Athene boos over advies erkenning Macedonië

ATHENE, 15 JAN. Op het Griekse ministerie van buitenlandse zaken werd gisteravond laat uiting gegeven aan “hevige tegenstand en verbazing” over het rapport van de toetsingscommissie Badinter, waarin wordt gesteld dat er geen bezwaren zijn tegen erkenning door EG-landen van de republiek Macedonië. Bij het vormen van deze conclusie was de commissie, aldus het Griekse ministerie, uitsluitend afgegaan op juridische argumenten van de minister van buitenlandse zaken van "Skopje' - zoals de republiek hier wordt genoemd - zonder dat hij had geluisterd naar die van Athene, die mede van politieke aard waren. Ook was totaal voorbijgegaan aan signalen van de Albanese, Servische en Montenegrijnse minderheden in de betreffende republiek.

Het advies is inderdaad een klap in het gezicht van de Griekse regering en vooral van premier Mitsotakis persoonlijk, die een maand geleden, na een bespreking van de EG-ministers van buitenlandse zaken in Brussel, de Grieken triomfantelijk op de televisie kwam vertellen dat de EG-landen hadden besloten “de republiek van Skopje niet onder de naam Macedonië te erkennen”.

In werkelijkheid waren de ministers op verzoek van hun Griekse collega Samarás slechts overgegaan tot een toevoeging aan de erkenningsnormen, volgens welke de republieken geen naam mochten aannemen die aanspraken op gebied van EG-landen inhield. De toetsingscommissie stelt nu laconiek dat de naam Macedonië zulke aanspraken niet behelst.

Mitsotakis, die gisteravond terugkwam van een spectaculaire bliksemtournee waarbij hij binnen één dag drie hoofdsteden - Belgrado, Bonn en Rome - aandeed, behield met zichtbare moeite zijn optimisme. Hij zei nog steeds te verwachten dat "Europa' niet tot erkenning van "Macedonië' zou overgaan. President Mitterrand had diezelfde dag verklaard, niet buiten Athene om zulk een besluit te zullen nemen, en ook Kohl en Genscher hadden zich namens Duitsland in deze zin uitgelaten. Wat Italië betreft, premier Andreotti had hem gerustgesteld dat zulk een erkenning “voor het moment niet aan de orde was”.

Het is in Athene echter maar al te bekend dat de Italiaanse minister van buitenlandse zaken De Michelis - die gisteren niet in Rome was maar op bezoek in Nigeria - er een voorstander van is, zulks in het voetspoor, zo zegt men hier, van de paus wiens politiek hij zal volgen. “Uitlatingen zoals De Michelis ze heeft gedaan, en die misverstanden teweeg kunnen brengen tussen twee bevriende staten met een gemeenschappelijke politiek op de Balkan, moeten in de toekomst worden voorkomen”, had Mitsotakis in Rome verklaard.