Johan Cruijff

Ik moet bekennen, altijd nog iets meer te hebben opgehad met de voetballer Johan Cruijff dan met de trainer-coach van die naam.

Als voetballer kon je hem bijna onbelemmerd waarnemen, hoe briljant hij was, hoe hij boven anderen uitstak. Natuurlijk was zelfs hij mee afhankelijk van wat ploeggenoten en tegenstanders presteerden of achterwege lieten, maar zijn individuele verrichtingen kwamen glashelder over. Ter opvolging van Pele werd hij 's werelds beste voetballer en slechts weinigen waren het met die eretitel niet eens. Omdat hij toch een feilbaar mens was, speelde hij een enkele keer onder zijn niveau. Zoals in Madrid tegen Atletico, waar hem zo weinig lukte, dat hij zijn mede-Ajacieden dringend verzocht hem niet meer aan te spelen. Maar dat was een zeer grote uitzondering. Cruijff: Hendrik Johannes, fenomeen. Dat was de titel van een intrigerend boek van Nico Scheepmaker.

In dat boek meldde de schrijver hoe de 17-jarige Cruijff, die zojuist tot de hoofdmacht van Ajax was doorgedrongen, tot de vaderlandse sportpers doordrong: nauwelijks. Hij speelde toen louter vriendschappelijke wedstrijden. Als 18-jarige debuteerde hij tegen GVAV. Ajax verloor met 3-1, Cruijff scoorde, maar werd niet onmiddellijk als een groot talent herkend door de pers. Men schreef november '64. “Ajax had de 18-jarige Cruijff (fout, hij was toen zeventien) een kans gegeven, maar het maakte niet veel uit.” Hoe zijn naam geschreven moest worden was evenmin algemeen bekend. De Volkskrant had het over "Kruyff', net als Het Parool. Pas een jaar later was de k in een c veranderd. “Invaller Cruyf (een f te weinig) versloeg DWS.”

Tegenwoordig is de trainer-coach voortdurend in het nieuws, maar hem kunnen we moeilijk los zien van de man die eens zo fenomenaal voetbalde. Het is de kracht van Cruijff, dat zijn sport totaal geen geheimen voor hem heeft en dat hij alles nog zelf kan demonstreren. Dat was ook de sterkte van Max Merkel, die halverwege de jaren vijftig bondscoach was. Maar Merkel was een stoere Oostenrijkse verdediger geweest in de stijl van Theo Laseroms. Hij diende een voedzame eenpansmaaltijd op, maar voor de haute cuisine was hij niet genoeg kok. Cruijffs kennis werkt vaak inspirend op zijn discipelen. Menig prominent voetballer van vandaag erkent, dat hij van Cruijff het meeste heeft geleerd. Maar soms wordt het de spelers te veel van het goede. Riep niet dat andere grote talent Marco van Basten, dat hij zich soms “suf geluld” voelde?

Moet deze uiterst-eigenzinnige, maar begaafde Cruijff Oranje tijdens de eindronden van het WK-1994 leiden? Kennelijk voelt de KNVB zich ertoe verplicht, want anders zou men toch geen duo bestuurders tot tweemaal toe naar Barcelona hebben gestuurd om hun landgenoot te benaderen. Toen een van hen, Paul Boels voor de camera kwam vertellen, hoe die gesprekken verlopen waren, kreeg ik het gevoel dat men met de pink op de naad van de broek had gestaan. Men kan het aan J.C. overlaten, een voordeelspositie uit te buiten. Daarmee wil niet gezegd zijn dat men een noodlottige weg is ingeslagen. Cruijff wordt geacht het vermogen te bezitten over een korte periode het maximum uit een ploeg te halen, mits hij alle macht in handen heeft. Bewezen is dat weliswaar nog niet en men moet zich waarschijnlijk ook niet inbeelden dat het dan alles voortdurend pais en vree is in de spelersgroep - Cruijff is al heel lang voorstander van het bewust creëren van conflictsituaties om zo scherp mogelijk te presteren - maar zoals de zaken nu staan zullen de spelers vermoedelijk alleen met Cruijff als kapitein het gevoel hebben, de hele wereld aan te kunnen. Dat kan tot alles leiden - zelfs tot een wereldtitel. Maar je moet er zonder Cruijff wel eerst komen. Daarvoor moet dus Advocaat zorgen.