Geen Colijn

Rabbijn L.B. van de Kamp haalt, vrees ik, in zijn bijdrage "Colijn revisited' (NRC Handelsblad, 11 januari) over het vluchtelingenbeleid van de Nederlandse overheid twee zaken volkomen door elkaar.

Enerzijds bepleit hij dat de overheid zich bij haar restrictieve beleid ten aanzien van hen die asiel aanvragen niet mag laten leiden door de vrees dat een ruimer beleid meer onverdraagzaamheid ten opzichte van vreemdelingen onder de gevestigde bevolking zou veroorzaken. Dit restrictieve beleid stimuleert volgens hem degenen die een negatieve visie op vreemdelingen hebben.

Anderzijds gaat hij volkomen voorbij aan de vraag of allen die hier politiek asiel aanvragen omdat zij zeggen in hun land van herkomst vervolgd althans gediscrimineerd te worden, daar nu werkelijk vervolgd worden. Hij herinnert aan de Duitse joden die na de Kristallnacht in Duitsland in november 1938 niet onbeperkt in Nederland werden toegelaten, hoewel zij in Duitsland in levensgevaar verkeerden.

Wil rabbijn Van de Kamp beweren dat de Russische immigranten uit Israel die hier te lande politiek asiel hebben aangevraagd, in Israel werkelijk in levensgevaar verkeerden?