Panel van GATT keurt steun van Bonn aan Deutsche Airbus af

ROTTERDAM, 16 JAN. Een panel van de GATT heeft de Duitse steun aan het vliegtuigconsortium Airbus veroordeeld, steun die door de Europese Commissie is goedgekeurd maar door de Verenigde Staten wordt aangevochten.

De veroordeling door het panel wordt overigens pas een formele veroordeling als die met algehele stemmen door de commissie "subsidies' van de GATT wordt overgenomen.

De VS dienden in februari 1991 een klacht in bij de GATT (Algemene overeenkomst over tarieven en handel) tegen de Europese Commissie, het dagelijkse bestuur van de Europese Gemeenschap, die de Duitse overheidssteun aan Airbus had goedgekeurd. Airbus is een consortium van Europese vliegtuigbouwers, dat bestaat uit vliegtuigproducenten in Duitsland, Spanje, Groot-Brittannië en Frankrijk.

De Duitse regering had het Duitse onderdeel van Airbus (Deutsche Airbus) compensatie toegezegd om het bedrijf te beschermen tegen schommelingen van de dollarkoers. Zodra de dollar minder dan 1,60 mark zou noteren, zou de Duitse overheid te hulp schieten.

Daimler Benz, het grootste Duitse concern, had destijds deze compensatie afgedwongen voor de overname van Messerschmitt-Bölkow-Blohm, het Duitse deel van Airbus. Volgens de Amerikanen gaven de Duitsers in 1990 390 D-mark aan compensatie. De Duitse regering heeft steeds gezegd dat deze steun noodzakelijk was om de overgang van staatsbedrijf naar particuliere onderneming mogelijk te maken. De Amerikaanse regering en de Amerikaanse vliegtuigbouwers vinden dit een vorm van exportsubsidie die in strijd is met de regels van de GATT. Airbus op zijn beurt verwijt juist de Amerikanen dat zij hun vliegtuigbouwers steunen met omvangrijke defensie-opdrachten.