Lombrosiaans

Vanaf het moment dat ik in mijn eerste luiers werd gewikkeld volg ik met belangstelling de internationale politiek. En met toenemende helderheid merkte ik in de loop der jaren dat mijn voorkeur voor sommige politici niet werd ingegeven door hun ideeën en inzichten, want meestal ontbraken die schromelijk, maar door hun vrolijke of vertrouwenwekkende ogen.

Cesare Lombroso heeft in de vorige eeuw over de uiterlijke kenmerken van criminelen geschreven, en zijn theorieën zijn verworpen, maar degene die vrij is van Lombrosiaanse oordelen werpe de eerste steen.

De eerste vraag die bij een gezonde burger opkomt wanneer hij een politicus waarneemt luidt: zou ik van hem een tweedehands auto kopen? En als de politicus een laag voorhoofd heeft, doorlopende wenkbrauwen, vooruitstekende tanden en een wijkende kin, dan wordt de kans groot dat wij de auto laten staan, ook al zou het wagentje nog best een ton kunnen meegaan.

Van Gorbatsjov, bijvoorbeeld, zou ik wel een gebruikte Zil durven overnemen. Hij kijkt altijd helder en uitgeslapen uit zijn ogen, zijn voorhoofd loopt tot halverwege zijn schedel, en die vlek maakt hem zo gewoon en menselijk.

Jeltsin daarentegen vind ik eng. Diens auto zou ik niet willen kopen, al is het een Lamborghini voor de prijs van een Daf. Dat komt omdat ik zijn ogen nauwelijks zie, er hangen van die vetzakjes voor. En verder grijnst hij altijd, ook als er niks te grijnzen valt. Ik weet het, dat wordt veroorzaakt door zijn papwangen. Van zichzelf zegt Jeltsin dat hij een democraat in hart en nieren is die helaas per decreet moet regeren en ik zou dat moeten vertrouwen maar ik doe het niet. Als Jeltsin straks gepensioneerd is en political consultant wordt, dan komt hij bij mij niet over de vloer.

Gamsachoerdia van Georgië is een heel ander geval. Ik behoor eigenlijk een flinke dosis argwaan bij die man te voelen, maar om de een of andere reden vind ik hem aardig, vermoedelijk uit omgekeerde Lombrosiaanse motieven. Hij oogt echt als een nette man met een verzorgd, charmant snorretje, zijn haar is op een aristocratische manier aan het grijzen en hij heeft een vermoeide, lankmoedige oogopslag. Van zo'n man koop je ondanks jezelf blind een doorgeroeste Fiat.

Neem Reagan. Hij had een fijn ontspannen gezicht met glinsterende pretoogjes, een oprechte glimlach en een prachtige zwaaibeweging, veel eleganter dan die geforceerde hoekige zwaai van Bush. Ik heb een zwak voor hem. Hoe erg het ook was wat Reagan ondernam, je vergaf hem alles omdat hij zo mooi kon zwaaien en zo ondeugend keek.

Zelfs Kissinger won mijn hart. Hij zag eruit als een professor in een film van Jerry Lewis; zijn saaiheid was tegelijkertijd zijn grote kracht. Zijn geperfectioneerde Duitse accent, onbewogen blik, en geen-gezicht-1953-bril hebben zijn latere carrière als political consultant beslissend vooruitgeholpen. Kissinger toonde aan dat het gebrek aan zichtbare emotie en een overdaad aan donkere keelgeluiden bouwstenen zijn voor een wereldcarrière. Wie onaangedaan oogt, zo luidt de les die hij leerde, die twijfelt niet.

In Moskou onderricht hij op dit moment Gorbatsjov in de fijne kneepjes van het sonore gebrabbel en het lege staren. Binnenkort zal Gorbatsjov in vloeiend Engels, met een zweem van een Duits accent, als political consultant ongrijpbare commentaren ten gehore brengen en een jaar later verklaren dat hij alles juist heeft voorspeld.

Hoe kom ik bij het publiek over? is de belangrijkste vraag die een politicus zichzelf heden ten dage kan stellen. Onze voor- en afkeuren beslissen nu eenmaal over een toekomstige loopbaan als political consultant, de best betaalde rol voor een gepensioneerd politicus. En omdat wij op intuïtieve Lombrosiaanse basis onze politici kiezen, dienen zij zich rekenschap te geven van hun voorhoofd, wenkbrauwen en kin.