Tbilisi in greep van de angst

TBILISI, 15 JAN. In de Georgische hoofdstad Tbilisi dient de ochtend zich aan met hanengekraai en geweersalvo's. Niet dat de gevechten nog voortduren sinds dinsdag de gewapende oppositie erin slaagde president Zviad Gamsachoerdia op de vlucht te jagen. “Maar er zijn zoveel wapens hier. Veel mensen durven de straat niet op”, zegt een inwoner van de stad.

Wie het er toch op waagt - na het verstrijken van het uitgaansverbod tussen tien en zes uur - staat meestal in de rij voor brood of andere eerste levensbehoeften. Want Tbilisi, eens een relatieve hoorn des overvloeds in het Sovjet-bestel, kampt nu met tekorten. “De boeren durven deze kant niet meer op”, aldus een inwoner. “Er zijn mensen met automatische pistolen op pad, die de winkels afstropen.” En het zal nog wel erger worden omdat de aanhangers van Gamsachoerdia, die zich in het westen van deze voormalige Sovjet-republiek hergroeperen, de aanvoerlijnen naar de hoofdstad, wegen en veerverbindingen, hebben geblokkeerd.

In het centrum, aan de Boulevard Roestaveli, bekijken de schaarse voorbijgangers wat er gebeurt met een stad als de inwoners elkaar met raketwerpers gaan bestoken. De stalinistische structuur van het parlementsgebouw met zijn Ionische zuilen heeft ernstig geleden. Ook het negentiende-eeuwse schoolgebouw ernaast is verwoest. Van het ministerie van verbindingen is het dak naar beneden gekomen. Een aantal andere gebouwen, waaronder het Hotel Tbilisi, is geheel afgebrand. Het moet de strijders worden nagegeven dat zij het kerkje binnenin dit maanlandschap onverlet hebben gelaten. Daarvan zijn alleen de ruiten gesprongen, door de kracht van de explosies.

Volgens premier Tengiz Segua, een van de nieuwe sterke mannen in de voormalige Sovjet-republiek, is de situatie in Tbilisi aardig onder controle. “Wat in West-Georgië gebeurt, valt niet serieus te nemen”, meent hij, “binnen twee weken, verwacht ik, hebben we de zaken volledig onder controle in de hele republiek”. Een nieuwe schietpartij nabij het Zuid-Ossetische Tschinvali (24 huizen verwoest, twee doden) beschouwt hij als een door aanhangers van de afgezette president veroorzaakte provocatie. Het nieuwe bewind in Tbilisi wil aan deze bloedige nationaliteitenoorlog in Zuid-Ossetië een eind maken.

Pag 5:

Gamsachoerdia wordt beschuldigd van genocide

Segua heeft vandaag met afgezanten uit Tsjetsjeno-Ingoesjetië gesproken, vertelt de premier. Daarbij is hem verzekerd dat Tsjetsjenië, een gebied in de Noord-Kaukasus dat zich van Rusland zegt te hebben afgescheiden, Gamsachoerdia geen asiel zal verlenen. En Armenië, waar de gevluchte president tijdelijk verblijft, is gevraagd om uitlevering op grond van een internationale conventie tegen "genocide'. "Genocide' in Zuid-Ossetië is maar één van de verwijten die de nieuwe machthebbers inbrengen tegen de afgezette president. Daar is bijvoorbeeld het verwijt van persoonlijke verrijking: honderden miljoenen roebels zouden door Gamsachoerdia naar het buitenland zijn gebracht, en ook harde valuta. Uit de dierentuin van Tbilisi zou hij ter verfraaiing van zijn eigen buitenhuis een tijger, paarden, een pauw en een kangoeroe hebben laten overkomen.

“Een familie-dictatuur”, zegt Segua, met 37 auto's voor de familie Gamsachoerdia, waarvan zes buitenlandse. “Toen op 28 december de minister van binnenlandse zaken opdracht kreeg te schieten, werd die order aan de minister overgebracht door de zuster van de vrouw van de president.” Dat de president geestelijk niet geheel in orde geweest zou zijn, wenst de premier ernstig te betwijfelen. “Weliswaar zijn er veel papieren die dat zogenaamd bewijzen, maar die zijn nog uit vroeger tijden”, aldus Segua.

Hij doelt daarmee op de tijd waarin Gamsachoerdia door de KGB in een psychiatrisch hospitaal was opgesloten, toen hij begon als een vechter voor vrijheid en democratie. In die tijd was Segua zelfs nog zijn medestander, evenals Zjala Josseliani, aanvankelijk chef van Gamsachoerdia's Nationale Garde en later leider van de gewapende milities die vorige week het parlementsgebouw bestormden en de president verdreven.

Wanneer zijn zij tot de ontdekking gekomen dat Gamsachoerdia géén democraat was, als wij ons deze diplomatieke vraag mogen veroorloven?

“Een juiste vraag”, zegt Segua geruststellend. Hij maakt trouwens op deze verslaggever en andere niet-Georgische waarnemers een betrouwbare en intelligente indruk. “Het is geleidelijk gegaan, in zekere zin heeft Gamsachoerdia zijn eigen graf gegraven door alle oppositionelen en critici steeds maar tegen zich in het harnas te jagen. Wie had aanvankelijk kunnen denken dat hij de persvrijheid zou afschaffen, opposanten zou laten martelen, dat hij zou afzien van de privatisering van staatseigendom en de boeren de beloofde grond zou onthouden? Hij wilde in ieder opzicht de oude centralistische structuren laten voortbestaan, om zelf te kunnen heersen.”

Nu zal, volgens Segua, een begin worden gemaakt met economische, politieke en andere hervormingen, naar het voorbeeld van Rusland. Vandaag zijn ook in Georgië de prijzen geliberaliseerd, al heeft door de tekorten en het feit dat veel winkels hun deur gesloten houden, eigenlijk niemand dat in de gaten gehad.

De nieuwe machthebbers doen inmiddels verwoed hun best de democratie te herstellen en willen het parlement van Georgië in het "Huis van de film' tot nieuwe verkiezingen laten besluiten. Maar omdat veel afgevaardigden, aanhangers van Gamsachoerdia en anderen, wegblijven is het nog niet gelukt om tot het vereiste quorum te komen. Als dat zo blijft, aldus Segua, zal een "volksvergadering' worden bijeengeroepen om de soevereiniteit van de staat te waarborgen. Inmiddels is bij decreet de vorig jaar gestaakte registratie van nieuwe politieke partijen en onafhankelijke kranten hervat.

Op het stationsplein in Tbilisi verzamelden zich gisteren opnieuw enkele honderden aanhangers van de verdreven president. Volgens ooggetuigen ging het voornamelijk om mensen wier familieleden door Gamsachoerdia uit communistische gevangenschap zijn bevrijd, of die anderszins verontwaardigd zijn over de gewapende machtsovername. Bij die machtsovername zijn volgens het ministerie van gezondheid 107 doden en 420 gewonden gevallen. Na de aanvankelijke wilde schietpartijen heeft de huidige regering opdracht gegeven pro-Gamsachoerdia demonstranten ongemoeid te laten. Er waren vandaag toespraken per megafoon, maar leidende intellectuelen of politici hielden zich verre van de bijeenkomst.

Van de meeste inwoners van Tbilisi lijkt zich inmiddels een grondige scepsis meester te hebben gemaakt. “Onder de communisten was er tenminste rust en eten”, zegt iemand. “Hoe dit verder gaat, kan niemand weten.” De Georgische politieke wereld, menen velen, is niet zozeer volgens formele, laat staan democratische criteria georganiseerd, maar meer volgens lijnen van familie, vriendschap, clan, om over het verschijnsel mafia nog maar te zwijgen. “De nieuwe leiders zullen nog moeten bewijzen dat het bij hen anders ligt”, meent een inwoner van Tbilisi. “Er is een goede kans dat het vechten nog lange tijd doorgaat.”