Het Trio vormt unieke samenstelling van fluit, basklarinet en piano; Afwisselend feestconcert van niveau

Concert: Het Trio. Werken van: Ford, Van Emmerik, Donatoni, Brophy en Perezzani. Gehoord: 18/1 Beurs van Berlage, Amsterdam.

Vierenzeventig werken, waaronder vele Nederlandse zoals van Otto Ketting, Ton de Leeuw en Theo Loevendie om er maar drie te noemen, dat is het repertoire van een trio bestaande uit Harrie Starreveld (fluit), Harry Sparnaay (basklarinet) en René Eckhardt (piano). Tien jaar geleden, november 1981, wijdde Het Trio zich voor het eerst aan een eigentijdse compositie: Jan Vriend's Heterostase, een compositie over “muzikale en instrumentale acrobatiek”. Zo is het allemaal begonnen. Klassiek-romantische composities zijn er overigens niet voor deze samenstelling, de basklarinet is immers als solo-instrument een nieuwkomer.

Aanvankelijk dacht men aan een titel voor het volstrekt uniek samengestelde ensemble als Sta-Spar-Eck (ook de titel van een trio van Primoz Ramovs), maar het werd uiteindelijk eenvoudigweg Het Trio. In het buitenland vaak trio HET, en zo betitelde Franco Donatoni ook zijn compositie uit 1990. Compositie èn componist waren present op het jubileumconcert zaterdagavond in een uitpuilende Aga-zaal in de Beurs van Berlage en er stond nog een Italiaan op het programma: Paolo Perezzani. In 1985 schreef hij voor de Gaudeamus Muziekweek een fluitsolo, voor Harrie Starreveld aanleiding om aan Perezzani een werk te vragen voor Het Trio. Inmiddels schreef Perezzani een fluitconcert, een duo voor basklarinet en contrabas en solowerken voor basklarinet en contrabasfluit.

Naast Nederlanders en Italianen is er nog een ruim bemeten categorie Engelse en Australische componisten die Het Trio van nieuwe werken voorzag en ook die waren op het feestconcert vertegenwoordigd.

Kort gekarakteriseerd leverde dit het volgende op: Ringing the Changes van Andrew Ford als evenwichtig openingsstuk - precies op tijd wisselt het spel -, Head van Gerard Brophy - met weliswaar meer lef en humor dan diepgang, maar in ieder geval buitengewoon dankbaar geschreven -, HET van Donatoni - onnavolgbaar, spiritueel en speels - en Il volto della notte van Perezzani als het meest fantastische werk met de meest bijzondere technieken, de dankbare uitsmijter dus.

En natuurlijk ontbrak ook nu niet een première: Ivo van Emmeriks volstrekt antitheatrale Thought (second state), afgeleid van Thought for 3 soloists and orchestra. De solisten verdronken ditmaal niet in het orkest zoals in de Holland-Festivaluitvoering van vorig jaar, en nu was dan de partij van de zachte basfluit ook werkelijk te horen. Afgezien van de rijkere pianobijdrage, die als het ware de orkestpartij heeft overgenomen, en een wat andere volgorde van de onderdelen is er niets aan veranderd. Ik vond het een evenwichtige en in ieder geval duidelijkere compositie geworden.

Origineel was de toegift, maar wat was de achtergrond daarvan? Alledrie de musici kropen achter de piano voor Mauricio Kagels Der Eid des Hippokrates (1984) in een driehandig spel op de toetsen, maar ook in een behandeling onder, tegen en boven de vleugel. Hippokrates van Kos (460-370 v.Chr.) verhief de geneeskunde tot wetenschap en legde voor de artsen uit zijn tijd morele eisen vast in boeken als "De eed', en daarmee eindigt Kagels werk. Maar nogmaals, welke eed zworen die drie zaterdagavond? Een eed om een volgend lustrum te halen? Dat lijkt me volstrekt overbodig. Het Trio ontleent zijn bestaansrecht niet alleen aan de unieke samenstelling en het hoge niveau, afgezien nog van de qua temperamenten elkaar zo goed aanvullende, individuele eigenschappen van de leden, maar vooral van het steeds interessantere repertoire. Aanvankelijk lieten de componisten zich eenzijdig leiden door het effectvolle contrastgegeven van hoge fluit en lage basklarinet, maar zeker zo'n werk als dat van Donatoni heeft niets effectvols, sterker, klinkt nu al als klassiek.