Shell: "Koks kwartje' is geen succes

ROTTERDAM, 13 JAN. Het "kwartje van minister Kok' van vorige zomer, de accijnsverhoging voor benzine en de belastingverhoging voor auto's die op diesel en autogas rijden, heeft niet geleid tot een verminderd gebruik van de auto.

Dat heeft Shell, marktleider voor autobrandstoffen in Nederland, bekendgemaakt. Het olieconcern constateert nog wel een omzetverlies voor de Nederlandse pomphouders in een strook van 25 kilometer langs de grens met België omdat de benzineprijs bij de zuiderburen belangrijk lager is. Tonn Hoff, verkoopontwikkelaar van Shell, becijfert het landelijk effect daarvan in het bedrijfsblad Shell Venster op een verlies van 1,5 procent in de totale benzine-omzet. Daardoor vloeit circa 100 miljoen gulden aan potentiële accijns- en BTW-ontvangsten weg naar België, “plus een niet te becijferen verlies aan omzet bij de middenstand, omdat mensen hun zaterdagse boodschappen over de grens gaan doen.”

Volgens het ministerie van financiën was de totale extra opbrengst van het "kwartje van Kok' in de tweede helft van 1991 635 miljoen gulden.

Na 6 juli, de datum van de accijnsverhoging (22 cent voor ongelode benzine en 31 cent voor gelood) brak er volgens Hof een "angstige stilte' aan bij de benzinepompen. Tot en met augustus zag Shell de benzine-omzet hier en daar met een kwart dalen, maar de cijfers over september en oktober wezen uit dat de automobilist alweer aan de hogere prijzen gewend was geraakt. Landelijk was het volume in de verkopen weer ongeveer gelijk aan dat in dezelfde maanden in 1990.

In de grensstreek met Duitsland is de benzine-verkoop praktisch gelijk gebleven, met hier en daar zelfs een kleine groei omdat Duitsland de accijnzen nog iets meer opschroefde dan Nederland. Na de accijnsverhoging is het verkoopaandeel van ongelode benzine met 6 procentpunten gestegen, tot 70 procent.