Juridische twijfels om Vietnamezen; Prof. mr. R. Fernhout verbaasd door hardnekkige opstelling van Praag; Hoogleraar: Nederland had veel eerder contact met Hanoi moeten zoeken over vluchtelingen

NIJMEGEN, 18 JAN. De Nederlandse regering heeft veel te lang eenzijdig druk uitgeoefend op Tsjechoslowakije om de naar ons land uitgeweken Vietnamezen weer terug te nemen. Al in een veel eerder stadium had Nederland, bij voorkeur in Europees verband, rechtstreeks contact moeten zoeken met Hanoi voor overleg over een gewaarborgde terugkeer naar Vietnam.

Dat zegt prof. mr. R. Fernhout, hoogleraar Europees migratierecht aan de katholieke universiteit in Nijmegen en voorzitter van Amnesty International.

“We staan juridisch niet sterk. Tsjechoslowakije is nergens aan gebonden”, aldus Fernhout. Het VN-vluchtelingenverdrag, waartoe inmiddels ook Tsjechoslowakije is toegetreden, biedt geen uitkomst want daarin staat niet welk land verantwoordelijk is voor het behandelen van een asielverzoek.

Fernhout: “Het enige wat we hebben op dit punt is een aanbeveling van het Hoge commissariaat voor de vluchtelingen. Daar is vier jaar aan gewerkt en uiteindelijk met de instemming van 41 landen waaronder Nederland in 1989 aangenomen. Op grond van deze aanbeveling zou Tsjechoslowakije verantwoordelijk zijn. Maar van meer dan een morele binding is geen sprake. En Tsjechoslowakije heeft niet bij die vergaderingen gezeten. Het land heeft er ook blijkbaar geen boodschap aan.”

Het heeft hem wel verbaasd dat Praag zo hardnekkig weigert de uitgeweken Vietnamezen weer terug te nemen - hoewel nu voor 24 uitgeprocedeerden onder hen waarschijnlijk een uitzondering wordt gemaakt. Toen Fernhout in december 1990 Praag bezocht hoorde hij M. Freiova, die afgelopen maandag met een Tsjechoslowaakse delegatie in Den Haag overleg heeft gevoerd om uit de impasse te geraken, nog zeggen dat haar land zeker geen Russische deserteurs kon terugsturen. “Met de Vietnamezen wordt blijkbaar gemakkelijker omgegaan. Alsof die niets te vrezen hebben.”

Welke garanties krijgt Nederland bijvoorbeeld van Praag als Vietnamezen worden teruggestuurd over bijvoorbeeld goede opvang en begeleiding en over het weer toelaten tot de asielprocedure? Tsjechoslowakije mag krachtens het vluchtelingenverdrag geen mensen terugsturen die vervolging wegens hun politieke achtergrond te wachten staat (het non-refoulement beginsel) maar, aldus Fernhout, “hoe weet je zeker dat dat ook niet gebeurt?”

“Daarom zeg ik dat het niet voldoende is wanneer wij alleen maar de garantie krijgen dat ze in Praag goed worden opgevangen. Wanneer mensen door Praag worden teruggestuurd naar Hanoi en daar in problemen komen - en dat is allerminst onvoorstelbaar - dan zitten we fout. Dan maakt Nederland zich mede schuldig aan refoulement.”

Waterdichte garanties zal Nederland van Praag niet krijgen, er zal zelfs niet om worden gevraagd. Want als Praag die namelijk niet wil geven zit Nederland volgens Fernhout met de zwarte piet.

De kans dat Vietnamezen, wanneer zij worden uitgezet, in Tsjechoslowakije politiek asiel krijgen is niet groot - daarvoor ontbreken volgens bijvoorbeeld de Tsjechoslowaakse staatssecretaris van buitenlandse zaken, M. Palous, overtuigende bewijzen dat zij in Vietnam gevaar lopen. En dus lijkt terugkeer naar hun land van herkomst onvermijdelijk.

Fernhout: “Terwijl Nederland noch Tsjechoslowakijke over harde garanties uit Hanoi beschikken dat ze werkelijk met rust gelaten zullen worden. Hier wreekt zich het gebrek aan creativiteit bij iemand als staatssecretaris Kosto. Die had al vorig jaar toen de Vietnamezen hier kwamen, er bij Buitenlandse Zaken op moeten aandringen dat rechtstreeks met Hanoi moest worden gepraat, met of zonder Tsjechoslowakije er bij. Nu schijnt er eindelijk wat beweging te zitten in het contact tussen de Vietnamese en de Nederlandse regering. Hanoi zal harde garanties moeten geven. Inderdaad, die kun je niet afdwingen. Hoewel ik niet uitsluit dat het niet kan, als je tenminste genoeg geld meeneemt.”