

Zijn rampen van het Sandoz-soort nu niet meer mogelijk bij AD Chemicals? Adjunct-directeur Braad verzucht: “Op papier hebben wij een waterdicht systeem, maar je hebt nooit 100 procent zekerheid. Zo'n calamiteit is in ieder geval nooit tot een enkele oorzaak te herleiden.” Tegen de wet van Murphy ("als er iets fout kàn gaan, gaat het ook mis') zijn ministeriële richtlijnen niet afdoende.