Druppers gestopt. Waarmee?

De televisie liet hem in een flits nog even zien. Hij zat, zoals gebruikelijk de stekels recht overeind, tussen het gewone publiek op de tribune en keek naar de wedstrijden in een Zwolse accommodatie waar een mens ook niet vrolijker van wordt.

Zaterdag stond er een klein berichtje over hem in de krant: Rob Druppers gestopt. Gestopt? Waarmee, dan wel. Het bleek atletiek te zijn, een sport die hij in een grijs verleden veel te kort op een hoog niveau heeft bedreven en die hij klaarblijkelijk nog altijd tussen zijn seizoenlange blessureperiodes heen is blijven beoefenen. Een blokje om het huis, even in de looppas om een halfje bruin of een forse doktersrekening betalen.

Vlak voor grote toernooien gaf hij nog wel jaarlijks een interview aan een sportredacteur die dat seizoen alle drie de toppers van ons land al had gesproken en nu Druppers had opgebeld om toch maar “iets” te hebben.

Op de foto die daar steevast bij werd afgedrukt, kon je zien dat hij het zelf ook al lang niet meer geloofde. Atletiek was zijn grote liefde, maar de sport had de verkering met Rob al lang uitgemaakt. Wanhopig staarde hij de mensheid vanaf de pagina aan. Altijd die treurige blik. Behalve aan zijn achillespezen was Druppers chronisch geblesseerd aan zijn lachspieren.

In de atletiekwereld werd onophoudelijk met ontzag over hem gesproken. Technisch directeur Arie Kauffman mompelde meestal iets over “het vraagteken Druppers. Met hem weet je het nooit. Maar hij moet zich natuurlijk nog wel kwalificeren.” Iedereen knikte onbestemd. Want men wist dat Druppers zich natuurlijk nooit plaatste voor een groot toernooi en als hij het per ongeluk wel deed, speelde meestal daags voor zijn grote come-back die “oude blessure” toch weer lelijk op. Zo werd Druppers een spookatleet. Nu is dat melodrama voorbij. Als Druppers niet zo lang had doorgehinkt zou hij de historie zijn ingegaan als een talentvolle atleet, die zo zwaar door het onrecht van de kwesturen werd getroffen. In 1983 prachtig tweede op het eerste wereldkampioenschap. Sinds die tijd herinneren we ons zijn carrière als een uittreksel van een medisch handboek. Hoewel de krant van zaterdag in het sportieve doodsbericht ook nog trots melding maakte van het feit dat hij houder is van een wereldrecord: de 1000 meter indoor. Een incourante afstand, stond er tussen haakjes achter. Het heeft Druppers nooit echt meegezeten in zijn loopbaan.