Serviër eist dat Kroatië verloren gebied opgeeft

BELGRADO, 17 JAN. De Servische leider Borisav Jovic heeft gisteren geëist dat Kroatië de gebieden waarover het op het ogenblik geen controle uitoefent, opgeeft. De opmerkingen van Jovic, het Servische lid van het Joegoslavische staatspresidium, maken volgens waarnemers duidelijk dat de strijd om de gebieden van de Servische minderheid in Kroatië nog lang niet voorbij is.

Volgens Jovic kan de internationale gemeenschap Kroatië alleen erkennen met de grenzen waarbinnen de Kroatische regering zeggenschap heeft. De rest van hun grondgebied zouden de Kroaten moeten opgeven. Volgens Jovic heeft de internationale erkenning van Kroatië en Slovenië de feiten van het Joegoslavische conflict niet veranderd.

Tijdens de burgeroorlog van de afgelopen maanden hebben het door Servië gedomineerde federale leger en Servische milities grote delen van Krajina, Slavonië en Banië op de Kroaten veroverd. Bij elkaar gaat het om ongeveer eenderde van de totale oppervlakte van Kroatië.

In tegenstelling tot Jovic lieten gisteren andere Servische leiders zich verzoenend uit. President Milosevic van Servië zei dat het federale leger zich buiten de conflicten in Bosnië-Herzegovina en Macedonië zou moeten houden. Beide republieken hebben de onafhankelijkheid uitgeroepen, die echter in beide gevallen door de internationale gemeenschap (Bulgarije uitgezonderd) niet is erkend. In Bosnië heeft de Servische minderheid een eigen republiek uitgeroepen en aansluiting bij Servië geëist. Ook de leider van de Servische minderheid in de Kroatische regio Krajina, Milan Babic, liet zich gisteren in gematigde termen uit. Hij zei te verwachten dat het bestand het houdt en dat hij hoopt dat in het kader van het VN-vredesplan - dat hij zelf afwijst - aandacht zal worden besteed aan de belangen van de Servische inwoners van Kroatië. (Reuter)