FIS doet oproep tot oorlog tegen machthebbers Algerije

ALGIERS, 14 JAN. Het FIS, het Front van Islamitische Redding, heeft gisteravond het volk en het leger van Algerije opgeroepen om tegen de machthebbers ten strijde te trekken. Men dient zich “op elke eventualiteit voor te bereiden.”. Alle politieke leiders en kaders van het FIS, inclusief de “voorlopige” voorzitter Abdelkader Hachani, zijn ondergedoken. Zij hebben de archieven laten weghalen uit het hoofdkantoor van het FIS in Algiers, waar alleen nog buitengewoon nerveuze ondergeschikten rondlopen.

Het FIS heeft al zijn stalletjes in de stad met verkiezingsmateriaal voor de tweede, thans geannuleerde verkiezingsronde van donderdag weggehaald. Dat gebeurde, nadat het leger in de nacht van zondag op maandag was begonnen met het arresteren van FIS-activisten en imams.

Ondanks de oorlogsverklaring van het FIS zijn de vijandelijkheden nog niet begonnen. Het was gisteren opvallend rustig in Algiers en, voor zover bekend, ook elders in het land. Iedereen in dit van voetbal bezeten land keek naar de wedstrijd Algerije-Ivoorkust, die - aldus El-Moudjahid vanochtend op de voorpagina - “in een ongelooflijke nederlaag” eindigde: 0-3.

Maar de regering zal naar verwachting zeer binnenkort de uitzonderingstoestand uitroepen, in elk geval vóór vrijdag. De uitzonderingstoestand biedt volgens de grondwet de autoriteiten gedurende een onbeperkte periode de mogelijkheid om uitzonderlijke maatregelen te nemen - volgens dezelfde regels als ten tijde van een oorlog, doch zonder oorlog met de buurlanden. Dan krijgt het leger de volledige vrijheid van handelen en mogen de machthebbers zich rechtens alles permitteren, zoals het opschorten, dan wel verbieden van bepaalde politieke partijen, het instellen van censuur en het sluiten van kranten.

Het FIS riep gisteren nog niet de jihad (de Heilige Oorlog) uit, omdat alleen de hoogste geestelijkheid dat kan doen. Maar alles wijst erop dat Algerije, als in een Grieks drama, langzaam maar onvermijdelijk afglijdt naar een golf van geweld, wellicht zelfs naar een burgeroorlog. Toch troosten velen zich met de gedachte dat het misschien allemaal toch nog zal meevallen. Zij die deze mening verkondigen, wijzen op de nog fellere verklaringen die (de thans gevangen) FIS-leider Abassi Madani vorig jaar juni aflegde.

Communiqué nummer vijf van het FIS van gisteravond luidde: “Het aftreden van de president is ongrondwettig.”

Pag 4:

'Niemand mag neutraal blijven'

Het is slechts een fase in het algehele komplot, dat erop gericht is een misdaad te plegen tegen Algerije en tegen het islamitische project. Het aanvaarden van het ontslag (van de president) door de Raad van de Grondwet geeft aan dat het land in handen is van een kliek die op onwettige wijze aan de macht is gekomen (..)

De kliek die aan de macht is, heeft verraad gepleegd tegenover God, Zijn profeet en de moslims, door zich meester te maken van de keuze van het volk, teneinde zijn despotische instincten te bevredigen en de behoeften van de Nieuwe Wereldorde te beantwoorden (...)

Gezien de ernst van de situatie mag niemand van dit grote volk neutraal blijven in deze moeilijke periode in de strijd tussen enerzijds Algerije, zijn volk en zijn religie, en anderzijds het kolonialisme en zijn handlangers en spreekbuizen. Daarom roepen wij de strijders, de geleerden, de denkers, de imams, de officieren van het leger, de soldaten, de kinderen van de martelaren, de sociale organisaties en allen die de belangen van het strijdende en gewonde Algerije aan het hart gaan alsmede allen die de godsdienst aan het hart gaat, op om zich als één man te keren tegen de gekochte kliek die aan de macht is.

De situatie is uitermate ernstig en wij moeten op alles voorbereid zijn om het land, zijn soevereiniteit en zijn kinderen te redden.''

Goed geïnformeerde zegslieden in Algiers en FIS-sympathisanten hebben geen enkele twijfel dat het FIS tot geweld overgaat. Want als het FIS niets doet, wordt het langzamerhand door de nieuwe machthebbers opgerold. Dan moeten de FIS-leiders al hun mooie beloften, grote woorden en dreigementen inslikken.

Men weet alleen nog niet precies hoe en wanneer dat geweld zich zal manifesteren. De makkelijkste manier om de overheid te bestrijden is het plegen van bomaanslagen en het aanvallen van verspreide leger- en gendarmerieposten. Dat laatste is in het verleden - nog in december - herhaaldelijk gebeurd - vaak op gruwelijke wijze om zoveel mogelijk angst aan te jagen.

Het FIS beschikt voor dergelijke doelen over enige duizenden (het precieze aantal is onbekend) goed geoefende strijders, die in Afghanistan hebben gevochten. Bovendien zijn ongetwijfeld veel afgezwaaide dienstplichtigen bereid om voor de islam te vechten. Sjeik Ali Belhadj, de meest geëerde leider van het FIS en sinds een half jaar in de gevangenis, bevestigde dat vorig jaar: “Elementen van het leger, de politie en de gendarmerie die Allah vereren, zullen niet aarzelen om zich tegen de generaals te keren.”

Maar de effectiefste strijdmethode is om te werk te gaan naar het voorbeeld van de Islamitische Revolutie in Iran, dat wil zeggen met her en der verspreide, doch permanente demonstraties in het hele land. Het is uitgesloten om de dienstplichtigen tegen dit soort demonstraties in te zetten, terwijl ook het beroepsleger (in totaal 55.000 man) de grootste problemen zou krijgen als daarbij voortdurend doden zouden vallen.

De naaste omgeving van premier Ghozali is dan ook helemaal niet zo zeker van de overwinning op het FIS. Volgens een zegsman uit die kring “hadden wij geen andere keus. We weten absoluut niet of we het redden met de staatsgreep. Het is inderdaad een gok. Als we het niet redden, zijn we tenminste vechtend ten onder gegaan.”

Het doel van de verkapte staatsgreep is volgens deze zegsman om van Algerije een modern en open land maken met een markteconomie. “Het maakt ons niets uit wie of welke partij dat doet. Maar we willen onder geen beding een herhaling van de verkiezingen die we net hebben gehad. Die verkiezingen gingen niet over politieke programma's, maar over een totaal andere vorm van samenleving. Allen die het niet met het islamitische programma eens zijn, zouden na de verkiezingsoverwinning van het FIS langzamerhand zijn geliquideerd.”

Maar de onvermijdelijk lijkende oorlog met het leger stelt ook het FIS voor ernstige problemen. De harde kern van het FIS - de mannen die bereid zijn eventueel hun leven voor Allah te offenren - is ongetwijfeld veel sterker geworden sinds “de gebeurtenissen van juni” vorig jaar, toen het FIS tot de onmiddellijke oprichting - zonder stemming - van en islamitische republiek opriep. Hun aantal wordt door deskundigen geschat op ongeveer honderd- tot tweehonderdduizend. Maar aan de andere kant is de aanhang van het FIS de laatste anderhalf jaar sterk teruggelopen, zoals blijkt uit de uitslagen van de parlementsverkiezingen van 26 december. Het FIS behaalde toen 3,2 miljoen stemmen - een miljoen minder dan bij de gemeenteraadsverkiezingen van juni 1990.

Beide partijen zijn beter voorbereid op een eventuele oorlog. In juni vorig jaar beging de overheid een ernstige fout door het FIS toe te staan al zijn aanhangers op de pleinen van Algiers te laten verzamelen. Zij werden pas na groot geweld schoongeveegd. Nu zijn de FIS-wijken en -steden zodanig afgegrendeld dat niet meer dan een paar duizend militanten per wijk de straat op kunnen. Overal heeft het leger zo onzichtbaar mogelijk manschappen opgesteld om bij het minste of geringste probleem in actie te komen. En marsen of demonstraties zijn niet langer toegestaan.

De jeugdige aanhangers van het FIS die niet zozeer door godsdienstijver zijn bevlogen als wel door het gevoel dat zij eindelijk een identiteit hebben gekregen en een rol kunnen vervullen, zijn iets onzekerder geworden. Een alleenstaande, werkende vrouw woont in één van de door het FIS gecontroleerde wijken van Algiers. Zij vertelt dat op haar werk en op straat zowel opgeschoten jongens als mensen “die altijd een beetje jaloers en haatdragend waren”, haar voortdurend de les lazen en intimiderende opmerkingen maakten, als “Het is echt beter voor je om op het FIS te stemmen. Anders krijg je het later op je boterham”. Die mensen, zegt ze, gedragen zich sinds twee dagen opmerkelijk veel beter.

Maar andere FIS-getrouwen die je op straat tegen komt, halen de schouders op. Zij strijken over hun baard en zeggen: “Wat het leger ook doet, het maakt niets uit. De islamitische staat komt er, dat staat vast. God heeft het het zo gewild.”