"Op Spelen ook op de 500 meter'

Schaatsster Herma Meijer verraste afgelopen weekeinde door tijdens wereldbekerwedstrijden op de 1000 meter aan de limiet te voldoen voor de Olympische Winterspelen in Albertville. Op de hooggelegen baan van het Italiaanse Collalbo realiseerde de niet genomineerde Assense een tijd van 1.23,10, drietiende seconde binnen de door het olympisch comité gestelde richttijd. Meijer gold een paar jaar geleden als de gedoodverfde opvolgster van Yvonne van Gennip, tot ze om onverklaarbare redenen een vrije val maakte in haar prestaties. Afgelopen zomer werd ze uit de kernploeg gezet.

Ben je geschrokken?

Ik had het natuurlijk niet verwacht. Ik ben wel gestart met het idee om de limiet te halen. Maar ik wist dat het heel moeilijk zou worden. Dat mijn trainingsopbouw was gericht op de Spelen van Lillehammer (in '94, red.) is onzin. Iedereen wil naar Albertville.

Wat is er het afgelopen seizoen met je gebeurd?

Ik zie het als een combinatie van factoren. Ik ben gaan samenwonen, ik heb het druk gehad met mijn bloemenwinkel, dat heeft allemaal een rol gespeeld. In mijn trainingsprogramma heb ik me misschien te veel afgemat. Toen kreeg ik de klap te verwerken dat ik uit de kernploeg werd gezet. Mijn masseur Wim Abbing heeft me er afgelopen zomer echt doorheen moeten slepen. Ik heb ook veel te danken aan mijn trainer Roelof Smeenge, die voor een andere opbouw koos. Ik wilde revanche nemen op de Begeleidings Commissie Kernploegen, die ik verantwoordelijk stelde voor het feit dat ik niet meer terug mocht komen in de kernploeg. Vrouwencoach Arie Koops had mij er graag bij willen hebben. En ex-kernploegtrainer Jan Wiebe Last heeft de BCK ook niet negatief geadviseerd. Wel zei Last tegen mij: zorg dat het dit seizoen geen wraakactie wordt.

Wat zijn je ambities voor de nabije en verre toekomst?

Ik heb nog niets gehoord van het NOC, maar limiet is limiet. Ik wil in Albertville ook op de 500 meter starten. Ik rijd nog het Nederlands kampioenschap sprint en verder zal ik me wel aansluiten bij de sprintploeg. Daar liggen ook mijn ambities voor de toekomst. Al hoopt Koops dat ik me nog verder ontwikkel als allrounder. Maar sprinten vind ik toch het leukste. Bij de allrounders krijg je daarvoor te weinig gelegenheid.