Standen hoppen door het net; In het telemeting project dat maandag in Den Haag start worden de meterstanden op een geavanceerde manier door het net gestuurd

Het heeft wat langer geduurd dan de bedoeling was, maar maandag begint het GEB van Den Haag aan een uniek project. Op 300 adressen zullen de gas- en elektriciteitsmeters op afstand worden afgelezen. Daarnaast zal het GEB op 25 adressen de spanning op afstand gaan meten. Geen meteropnemer meer die de strijkplank in de meterkast opzij moet schuiven, maar een paar heren die op het GEB-kantoor aan de Loosduinseweg achter een computerscherm de stand in de gaten houden. Geautomatiseerde aanmaak van nota's is de volgende stap.

Het opmerkelijkste van het Haagse project is dat de meterstanden niet met een telefoonlijn, de TV-kabel of door de ether bij het GEB komen, maar dat ze door dezelfde koperdraden gaan die ook de elektriciteit het huis in brengen.

Het gaat nog om een proefproject, vertelt ing. Griffioen, projectleider van de Haagse telemeting. Een bescheiden versie van het project zou eigenlijk al vorig jaar van start gaan, maar toen Griffioen in de gaten kreeg dat het Milieu Actie Plan en de Novem subsidies voor dit soort energiebesparende projecten verstrekten, zag hij zijn kans schoon en breidde het project uit tot de vorm die het nu heeft. Het project moet antwoord geven op drie vragen: wat is de beste techniek voor het versturen van de meterstanden, wat kun je allemaal te weten komen met deze telemeting en kun je zo tot energiebesparingen komen?

De laatste vraag is de belangrijkste. De meeste mensen krijgen maar een keer per jaar een afrekening van hun energiekosten. Soms kon de meter niet worden afgelezen en is het verbruik geschat. Die dingen hebben tot gevolg dat maar een enkeling weet of hij nu weinig of veel energie gebruikt. Griffioen: ""Het is natuurlijk veel effectiever als je de mensen elke week kunt vertellen wat hun verbruik is, en of dat lager of hoger is dan de norm. En als je ze dan voor die periode ook nog een nota stuurt heb je een lik-op-stuk beleid dat onmiddellijk tot besparingen kan leiden.''

Maar hoe doe je dat? Welnu, voor telemeting zijn al verschillende technieken beschikbaar. Ze komen er allemaal op neer dat de gas-, elektriciteits- en eventueel ook de watermeter met opnemertjes worden uitgerust. De opnemertjes zijn met een kastje ("huiseenheid') verbonden dat de tellerstand vertaalt in een digitale code. De code wordt vervolgens met een identificatie-code ("ik ben kastje 34536') als een verzameling toontjes een netwerk ingestuurd. Daarvoor kan het telefoonnet of de televisiekabel worden gebruikt, ook radio is mogelijk. In Dordrecht en in Limburg zijn plannen om voor telemeting de TV-kabel te gebruiken, in Rotterdam denkt men aan de telefoon. De Haagse en Amsterdamse GEB's geven de voorkeur aan het elektriciteitsnet. Dat ligt er toch al, bovendien precies op de plaats waar het wezen moet, en elektriciteit en toontjes hoeven elkaar niet te storen.

Er zijn twee technieken: laag- en hoogfrequent. Bij de laagfrequente techniek gaat het om toontjes van rond de 5000 Hz, de hoogfrequente signalen hebben een frequentie van ongeveer 70.000 Hz. Beide sytemen hebben hun voor- en nadelen. De laagfrequente techniek heeft als bezwaar een geringere communicatiesnelheid. Voor het aflezen van alle 250.000 gas-, water- en elektriciteitsmeters van Den Haag zou drie dagen nodig zijn. Met hoogfrequente signaaltjes gaat het in drie en een half uur. Ter vergelijking: de menselijke meteropnemers doen er een jaar over.

De hoogfrequente signalen kunnen zo verzonden worden dat ze ongevoeliger zijn voor netstoringen. Frequency hopping noemt de signaaltechnicus deze aan de militaire industrie ontleende techniek. De signalen worden meerdere keren en op verschillende frequenties uitgezonden en er is altijd wel een versie die door de ruis en de storingspieken heenkomt.

Het nadeel van de hoge frequenties is echter dat de signalen sneller "uitsterven' en geheel sneuvelen in de transformatorhuisjes. In die huisjes wordt 10 kilovolt hoogspanning naar de 220 volt voor de huishoudens omgezet. De transformator die dat werkje verzorgt bestaat uit twee wikkelingen om een kern en de sprong van de ene wikkeling naar de andere kunnen hoogfrequente signalen niet maken. Daarom moeten zij gebruik maken van een optische omleiding. In deze gateway worden de signaaltjes eerst omgezet in lichtpulsjes en een lichtgevoelig celletje dat pal tegenover de lichtbron staat zet de lichtpulsjes weer in spanningsvariaties om.

Het uitsterven van de signaaltjes wordt tegengegaan doordat elk bij de gebruiker opgesteld kastje ook als een repeater kan werken: hij kan een zwak signaal dat van een ander kastje of van het GEB komt versterken en opnieuw het net in sturen.

In het proefproject zullen de meeste aansluitingen met laagfrequente signalen werken, maar in de wijk Bezuidenhout-Mariahoeve zijn 25 aansluitingen gekozen die met hoogfrequente signalen werken. In die buurt zijn nogal wat stoorsignalen. Ze worden veroorzaakt door door de gelijkrichters van de HTM en de NS, door de teruglevering van elektriciteit aan het net door warmte-kracht centrales, door de liften van de grote kantoorgebouwen en door de alomtegenwoordige kleurentelevisies. Het GEB redeneert dat als de signalen deze storingen overleven, ze tegen alles bestand zijn.

Spanning

Over de toepassingsmogelijkheden van telemeting bestaan hoge verwachtingen. Het aflezen van de meterstanden en het versturen van wekelijkse overzichten is maar één aspect. Een ander doel van het project is een inzicht te krijgen in de spanning zoals die bij de huishoudingen wordt afgeleverd. Een voltmeter meet de spanning en zendt het resultaat als een code naar het GEB. Een inzicht in de werkelijke waarde stelt het GEB in staat precies de juiste spanning (220 volt) af te leveren. Nu wordt er voor alle zekerheid vaak te hoog afgeleverd - en dat kost extra vermogen. Griffioen: ""Telemeting kan dus uiteindelijk centrales uit gaan sparen.'' Maar bij meten houdt het project niet op: ""Wat we straks hebben is een communicatienet voor twee richtingen. Wij kunnen de meters aflezen, maar als de gebruiker dat wil, kunnen we ook allerlei apparaten voor hem in of uitschakelen.''

Dat is niet helemaal nieuw, want ook nu al worden de 30.000 huurboilers van Den Haag op afstand in- en uitgeschakeld. Voor de gebruikers is dat aantrekkelijk, want ze kunnen dan van een goedkoop tarief profiteren. In het nieuwe systeem is veel meer mogelijk. De huiseenheden hebben alle een unieke code en zo'n eenheid kan vanaf het GEB-kantoor worden geïnstrueerd de "groep' waar bijvoorbeeld de wasmachine op zit, op een bepaald moment aan of uit te zetten.

Dat het GEB deze mogelijkheid aanbiedt hangt samen met zijn wens de pieken in het stroomverbruik zoveel mogelijk af te vlakken ("piekschering'). Het manipuleren van grote groepen stroomvreters is daarin een handig instrument. Piekschering is profijtelijk, want elk GEB wordt door de elektriciteitsleveranciers aangeslagen voor zijn aandeel in de landelijke piek. Dat leidt tot strategieën waar speltheoretici de vingers bij aflikken; elk GEB probeert zijn aandeel zo laag mogelijk te houden, maar moet tegelijkertijd zien te voorkomen dat het in een andere piek terechtkomt. De elektriciteitsleveranciers slaan dat met voldoening gade, want het netto resultaat van al die individuele inspanningen is een steeds vlakker wordende curve. En dus uiteindelijk minder centrales, want het aantal centrales is afgestemd op de piek.

Griffioen wil verbruikers die in piektijd zware apparaten hebben aanstaan (wasmachines, vaatwassers, boilers) op het spoor komen door de verbruikcijfers goed te bestuderen. "Het is jammer dat we de watermeter nog niet in het programma hebben'', zegt hij ""dan kon je de was- en afwasmachines uit de combinatie van water- en stroomverbruik nog gemakkelijker op het spoor komen.''

Combineren van verschillende gegevens zal op een ander terrein zeker wel tot interessante mogelijkheden leiden: plotseling terugvallend gasverbruik bij een gestaag doormalende elektriciteitsmeter kan een teken zijn van geknoei met de gasmeter - of een defecte gasmeter - en een reden zijn voor een bezoekje.

Privacy

Het zijn dit soort mogelijkheden die de toehoorder toch wat onbehaaglijk voorkomen. Het zal voor de GEB's straks nog maar een koud kunstje zijn om aan de hand van ons gas- en elektriciteitsverbruik ons dagelijks leven stap voor stap te reconstrueren: of alle leden van het huisgezin overdag weg zijn, of we de weekenden thuis doorbrengen, hoe laat we 's avonds thuiskomen, of we wel thuiskomen, hoe laat we naar bed gaan, etcetera.

Griffioen: ""Met dit systeem is de meteropnemer niet meer nodig. Heel wat mensen vinden zo'n man die bij je binnenkomt ook een aantasting van hun privacy. Bovendien, als het systeem echt wordt ingevoerd zullen de gebruikers alleen meer dan een keer per maand worden afgelezen als ze daar toestemming voor geven. De gebruikers in het proefproject worden intensiever gevolgd, maar die hebben zich allemaal vrijwillig opgegeven.''

Een ander punt. Hoe staat het met de beveiliging? Hoe kunnen we voorkomen dat de buurman onze wasmachine uitschakelt, dat meterstanden gemanipuleerd worden, of dat de fraaie infrastructuur van leidingen, repeaters en gateways door slimme jongens als gratis privénet wordt gebruikt? Griffioen: ""Ik denk dat het feit dat je met sterkstroom te maken hebt veel mensen van experimenteren zal afhouden. Maar we zullen dit aspect tijdens de proefperiode goed bestuderen.''

Wat kost het? Griffioen schat de jaarlijkse kosten per aansluiting op een bedrag van negentig gulden. Daar staan vele besparingen tegenover: geen meteropnemers, geautomatiseerde notaproduktie, effectief optreden tegen wanbetalers (het zal mogelijk zijn wanbetalers op afstand geheel of gedeeltelijk "af te snijden') en waarschijnlijk een geringer energieverbruik. Al die besparingen zullen volgens hem telemeting tot een rendabele zaak maken. ""U ziet wel, telemeting gaat verder dan het aflezen van de meter.''

Afbeeldingen: Met de "frequency hopping'-techniek van het bedrijf Datawatt is het mogelijk de meterstanden zo te versturen dat ze niet door stoorsignalen worden aangetast. De standen worden meermalen en op verschillende frequenties uitgezonden. Daardoor wordt de invloed van kortdurende stoorpulsen en van continue smalbandige stoorsignalen geëlimineerd. Er zijn altijd wel een paar boodschappen die onbeschadigd doorkomen, bovendien kunnen verschillende beschadigde boodschappen nog tot één intact signaal worden gereconstrueerd.

Op de netspanning kan zonder bezwaar een boodschap worden "gesuperponeerd'. Een bit in een boodschap is herkenbaar aan het aan beide kanten "omklappen' van de sinus ("frequency shift keying'). In het ontvangstation worden boodschappen en netspanning weer van elkaar gescheiden.

Huiseenheid en elektriciteitsmeter voor telemeting Met de "frequency hopping'-techniek van het bedrijf Datawatt is het mogelijk de meterstanden zo te versturen dat ze niet door stoorsignalen worden aangetast. De standen worden meermalen en op verschillende frequenties uitgezonden. Daardoor wordt de invloed van kortdurende stoorpulsen en van continue smalbandige stoorsignalen geëlimineerd. Er zijn altijd wel een paar boodschappen die onbeschadigd doorkomen, bovendien kunnen verschillende beschadigde boodschappen nog tot één intact signaal worden gereconstrueerd.