Ambitie

Ik mag mee naar een concert. Ik moet zelfs mee, want zoiets heb ik vast nog nooit gehoord. Een veertienjarig meisje speelt het vioolconcert van Tsjaikovski. Ik verkleed me.

's Ochtends was er een lastig bericht in de Austin American Statesman. Mevrouw Holloway, de moeder van een vijftienjarig meisje, had het beste met haar dochter voor, wilde dat zij de cheerleader van de school zou worden en huurde een moordenaar in om de even oude rivale van haar dochter onschadelijk te maken. De man had er wel oren naar: hij kreeg veel geld en daar kon hij cocaïne van kopen, om even te vergeten dat hij als een mislukkeling werd beschouwd.

Zo luidde althans de officiële beschuldiging, gebaseerd op het afluisteren van de telefoon. De moeder kreeg levenslang en ging in beroep.

In de Amerikaanse samenleving oogst je het meeste applaus wanneer je als jongetje zegt dat je president wil worden. Het hoogste, het beste. Op de weg waarvan het einddoel zo ver weg ligt en waar veel kapers op de kust zijn, worden de talloze frustraties geboren, die in uitlaatkleppen als films, boeken en toneelstukken geventileerd worden.

Traditioneel gezien is de vrouw de drijvende kracht achter de ambitie van de man. The Lady in the White House. In voornoemde cultuuruitingen krijgt de vrouw als hoofdpersoon ook vaak die rol toebedeeld.

Naarmate de vrouw de laatste decennia zich meer concentreert op een eigen carrière, is dat beeld aan het verwelken. Maar in de provincie, en zo wordt Austin gezien, is het nog lang niet zo ver, hoewel Texas sinds een jaar een vrouwelijke gouverneur heeft. En al verdwijnt de vrouw als motor achter de man, ze blijft nog steeds de moeder voor haar kinderen.

Als cheerleader ben je de aanvoerster van alle toeters en bellen die het sportteam moet ondersteunen. Je bent letterlijk en figuurlijk het meest in beeld, je hebt de meeste kans op jongens - twee jaar geleden bracht een twaalfjarige jongen een cheerleader negenendertig keer dolksteken toe - en wellicht is het een opstap naar een verdere publieke carrière.

Het concert is een groot succes. De bijna puber Leila Josefowicz is behoorlijk uit de kluiten gewassen. De cadenzen geven haar alle kans te excelleren. De ene arpeggio na de andere. Trouwens het vioolconcert van Tsjaikovski is voor de liefhebber een must. Net als de toegift: Paganini. Verbazend virtuoos met staande ovaties.

Maar na afloop blijf ik me afvragen wat het nu eigenlijk met muziek te maken had. Leila's stok zwaaide door de lucht, als de degen van een stierenvechter. Met de afstreek leek ze de spots te willen raken en ze liep het toneel af alsof ze daar twee jaar lang een cursus voor had gevolgd. Als ik mijn ogen dichtdeed, hoorde ik staalharde klanken.

In de wandelgangen is het argument niet of de muziek wel of niet mooi was, maar dat deze muziek door een jong meisje ten gehore werd gebracht. Telkens weer riepen mijn gastheer en de bekenden die we tegenkwamen elkaar toe: “En dat ze pas veertien is. Kan jij je dat voorstellen?”

Niet de muziek, maar het feit dat Leila als soliste optreedt, algemeen als talent wordt erkend en succes heeft, dat doet de mensen haar bewonderen. In haar ziet men de kans op het eigen succes. Natuurlijk kent iedereen de fatale afloop van ambitie, maar heimelijk koestert een ieder de wens dat hij als enige aan die verdoemde cirkel zal ontsnappen. Met die hoop draait men weer een tijdje mee in de industrie.

Soms loopt het mis zoals met mevrouw Holloway, soms lukt het zoals met Leila, tijdelijk, want als ze straks opgebrand is herinnert men zich het fenomeen en niet meer de persoon. In elk geval niet deze uitvoering uit de muziekindustrie.