Technisch leder

De tentoonstelling "Technisch Leer" loopt tot en met zondag 5 april 1992

Plaats: Nederlands Leder- en Schoenenmuseum, Elzenweg 25, 5144 MB Waalwijk (04160-32738). Openingstijden: dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00; in het weekeinde van 12.00 tot 16.00

Het gekmakend getik van een druppelende badkraan. Een defect zuigertje in de fietspomp. Een ongekrijte pomerans op de biljartkeu. Zo maar wat toepassingen van "technisch leder". Ze zouden niet tot zulke ernstige huiselijke crises mogen leiden. De keuze voor leer op basis van elasticiteit, soepelheid en duurzaamheid was namelijk wéldoordacht.

Het Nederlands Leder- en Schoenenmuseum in Waalwijk wijdt een wisseltentoonstelling aan technisch leer. Er wordt hierin dus geen aandacht besteed aan hoogmodische zaken als schoeisel, kleding, meubelen, koffers, tassen en wandbekleding. Het gaat nu om iets anders.

Wat maakt(e) men dan wel van technisch leer? Veerbanden voor koetsen. De Gouden Koets waarin onze Koningin zich verplaatst heeft ze. Ze zijn volledig berekend op hun gewichtige taak, vertelde de oud-directeur van de leer-vestiging van het TNO te Waalwijk die de tentoonstelling opende. Hij had ze enige tijd geleden nog in eigen persoon mogen inspecteren. Ook paardetuigen, zadels, hamen en garelen worden zoals bekend grotendeels in leer uitgevoerd. Net als de echte fietszadels. Die nemen vocht op en verminderen de pijn in de bilstreek. Ze moeten dan wel dik in 't zadelvet om soepel te blijven. Ook niet onafgedekt in de regen laten staan!

Er zijn legio andere mogelijkheden. Leren scharnieren, bijvoorbeeld op rieten kattemandjes. Leren stootranden en buffers. Blaasbalgen voor het aanwakkeren van smidsvuren (en tegenwoordig de open haard). Balgen van oude fototoestellen, die het mogelijk maken het beeld scherp te stellen door het verschuiven van de lens.

Meubelmakers gebruikten stukken haaievel (bezet met fijne tandjes) als schuurpapier. Op de haaierug waren de tandjes grof, op de buik fijn. Edelsmeden deden veel van hun ciseleerwerk op met zand gevulde leren kussens. In de textielnijverheid vond je talloze leer-toepassingen. Bijvoorbeeld Lederhosen op kammachines, en op een weefgetouw leren drijvers, schachtriemen, schakelriemen, buffers en vang- en slagriemen. In de werktuigbouw werden aan sterke stoten onderworpen tandwielen wel uit ruwhuid gemaakt. Ze mochten niet geölied worden want dan verslapten de tanden. In de chemie gebruikt men nog steeds leren manchetten, afdichtingen en pakkingen. Gasmeters hebben een leren membraantje.

Verreweg het meeste technisch leer diende de drijfriem-fabricage. Met de opkomst van de stoommachine moest er een systeem komen om de centraal opgewekte energie te verdelen over talloze bewerkingsmachines in de fabriek. Dat gebeurde met lange drijfassen. Elke machine werd afzonderlijk met een leren riem vanaf de drijfas in beweging gezet.

Puur leren riemen behoren, net als stoommachines, tot het verleden. Drijfriemen bepaald niet. Het leer werd algemeen verdrongen door rubber met textielinlagen en door kunststof. In speciale gevallen worden echter nog "sandwich-riemen" gebruikt. Ze bestaan uit een nylon kern die aan beide zijden is bekleed met een laag chroomleer. Zulke riemen zijn antistatisch en dus vonkvrij. Bovendien zijn ze antislip, ook in een vochtige en olierijke omgeving. Ze worden onder voorspanning aangebracht en hoeven niet nagesteld te worden. Je treft sandwich-riemen aan bij pompen aan boord van olieschepen. Leer is daar nog steeds essentieel.

In de Waalwijkse tentoonstelling zijn ook diverse ongeïdentificeerde objecten te zien. Men hoopt op suggesties van de (ongetwijfeld talrijke) bezoekers.