Tussen de verdoemden van Skid Row; "De straat is zo'n beetje mijn enige familie'

Alice Callaghan koos Skid Row als haar werkterrein.

In dit hellegat van Los Angeles, waar alleen de onderkant van de Amerikaanse onderklasse terecht komt, probeert zij pensions op te kopen en tot groepswoningen te verbouwen. Geen middel laat zij onbenut om Skid Row te behoeden voor de slopershamer. Want de armoede mag er dan leven van schietpartijen en verkrachtingen, voor velen is het een laatste toevluchtsoord.

"Hé Chico, giiiive back here,' gilt de vrouw. Ze staat er verloren bij in haar rode mini-jurk en namaak-bont dat ooit wit moet zijn geweest. Haar zwarte haren hangen in slierten voor haar gezicht. Maar Chico is vliegensvlug. Nog even zien we in de verte een bruine jas bewegen. Dan is hij weg. Met de dollars van de schreeuwende mini-jurk.

De daklozen van Seventh Street slapen onverstoorbaar verder. In eindeloze rijen liggen ze zij-aan-zij tegen de muren, onder dekens van plastic en karton, tussen lege blikjes en bakken met etensresten. Bedwelmd door de geur van verrotting en urine die de atmosfeer verstikt.

Groepjes zwarten hangen doelloos bij elkaar. Wollen mutsen, jassen met gaten, schoenen zonder zolen. Een paar oude winkels en pensions zijn met planken dichtgespijkerd. Onder het zwakke licht van de snackbar snuiven vier jongens cocaïne, aan formica-tafeltjes. Midden op de weg vlamt een vuur van dozen en kapotte autobanden.

Het is oorlog in Skid Row, een getto in het hart van Los Angeles. Hier woont de onderkant van de onderklasse: verslaafden, prostituées, daklozen en fabrieksarbeiders die na hun ontslag zijn afgegleden naar de zelfkant van de samenleving.

Het is oorlog om te overleven, elke dag opnieuw. De travestiet probeert zich bedrogen klanten van het lijf te houden. De verslaafde rooft voor "crack'. De prostituée is bang dat zij het slachtoffer wordt van moordzuchtige mannen. En de werkloze arbeiders? Die proberen almaar uit handen te blijven van het obscure gezelschap waarin ze per ongeluk verzeild zijn geraakt.

""Skid Row zit vol gekken. Vol messen en pistolen'', zegt Alice Callaghan, terwijl ze zich langs een groepje verveelde dealers worstelt. Haar durven ze niets te doen. Alice is hulpverleenster.

Er is volgens haar maar één manier om de daklozen te helpen: ze een huis te geven. Al tien jaar vecht Alice om te verhinderen dat het stadsbestuur de uitgeleefde wijk neerhaalt die het winkelende publiek en de snelle zakenlieden in het centrum hindert. Ze zegt: ""De allerarmsten kunnen nergens anders heen.'' Hoeveel politie de bureaucraten en zakenbaronnen ook op de wijk afsturen om de armen van de straat te vegen, hoeveel tenten er ook worden opgezet, het probleem van de daklozen zal niet verdwijnen totdat er fatsoenlijke huisvesting is.

Callaghan lobbyde en lobbyde en wist advocaten en financiers voor zich in te nemen zodat ruim een jaar geleden de Skid Row Housing Trust kon worden opgericht. Een organisatie die oude krotten opkoopt en verbouwt tot appartementen voor alleenstaanden. Alice wil de stadsbestuurders overhalen om te doen wat geen enkele Amerikaanse stad heeft gedurfd: Skid Row redden, niet voor de speculanten maar voor de mensen die er leven.

Ze zegt: ""Sinds de Tweede Wereldoorlog zijn in deze stad geen betaalbare wooneenheden meer gebouwd voor alleenstaanden met lage inkomens. Alleen aan gezinnen werd gedacht. Toen Reagan regeerde, werd fors bezuinigd op het opknappen van huizen. Overal in de grote steden werden woningen afgebroken om plaats te maken voor de plannen van projectontwikkelaars. Afschuwelijk. Door de recessie wordt er bijna geen nieuw huis meer gebouwd, terwijl steeds meer mensen op straat komen te staan.''

Dertig miljoen nieuwe banen beloofde de huidige president Bush tijdens zijn verkiezingscampagne in 1988. In plaats daarvan is het aantal werkende Amerikanen gedaald van 117,3 miljoen tot 116,9 miljoen. Niet dramatisch, maar toch kan het aantal nieuwe banen de toenemende werkloosheid niet compenseren. Ruim 33 miljoen Amerikanen leven inmiddels onder de armoedegrens. En naarmate de recessie langer duurt stijgt het aantal daklozen, zo blijkt uit een onderzoek naar thuislozen in Amerikaanse steden als Chicago, New York en Los Angeles. Naar schatting 208.000 mensen leven op straat; een derde van hen heeft ernstige psychische gebreken.

Genesis

Een pas geschilderd huis tussen de krotten in Main Street. Drie verdiepingen in groene en gele pasteltinten. Violators will be prosecuted staat op een bordje te lezen. Dit is Genesis, een van de pensions die Alice heeft opgekocht en opgeknapt. Brede trappen, veel ramen, een gemeenschappelijke keuken en woonkamer met grote palmen. Een veilige haven midden in het gewelddadige Skid Row. ""Zo kunnen alle elfduizend daklozen uit de buurt wonen: schoon, betaalbaar en safe'', zegt Alice vastberaden.

Haar filosofie schrijft zachte kleuren en veel licht voor. Dan voelen de meesten zich op hun gemak. De huur bedraagt gemiddeld 230 dollar per maand. Meer kunnen de bewoners niet betalen. Als je een serieuze baan hebt, blijf je niet in Skid Row. In Genesis wonen nu 64 mensen. Ze komen van de straat. Sommigen werken, anderen niet. Alice: ""Het is belangrijk voor ze om samen te eten. Dan kunnen ze ervaringen uitwisselen en worden ze weer wat socialer, wat aangepaster, in hun gedrag.''

John, een voormalige onderhoudsmonteur, is onlangs naar Genesis verhuisd. Al sinds 1942 woont hij in goedkope pensions in de binnenstad van L.A. Boven zijn bed heeft hij met waterverf enkele vissen geschilderd. Hij leeft van zijn pensioen. John is gelukkig in Genesis. Hiervoor zat hij in een hotel waar geen verwarming was. De badkamer was telkens stuk. Het pension lag in het gevaarlijkste deel van Skid Row; 23 keer werd hij overvallen. Of hij familie heeft? ""Jawel, maar ik weet niet waar ze zijn.''

Hier in Main Street is het iets minder hard, zegt Alice als we weer buiten lopen. In het Rosslyn-hotel, wijst ze, hebben ze vorige week nog een man naar buiten gegooid. Hartstikke dood. Laatst is er iemand in de badkamer vermoord. Nee, Rosslyn is ruig. Het oogt grauw en vuil als een fabriek uit de vorige eeuw. Flarden gordijn waaien naar buiten. Uit bijna elk raam hangen zwarte vrouwen. Hun holle ogen staren de straat in.

Lapjesdeken

Alice kwam in 1981 naar Skid Row, toen ze 34 was. Ze is een kleine, atletische vrouw, draagt een kaki-kleurige rok, een licht gestreepte blouse met opgestroopte mouwen en loopt op haar onafscheidelijke witte sneakers. Ze werkte met daklozen in Pasadena, vlakbij L.A. Een vriendin haalde haar over naar Los Angeles te komen waar de problemen veel ernstiger zijn. De stad is het afgelopen decennium de thuishaven van de daklozen in Amerika geworden.

Terwijl steeds meer midden-klassers Californië verlaten - de laatste twee jaar is ruim een miljoen inwoners uit de staat vertrokken vanwege de vervuiling, de overbevolking en de hoge huizenprijzen - trekt het warme klimaat illegalen, immigranten en thuislozen uit andere streken van Amerika juist aan. ""De belastingbetalers die wegtrekken worden vervangen door mensen die alleen maar gebruik maken van overheidsvoorzieningen waarvoor ze niet betalen'', klaagt gouverneur Pete Wilson. Geschat wordt dat er 100.000 tot 160.000 mensen zonder verblijfplaats door Los Angeles zwerven.

Volgens de Amerikaanse schrijver David Rieff is L.A. - een lapjesdeken van etnische en raciale enclaves - hard op weg de "hoofdstad van de Derde Wereld' te worden. Alleen al de Latino's maken met drie miljoen een derde uit van de bevolking in Los Angeles County.

De Beach Boys en de Eagles zijn allang niet meer de stem van Californië. Los Lobos, de Mexicaanse zanggroep, de romans van de Chinese Amy Tan en Boyz N the Hood geven nu de toon aan. Het aantal kleurlingen groeit snel. Tien jaar geleden bestond driekwart van Californië nog uit blanken, vorig jaar was dat met 57 procent nog net iets meer dan de helft. In het jaar 2000 zullen de blanken tot een van de vele minderheden behoren.

Met de nieuwkomers stijgt de misdaad. Vooral in Skid Row, de wijk tussen Third en Seventh Street. Hier leeft de armoede van schietpartijen, gevechten en verkrachtingen. Met 786 moorden, 35.769 ernstige mishandelingen en 28.410 berovingen in 1991 staat Los Angeles in de misdaad-top-drie van Amerika. Het is er net iets minder erg dan in Washington, waar naar verhouding meer moorden worden gepleegd. Maar de drugsoorlogen die de verschillende bendes in L.A. met elkaar voeren, zijn zonder weerga. Volgens de politie opereerden afgelopen jaar honderdduizend jongeren in 950 bendes in de stad, twee keer zoveel als vijf jaar geleden. Het zijn vooral Koreanen, Latijnsamerikanen en Cambodjanen. Het gaat er hard aan toe. ""Het is hier net Vietnam'', zei de openbare aanklager van de Drugs-eenheid tegen de Los Angeles Times.

Puinhoop

Alice Callaghan is vast van plan verbetering te brengen in Skid Row. ""Je kunt genoeg doen. Ik werkte hier acht maanden en dacht: dit is onacceptabel voor vrouwen en kinderen. Het was enorm gevaarlijk. Veel vrouwen werden verkracht, kinderen mishandeld. In die smerige hotels deelde iedereen de badkamer met prostituées, spuiters en travestieten. Dat was een puinhoop. We zijn meteen begonnen om vrouwen en kinderen daar weg te halen. Het grootste deel hebben we onder dak gekregen.

""Kijk, als je alleen arm bent en geen huis hebt, ga je niet naar Skid Row. Daar kom je terecht als je er slechter aan toe bent. Als je verslaafd bent aan de drugs of de alcohol. Of als je geestelijk gestoord bent.''

De oorzaak van hun problemen? Cocaïne, uiteen gevallen gezinnen. De stijgende werkloosheid raakt steeds meer jonge zwarten. Ze kunnen hun kamer niet meer betalen en worden uit de gemeenschap gestoten. Zij hebben vrijwel geen kans meer er bovenop te komen. ""Vandaag zei er nog een tegen mij: "ik wil van de drugs af.' Maar er is een wachtlijst van acht maanden! Zo weinig programma's zijn er in de stad om verslaafden te behandelen.''

De hulp die er is, komt van de missieposten. De staat doet niets. De paters hebben nood-tenten opgezet, delen voedsel uit en lenen hun oor aan eenzame zielen.

Alice is priester bij de Anglicaanse kerk, een radicale priester. Ze praat liever niet over zichzelf. Je jeugd, zegt ze, is zoiets speciaals, iets dat je voor jezelf moet houden. Net zoiets als tranen die je moet bedwingen.

Toen ze op de middelbare school zat besloot ze non te worden. Vroeger was ze meer op de surfplank te vinden dan in de schoolbanken en werd ze van de ene naar de andere school gestuurd. Een katholieke school in Anaheim, vlakbij L.A. wilde haar wel hebben. Maar toen het tijd werd de kloostergeloften af te leggen, zag ze er vanaf. Het celibaat, dat leek haar niets. Wel wilde ze ""dit soort werk'' doen. Desnoods als lid van de Anglicaanse kerk. Dat vereiste een graad in theologie, dus besloot ze in Claremont theologie te studeren.

Alice kon niet tegen onrecht. In 1981 protesteerde ze tegen El Salvador door de Amerikaanse ambassadeur bloedige foto's onder de neus te schuiven. Ze demonstreerde tegen de oorlog in Vietnam, tegen de behandeling van landarbeiders en tegen het deporteren van illegale Latijnsamerikaanse immigranten.

Acties die haar in de gevangenis deden belanden. Leuk vond de kerk dat niet en de bisschop stuurde haar naar Londen om met daklozen te werken. Ze kon er iets tot stand brengen. Toen ze terugkeerde, kwam ze uiteindelijk in Skid Row terecht. Een vriend die de Katholieke Soepkeuken had opgezet, stelde voor gezinnen in de wijk te helpen. Ze richtten Las Familias del Pueblo op, een opvangcentrum voor kinderen en immigranten die werken in de kleding-industrie.

""We doen eigenlijk aan oproer-beheersing'', zegt Alice als we bij het centrum zijn aangekomen. Ze lacht. Maar ook hier worden banden van auto's gehaald, fietsen gestolen en de ruiten van Las Familias liggen regelmatig aan diggelen. Binnen is het een oorverdovend lawaai. Kinderen springen over elkaar heen, rollen over de grond en een televisie schettert het nieuws de kamer in. De kinderen komen van arme immigrantenfamilies uit Guatemala, Honduras, Mexico. Hun vaders en moeders werken in de aftandse textielfabrieken aan de rand van Skid Row. Ze naaien vaak elf uur per dag, zeven dagen in de week voor een hongerloon van 46 dollar.

Alice zou Alice niet zijn als ze niet een legertje advocaten had om hier iets aan te doen. Soms trekken ze de fabriek in om een gesprek met de baas af te dwingen over betere betaling. Lukt dat niet, dan zetten ze buiten de fabriek een stand op waar werknemers advies kunnen krijgen. In Las Familias zelf worden ook cursussen Engels gegeven voor immigranten en naailessen zodat ze makkelijker een baan kunnen vinden. En als er problemen zijn met de huur of het zoeken van een woning, vinden Alice of een van haar twee medewerkers altijd wel een oplossing.

Ninja Turtle

Vandaag is Rubin op bezoek, een verlegen krullebol van tien. ""Rubin is doof'', zegt Alice. ""We hebben moeten vechten en vechten om hem op een speciale dovenschool te krijgen. Uiteindelijk is dat gelukt. De hele week woont hij nu intern op een school in River Side, hier vlakbij. Thuis deden ze helemaal niets voor hem. Zijn vader is spoorloos en hij heeft een heel onverantwoordelijke moeder, uit Mexico. Prostituée. Ze steekt geen vinger naar hem uit'', zucht Alice en vangt een papieren vliegtuigje op dat komt aansuizen. In enkele minuten snuit ze een kind de neus, zet een jongetje een Ninja Turtle-masker op, telefoneert met een collega van de Skid Row Housing Trust en geeft Pedro een standje omdat hij een vriendje op zijn hoofd slaat.

Tegelijkertijd lopen er verdwaasde straatfiguren in en uit. Ze kunnen mee-eten, gratis telefoneren of een glaasje water drinken in Las Familias. Soms hebben ze gewoon behoefte aan iemand die aardig tegen ze doet. Patricia is er ook, om even onder de douche te gaan. Ze wast ramen en verdient als prostituée wat bij. Waarom ze op de straat leeft? ""Het is goedkoop. Het is zo'n beetje de enige familie die ik heb.''

Laatst heeft Patricia een aids-test gedaan, vertelt Alice. Negatief. Prachtig, had Alice gezegd, een goede reden om uit de business te gaan. Patricia is verslaafd en voor een verslaafde kan Alice geen uitkering versieren. Op een dag lukt het misschien om haar van de straat te houden. Alice heeft geduld. Het minste dat ze nu kan doen is Patricia een beetje respect en vriendelijkheid bieden. Als je nog maar weinig hebt, is dat vaak al heel wat.

Uitgezogen door huisbazen

Alice raakte tegen wil en dank betrokken bij de problemen van Skid Row. Ze kreeg in Las Familias kinderen van ouders, vaak illegalen die met z'n tienen in een kamertje in de wijk woonden. Ze werden uitgezogen door huisbazen, die met de politie dreigden zodra de huurverhoging niet werd betaald. Het waren onmenselijke toestanden waar iets aan gedaan moest worden. Alice liep de deur plat bij het stadhuis om het gemeentebestuur zover te krijgen verloederde panden te onteigenen, huisjesmelkers die zwart verdienden aan te pakken en de buurt op te knappen.

Twee jaar geleden besloot Alice dat ze het heft beter in eigen hand kon nemen. Ze had al een heel kader pro-deo advocaten dat haar hielp. Toen ze een aantal prominente zakenlieden en rijke kerkelijke organisaties zover wist te krijgen om de financiering op zich te nemen, kon de Skid Row Housing Trust van start gaan. Met de eerste miljoenen kocht ze vier vervallen hotels in de wijk op en liet deze opknappen tot leefbare een-persoons-appartementen. Inmiddels staan elf panden op de nominatie om te worden verbouwd. Winst hoeft er niet gemaakt te worden. Als de kosten maar gedekt worden en de vier medewerkers van de Housing Trust betaald kunnen worden.

Alice en haar helpers leveren goedkope huisvesting èn een beetje psychische hulp. Op die manier proberen ze de kwaliteit van het leven voor de armen te verbeteren. Het is iets. Alleen, de problemen met alcohol, drugs en de werkloosheid zijn groot. Daar kunnen zij niet tegenop. De overheid zal meer moeten doen.

Alice: ""Er wordt gezegd dat het je eigen schuld is als je geen huis en geen werk hebt. Daar geloof ik niet in. Mensen die dit beweren, zijn blind. Veel daklozen hebben hun leven lang gewerkt. Maar Amerikanen weigeren in te zien dat een aantal problemen in dit land structureel is. Ze geloven nog steeds in een of andere Amerikaanse Droom. Maar Amerika is fundamenteel aan het veranderen. Veel banen verdwijnen overzee en komen niet meer terug. Kijk naar General Motors of naar de kleding-industrie die naar Korea verhuist.

""Amerikanen zoeken een gemakkelijke zondebok en schelden op de luie daklozen, de immigranten, de zwarten. Maar veel zwarten leven al decennia zonder hoop. Voor hun bestaat de Amerikaanse Droom niet. Driekwart kan niet meekomen in de klas. Thuis hebben ze honger, is het koud. Vader of moeder is weggelopen. Vaak kan niemand in het gezin zelfs lezen. Je moet een behoorlijk getalenteerd kind zijn om je uit zo'n belabberde situatie te werken. Het gaat om generaties en generaties van mislukkingen.

""Ik wil heus niet iedereen in Skid Row een slachtoffer van zijn omgeving noemen. Ik zou alleen niet weten wat k zou doen als ik met het verkopen van drugs op de hoek van de straat evenveel kan verdienen als mijn ouders in een heel jaar. Dat is de gekte. Elke dag horen we dat er meer bezuinigd wordt op het schoolsysteem en op sociale programma's. Het wordt steeds moeilijker om arm te zijn.''

's Avonds om zeven uur ruimt ze de rommel op in Las Familias. De kinderen worden opgehaald en slapen thuis, sommigen wonen in L.A., anderen buiten de stad. Voor deze families van immigranten is de situatie anders dan voor de bewoners van Skid Row. Zij zijn bezig aan hun way up. Ze wonen met z'n allen op een piepklein kamertje, verdienen weinig en klagen niet. ""Een Amerikaan zou zo niet kunnen leven'', zegt Alice. ""Als zij iets te kort komen, stelen ze al gauw de rest bij elkaar. De Amerikanen leven in Skid Row aan de echte onderkant.''

Nog één keer loopt Alice door de straat. Ze wil zoveel mogelijk contact houden, kijken of er niemand mishandeld wordt, of er nog hulp nodig is. Dan stapt ze in haar roestige rode Volvo-station op weg naar haar kleine appartement in Pasadena. Daar leeft ze in stilte een Spartaans bestaan met haar boeken en enkel een futon om op te slapen. Het bestuur van de Skid Row Housing Trust moest haar dwingen de 26.400 dollar aan jaarsalaris te accepteren.

""Ik kan me goed redden'', zegt Alice. ""De Bijbel zegt: je moet de armen kleden en de hongerigen voeden. Ik voel me verplicht hiermee door te gaan. Je kunt niet zeggen: nu heb ik genoeg gedaan, ik hou er mee op. We càn do enough. Ik wil voldoende geld bij elkaar krijgen om nog meer huizen te kopen. Als we erin slagen alle 65 pensions in handen te krijgen, zal de buurt aanzienlijk verbeteren en kunnen alleenstaanden, ouderen, gehandicapten en armen een fatsoenlijke woning krijgen.

""Het zou de eerste keer in de Amerikaanse geschiedenis zijn dat een wijk als Skid Row wordt gered. De eerste vijf jaar mogen er geen panden worden gesloopt. Dat is ons al gelukt. We hebben een kans. Of we winnen, weet ik niet. Maar we moeten alles doen om het te proberen.''