Engholm stelt zich kandidaat als kanselier

BONN, 21 JAN. Björn Engholm, sinds vorig jaar SPD-voorzitter en sinds mei 1988 minister-president in de Noordduitse deelstaat Sleeswijk-Holstein, is bereid om kandidaatkanselier te zijn bij de Bondsdagverkiezingen in 1994.

Mocht Engholm dan van kanselier Helmut Kohl (CDU) verliezen, dan is hij ook bereid - “als er daarvoor dan geen andere kandidaat is opgestaan” - om tot 1998 in de Bondsdag oppositieleider te zijn. Met deze mededelingen heeft de 52-jarige Engholm gisteren een verrassend einde gemaakt aan een maandenlange “onnodige, voor de partij schadelijke en zwakzinnige discussie” in de SPD-top. Nog vlak voor het SPD-presidium gisteren in vergadering bijeenkwam had hij tegenover wachtende journalisten herhaald dat hij het eigenlijk nog veel te vroeg achtte voor een besluit over de kanselierskandidatuur, waarover een SPD-congres pas najaar 1993 formeel beslist.

Engholm moet op 5 april in regionale verkiezingen in Sleeswijk-Holstein de absolute meerderheid (54,8 procent) verdedigen die hij daar vier jaar geleden in de landdag behaalde. Dat hoge percentage was destijds mede te danken aan de voor de verkiezingen bekend geworden "Barschel-affaire', zo genoemd naar de inmiddels overleden CDU-premier die Engholms privéleven had laten bespioneren en het gerucht in omloop had laten brengen dat Engholm homoseksueel was.

Waar Engholm over ruim twee maanden in zijn eigen deelstaat electoraal voor een moeilijke proef op de som komt te staan, had hij liever een besluit over zijn kanseliers-kandidatuur tot komend najaar uitgesteld. Hij moest (en moet) toch al vrezen dat de kiezers in Sleeswijk-Holstein minder enthousiast zullen zijn voor een SPD-lijsttrekker die tussentijds wellicht naar de landelijke politiek in Bonn zou vertrekken.

Maar in de SPD-top, die zijn wens aanvankelijk had gerespecteerd, was de kwestie de afgelopen maanden op scherp komen te staan door toedoen van concurrenten als Hans-Ulrich Klose, fractieleider in de Bondsdag, en Oskar Lafontaine, een van de vice-voorzitters van de partij, premier in Saarland, die in 1990 mislukte als kanselierskandidaat door een zware nederlaag tegen Kohl.

Klose, die vorig najaar als fractieleider werd gekozen, had er sindsdien steeds op gehamerd, ook in interviews, dat Engholm zich op korte termijn moest uiten over zijn kanselierskandidatuur. Anders wilde hij daarvoor wel zelf aantreden, aldus Klose, die bovendien de voorwaarde stelde dat de kanselierskandidaat van de SPD na een nederlaag tegen Kohl (Klose: “Ik ben niet optimistisch”) bereid zou moeten zijn om de oppositie in de Bondsdag te gaan leiden.

Lafontaine had na zijn nederlaag tegen Kohl in december 1990, en door zijn direct daarop gevolgde weigering om het partij- en/of fractieleiderschap op zich te nemen, als opvolger van de uit beide functies teruggetreden veteraan Hans-Jochen Vogel, veel sympathie verspeeld. Maar de premier van Saarland, die een hernieuwde kandidatuur voor het kanselierschap niet wilde uitsluiten, was de afgelopen maanden onmiskenbaar weer aan het oprukken. Hij zette minister Waigel (financiën, CSU) in de Bondsraad onlangs de voet dwars aangaande diens belastingpakket voor 1992. Vorige week nog verraste hij (ook Engholm) met een pleidooi voor een NAVO-veiligheidsgarantie, of zelfs een NAVO-lidmaatschap, voor de landen van het Gemenebest van Onafhankelijke Staten. Dat leverde hem weliswaar hier en daar in zijn eigen partij kritiek op, hij geldt immers als verklaard tegenstander van de inzet van Duitse troepen buiten het NAVO-gebied (zelfs als het om vredesafdwingende acties van de VN gaat), maar zijn pleidooi deed het bij grote delen van de SPD goed.

Vooral onder druk van premier Johannes Rau (Noordrijn-Westfalen), Willy Brandt, oud-kanselier en SPD-erevoorzitter, en Vogel heeft Engholm gisteren zijn vroege besluit genomen. Zij hadden ervoor gewaarschuwd dat het personele debat in de SPD-top de partij schaadt en snel moet eindigen. Engholm zelf zei het op een persconferentie zó: “De verwachtingen van de partij zijn nu vervuld, zij kan zich weer met inhoudelijke zaken gaan bezighouden”.