"Regeerakkoord' in de badmintonbond

De Nederlandse Badminton Bond heeft de keuze tussen een toekomst als pure recreatiebond dan wel als topsport- èn recreatiebond voor zich uitgeschoven. Op de dag dat Eline Coene zilver en brons won in Taiwan gaf de bondsvergadering zaterdag weliswaar haar fiat aan het topsportplan van bondscoach Martijn van Dooremalen, maar tegelijkertijd werd de financiële invulling opengelaten.

Onder het toeziende oog van zijn voorgangster Riena de Beer moest Jos Nouwt, de voorzitter van de NBB, al zijn diplomatieke kwaliteiten aanwenden om een aantal ambitieuze plannen er doorheen te loodsen. “We willen veel meer gaan doen voor de recreanten èn voor de top. Het ging mij er in eerste instantie om dat principe erdoor te krijgen. Om dat te bereiken, moest ik uiterst voorzichtig te werk gaan,” verduidelijkte Nouwt zijn "op-eieren-lopen'. “Doordat we een verleden hebben met financiële debâcles is de achterban buitengewoon voorzichtig waar het gaat om investeringen. Ik begrijp dat heel goed vanuit mijn verleden als districtsvoorzitter. Daar heb ik ook duidelijk op ingespeeld. Mijn primaire bedoeling was om de bondsvergadering warm te krijgen voor een aantal plannen. Dat is gelukt. De financiële consequenties van het aannemen van het convenant zullen later besproken worden.” Jos Nouwt, als topambtenaar op het ministerie van financiën gewend aan het politieke bedrijf, presenteerde zaterdag zijn "convenant' als een soort regeerakkoord. “We hebben vandaag in grote lijnen de route uitgestippeld tot 1997. We willen veel meer gaan doen aan topsport en we willen de clubs meer ondersteunen.”

De afgevaardigden gingen daar graag in mee, maar tegelijkertijd waren ze doodsbenauwd om zich financieel te binden. De maximaal vijf gulden contributieverhoging werd vooralsnog niet geslikt. Het spook van nieuwe financiële ellende hangt als een dreigend zwaard van Damocles boven de badmintonbond. Twee jaar geleden viel het bestuur-De Beer, omdat er op het gebied van de pecunia het een en ander was misgegaan. Bondsvoorzitter Nouwt, zelf als financieel expert werkzaam onder minister Wim Kok, heeft wat dat betreft zijn lesje geleerd. Hij neemt geen enkel risico, en schuift de zaken nog maar liever wat vooruit.

Maar de vraag is of de badmintonbond wel echt in staat is om een toekomstgericht beleid te voeren. Dat het nodig is om te investeren, met een contributieverhoging van maximaal vijf gulden, realiseert het "NBB-parlement' zich terdege, maar tegelijkertijd is dat volgens Henk van der Meer, voorzitter van het grootste district (Zuid-Holland), moeilijk aan de man/vrouw te brengen: “Badmintonverenigingen hebben vooral veel recreatieve leden, en die zien een verhoging van de contributie om de top te steunen niet zo zitten.”

De vraag is daarom of de tevredenheid van Jos Nouwt en van bondscoach Van Dooremalen over het aannemen van onder meer de plannen om te komen tot meer topsport-steunpunten wel terecht is. De zestig afgevaardigden hebben zaterdag immers alle vrijheid gekregen om in juni nee te zeggen tegen de financiële gevolgen. Mocht dat alsnog gebeuren, dan is Van Dooremalen na de Olympische Spelen meteen verdwenen. De Brabander wil het liefst als technisch directeur verder, maar hij wenst zijn expertise niet langer in dienst stellen van een bond die afhankelijk is van min of meer "toevallige' toppers.

Voor een totale uitwerking van zijn plannen (acht topsportsteunpunten) zegt Van Dooremalen twee miljoen per jaar nodig te hebben. Vooralsnog is hij voor het komende kalenderjaar tevreden met tweeëneenhalve ton extra.