Studenten Orkest in teken van liefdesparen

Concert: Nederlands Studenten Orkest o.l.v. Jules van Hessen, met Alexandra Nagelkerke, sopraan. Werken van Prokofjev, Tsjaikovski, Wagner, Zuidam en Ravel. Gehoord: 15/1 Muziekcentrum Vredenburg, Utrecht. Herhalingen: 16/1 Maastricht, 17/1 Middelburg, 18/1 Rotterdam, 19/1 Groningen, 20/1 Nijmegen, 21/1 Amsterdam, 22/1 Brussel.

Het Nederlands Studenten Orkest viert zijn veertigjarig bestaan met een tournee door Nederland en België met als thema legendarische liefdesparen. De protagonisten zijn respectievelijk Romeo en Julia (Prokofjev), Tatjana en Lenski (Tsjaikovski), Tristan en Isolde (Wagner), Daphnis en Chloë (Ravel) en Rob en ? (Zuidam). Er wordt kranig en met grote inzet gemusiceerd, hoewel anderzijds niet verhuld blijft dat dit op zichzelf heel aardige idee resulteert in een toch wel heel ambitieus en zelfs voor een professioneel ensemble uitgesproken zwaar programma.

Rob Zuidam becommentarieerde zijn compositie She's everywhere now that she's gone: “Het idee ontstond, toen ik de afgelopen zomer in New York verbleef. Ik bleef alleen in een ruimte achter waar ik zojuist met iemand, op wie ik ontzettend verliefd was, een ontmoeting had gehad. Eigenlijk "was' het stuk er meteen, heb ik het haastig opgeschreven en later verder uitgewerkt.” Maar delirisch werd het niet, zoals de componist zelf constateerde: “De muziek houdt zich bezig met vormen en grenzen van continuïteit en discontinuïteit, kleuren en gebaren die uiteenlopen van een introspectieve, totale verstilling tot heftige, extatische erupties, die zich aandienen en als vanzelf weer verdwijnen met een soms pas achteraf verklaarbare logica.”

De "Julia' van Rob blijft anoniem. Wie hem heeft aangezet tot het schrijven van bovengenoemde ode, komen wij niet aan de weet. Toch krijg ik het idee dat de dame in kwestie uit de Balkan of het Nabije Oosten afkomstig moet zijn, getuige de trompetsolo aan het slot, want het werk mondt uit in een declamatorische stijl als een soort van exotische Bartok. Helaas is het schrijven van een melodie niet Zuidams sterkste kant. Zijn werk maakt de indruk vrij snel in elkaar gezet te zijn, met als sterkste punt de instrumentatie die zeker niet zonder raffinement is. Ook de vormopbouw - al zakt het werk in het centrum wat in - kan ermee door, maar het slot blijft helaas zwak.